- Arrest van 23 november 2011

23/11/2011 - P.11.1092.F

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
De appelrechters die vaststellen dat de beklaagde in het bezit was gesteld van commerciële gegevens waarvan hij alleen maar het precair bezit had onder verplichting ze terug te geven, beslissen naar recht dat de daaropvolgende toeëigening van die gegevens de omschrijving misbruik van vertrouwen verantwoordde (1). (1) Zie concl. O.M. in Pas. 2011, nr. ...

Arrest - Integrale tekst

Nr. P.11.1092.F

E. S.,

Mr. Caroline De Baets, advocaat bij het Hof van Cassatie,

tegen

1. D. R.,

2. Mr. Pierre CAVENAILE, advocaat, optredend in de hoedanigheid van ver-effenaar van Prodis nv,

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Luik, cor-rectionele kamer, van 5 mei 2011.

De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan.

Raadsheer Gustave Steffens heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal Damien Vandermeersch heeft geconcludeerd.

II. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

A. Cassatieberoep van de eiser, beklaagde

1. In zoverre het cassatieberoep gericht is tegen de beslissing die, op de bur-gerlijke rechtsvordering van de tweede verweerder tegen de eiser, uitspraak doet over het beginsel van de aansprakelijkheid.

Middel

De eiser, die vervolgd wordt omdat hij commerciële gegevens heeft ontvreemd uit het bedrijf waar hij werknemer was, verwijt de appelrechters dat zij de feiten be-wezen hebben verklaard onder de omschrijving misbruik van vertrouwen, zonder te hebben vastgesteld dat hij de beschikking had over die zaken, in de zin van ar-tikel 491 Strafwetboek.

Het arrest oordeelt dat de eiser, die in zijn hoedanigheid van commercieel direc-teur vrije toegang had tot de bedrijfsgegevens, op het ogenblik van de beëindiging van de arbeidsovereenkomst nog in het bezit was van de commerciële gegevens van het bedrijf ofschoon hij die diende terug te geven, en dat die gegevens, meer bepaald bij een huiszoeking in zijn woning waren aangetroffen.

Het wijst er eveneens op dat de eiser zich die zaken op het einde van zijn contract bedrieglijk heeft toegeëigend met het onrechtmatige oogmerk een vennootschap te begunstigen waarvan het maatschappelijk doel hetzelfde is als dat van de ven-nootschap die hij had verlaten.

Op grond van die overwegingen, die inhouden dat de eiser in bezit was gesteld van de gegevens waarvan hij alleen maar het precair bezit had onder verplichting ze terug te geven, beslissen de appelrechters naar recht dat de daaropvolgende toeëigening van die gegevens de omschrijving misbruik van vertrouwen verant-woordde.

Het middel kan niet worden aangenomen.

2. In zoverre het cassatieberoep gericht is tegen de beslissing die, op de bur-gerlijke rechtsvordering van de tweede verweerder tegen de eiser, uitspraak doet over de omvang van de schade

Het arrest kent de verweerder een provisionele schadevergoeding toe, houdt de uitspraak over het overige gedeelte van de vordering aan, en verdaagt het onder-zoek ervan naar een niet nader genoemde datum.

Een dergelijke beslissing is geen eindbeslissing in de zin van artikel 416, eerste lid, Wetboek van Strafvordering, en valt niet onder de in het tweede lid van dat ar-tikel bepaalde gevallen.

Het cassatieberoep is niet ontvankelijk.

B. Het cassatieberoep van de eiser, burgerlijke partij

De eiser voert geen middel aan.

Dictum

Het Hof,

Verwerpt het cassatieberoep.

Veroordeelt de eiser in de kosten.

Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, tweede kamer, te Brussel, door afdelingsvoorzitter ridder Jean de Codt, afdelingsvoorzitter Frédéric Close, de raadsheren Benoît Dejemeppe, Pierre Cornelis en Gustave Steffens, en in openbare terechtzitting van 23 november 2011 uitgesproken door afdelingsvoorzitter ridder Jean de Codt, in aanwezigheid van advocaat-generaal Damien Vandermeersch, met bijstand van afgevaardigd griffier Aurore Decottignies.

Vertaling opgemaakt onder toezicht van raadsheer Filip Van Volsem en over-geschreven met assistentie van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky.

De afgevaardigd griffier, De raadsheer,

Vrije woorden

  • Bestanddeel van het misdrijf

  • Precaire bezit van de zaak