- Arrest van 13 januari 2012

13/01/2012 - C.11.0209.F

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
Daar de eisers de verweerders aanmanen om de prijs te betalen van de koop waarvan de geldigheid door het bestreden arrest werd erkend, hebben zij stilzwijgend, doch zeker in dat arrest berust; het voorbehoud dat de eisers in de bevelakte maken is onverenigbaar met het bevel en kan dus geen enkel rechtsgevolg hebben.

Arrest - Integrale tekst

Nr. C.11.0209.F

1. M. T.,

2. L. D.,

Mr. Michel Mahieu, advocaat bij het Hof van Cassatie,

tegen

1. A. M.,

2. C. A.,

Mr. Huguette Geinger, advocaat bij het Hof van Cassatie.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Bergen van 7 juni 2010.

Afdelingsvoorzitter Albert Fettweis heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal André Henkes heeft geconcludeerd.

II. BESLISSING VAN HET HOF

Over het door de verweerders tegen het cassatieberoep aangevoerde middel van niet-ontvankelijkheid: de eisers berusten in het bestreden arrest

De eisers betwistten de geldigheid van de op 6 oktober 2007 ondertekende onderhandse koopovereenkomst betreffende de verkoop op lijfrente door henzelf aan de verweerders van de blote eigendom van een pand in Arquennes. In die onderhandse koopovereenkomst was de betaling bedongen van een contant bedrag (bouquet) bij de ondertekening van 50.000 euro en van een maandelijkse lijfrente van 800 euro.

Het bestreden arrest bevestigt het beroepen vonnis, beschouwt die onderhandse koopovereenkomst als geldig en veroordeelt de eisers om de authentieke koopakte te verlijden.

De eisers hebben bij een gerechtsdeurwaardersexploot van 4 maart 2011 aan de verweerders een bevel doen betekenen tot betaling van het contant bedrag en van de vervallen bedragen van de lijfrente "onder voorbehoud van vervolging door alle middelen rechtens" met vermelding dat zij, als de verweerders, elke verweerder wat hem betreft, geen gevolg geven aan dat bevel, "hem daartoe zouden dwingen door alle middelen en onder het voorbehoud van de mogelijkheid van cassatieberoep".

Daar de eisers de verweerders aanmanen om de prijs te betalen van de koop waarvan de geldigheid door het bestreden arrest werd erkend, hebben zij stilzwijgend, doch zeker in dat arrest berust.

Het voorbehoud dat de eisers in de akte van bevel maken is onverenigbaar met het bevel en kan dus geen enkel rechtsgevolg hebben.

Het middel van niet-ontvankelijkheid moet worden aangenomen.

Dictum

Het Hof,

Verwerpt het cassatieberoep;

Veroordeelt de eisers in de kosten.

Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, eerste kamer, te Brussel, door afdelingsvoorzitter Albert Fettweis, de raadsheren Sylviane Velu, Martine Regout, Mireille Delange en Françoise Roggen, en in openbare terechtzitting van 13 januari 2012 uitgesproken door afdelingsvoorzitter Albert Fettweis, in aanwezigheid van advocaat-generaal André Henkes, met bijstand van griffier Patricia De Wadripont.

Vertaling opgemaakt onder toezicht van raadsheer Beatrijs Deconinck en overgeschreven met assistentie van griffier Johan Pafenols.

De griffier, De raadsheer,

Vrije woorden

  • Burgerlijke zaken

  • Rechterlijke beslissing

  • Aanmaning

  • Stilzwijgende berusting

  • Voorbehoud

  • Onverenigbaar met het bevel