- Arrest van 25 oktober 2011

25/10/2011 - P.11.0419.N

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
Wanneer de eigenaar of de vruchtgebruiker van een beschermd monument of van een in een beschermd stads- of dorpsgezicht gelegen onroerend goed, die verzuimt door de nodige instandhoudings- en onderhoudswerken het monument in goede staat te behouden en niet te ontsieren, te beschadigen of te vernietigen, een rechtspersoon is, is deze krachtens artikel 5, eerste lid, Strafwetboek strafrechtelijk verantwoordelijk voor het in die bepalingen bedoeld misdrijf; deze strafrechtelijke toerekening aan de rechtspersoon doet evenwel geen afbreuk aan de toepassing van artikel 5, tweede lid, Strafwetboek, zodat de rechter die de rechtspersoon strafrechtelijk verantwoordelijk stelt wegens het optreden van een geïdentificeerde natuurlijke persoon die de fout wetens en willens heeft gepleegd, het misdrijf ook aan die natuurlijke persoon kan toerekenen en hem samen met de verantwoordelijke rechtspersoon schuldig kan verklaren (1). (1) Zie: Cass. 29 mei 2007, AR P.07.0205.N, AC, 2007, nr. 279.

Arrest - Integrale tekst

Nr. P.11.0419.N

I

C M G C,

beklaagde,

eiser,

vertegenwoordigd door mr. Johan Verbist, advocaat bij het Hof van Cassatie.

II

Y G M F,

beklaagde,

eiser.

III

TALLEVIS nv, met zetel te 8583 Avelgem (Bossuit), Bouvriestraat 3, met als lasthebber ad hoc mr. Johan VYNCKIER,

beklaagde,

eiseres,

alle cassatieberoepen tegen

GEMACHTIGD AMBTENAAR ONROEREND ERFGOED, met kantoor te 1210 Brussel, Koning Albert II laan 19, bus 22,

eiser tot herstel,

verweerder.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

De cassatieberoepen zijn gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Gent, correctionele kamer, van 28 januari 2011.

De eiser I voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan.

De eisers II en III voeren geen middel aan.

Raadsheer Alain Bloch heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal Marc Timperman heeft geconcludeerd.

II. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

Middel van de eiser I

Eerste onderdeel

1. Het onderdeel voert schending aan van artikel 5 Strafwetboek en de artikelen 11, 13, § 1bis, 14 en 15 Monumentendecreet, zoals van toepassing zowel vóór als na de wijziging bij decreet van 21 november 2003: het arrest oordeelt dat het bij het decreet ingevoerde stelsel van wettelijke toerekening niet uitsluit dat de rechter het misdrijf toerekent aan een andere persoon dan de eigenaar die als strafrechtelijk toerekenbaar is aangewezen; het verklaart de eiser I schuldig omdat hij wetens naliet het nodige te doen opdat de eiseres III haar verplichtingen op grond van het Monumentendecreet zou nakomen evenals wegens een persoonlijke fout; artikel 5 Strafwetboek heeft niets gewijzigd aan de enkelvoudige toerekening waarbij de wetgever het misdrijf specifiek toerekent aan een persoon met een bepaalde hoedanigheid, zoals deze van eigenaar van een onroerend goed.

2. Artikel 11, § 1, Monumentendecreet bepaalt dat de eigenaars en vruchtgebruikers van een beschermd monument of van een in beschermd stads- of dorpsgezicht gelegen onroerend goed ertoe gehouden zijn door de nodige instandhoudings- en onderhoudswerken het in goede staat te behouden en niet te ontsieren, te beschadigen of te vernietigen.

Artikel 13, § 1, 3°, Monumentendecreet stelt het verzuim van deze verplichting strafbaar.

3. Uit deze bepalingen volgt dat wanneer de eigenaar of de vruchtgebruiker van het beschermd monument of van het in een beschermd stads- of dorpsgezicht gelegen onroerend goed een rechtspersoon is, deze krachtens artikel 5, eerste lid, Strafwetboek strafrechtelijk verantwoordelijk is voor het in die bepalingen bedoeld misdrijf.

4. Deze strafrechtelijke toerekening aan een rechtspersoon doet evenwel geen afbreuk aan de toepassing van artikel 5, tweede lid, Strafwetboek.

5. De omstandigheid dat het Monumentendecreet de eigenaar of de vruchtgebruiker strafbaar stelt, staat niet eraan in de weg dat de rechter dit misdrijf ook toerekent aan de persoon die in rechte of in feite de ware verantwoordelijke is voor het nakomen van de verplichtingen van de rechtspersoon en door zijn persoonlijk optreden schuld heeft aan het nalaten van de rechtspersoon.

6. Hieruit volgt dat wanneer de rechtspersoon strafrechtelijk verantwoordelijk wordt gesteld wegens het optreden van een geïdentificeerde natuurlijke persoon die de fout wetens en willens heeft gepleegd, het misdrijf ook aan die natuurlijke persoon wordt toegerekend. De rechter die dit vaststelt, kan bijgevolg de natuurlijke persoon samen met de verantwoordelijke rechtspersoon schuldig verklaren.

Het onderdeel dat uitgaat van een andere rechtsopvatting, faalt naar recht.

Tweede onderdeel

7. Het onderdeel voert schending aan van artikel 149 Grondwet: het arrest is dubbelzinnig gemotiveerd en zijn redenen laten het Hof niet toe de wettigheid van de beslissing na te gaan.

8. Met de redenen die het bevat, verklaart het arrest, zonder dubbelzinnigheid, de eiser I schuldig aan de feiten van de telastleggingen op grond van de persoonlijke fout die hij in zijn hoedanigheid van afgevaardigde bestuurder van de eiseres III gepleegd heeft. Met die redenen die geenszins dubbelzinnig zijn, is de beslissing naar recht verantwoord.

Het onderdeel kan niet aangenomen worden.

Ambtshalve onderzoek

9. De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen.

Dictum

Het Hof,

Verwerpt de cassatieberoepen.

Veroordeelt de eisers in de kosten van hun cassatieberoep.

Bepaalt de kosten op 223,44 euro waarvan elke eiser 74,48 euro verschuldigd is.

Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit raadsheer Paul Maffei, als waarnemend voorzitter, en de raadsheren Luc Van hoogenbemt, Koen Mestdagh, Alain Bloch en Peter Hoet, en op de openbare rechtszitting van 25 oktober 2011 uitgesproken door raadsheer Paul Maffei, als waarnemend voorzitter, in aanwezigheid van advocaat-generaal met opdracht André Van Ingelgem, met bijstand van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky.

Vrije woorden

  • Monumentendecreet

  • Beschermd monument

  • Onroerend goed gelegen in een beschermd stads- of dorpsgezicht

  • Verplichtingen van de eigenaar of vruchtgebruiker

  • Verzuim

  • Strafrechtelijke toerekening

  • Eigenaar of vruchtgebruiker die een rechtspersoon is