- Arrest van 2 november 2012

02/11/2012 - C.11.0703.N

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
Uit artikel 1414,eerste lid, Burgerlijk Wetboek en artikel 1416 Burgerlijk Wetboek volgt dat een gemeenschappelijke schuld die aangegaan is door een van de echtgenoten ook de andere echtgenoot verbindt en in de regel kan verhaald worden zowel op het gemeenschappelijk vermogen als op het eigen vermogen van elk van de echtgenoten (1). (1) Zie W. Pintens, C. Declerck, J. Du Mongh, K. Vanwinckelen, Familiaal vermogensrecht, Intersentia, 2010, 204-215, nrs. 355, 368 en 374; zie ook G. Verschelden, Handboek Belgisch Familierecht, Gandaius, 2010, 573 en 581, nrs. 1362 en 1387.

Arrest - Integrale tekst

Nr. C.11.0703.N

BARBADOS nv, voorheen Fimex bvba, met zetel te 9100 Sint-Niklaas, Park-laan 25,

eiseres,

vertegenwoordigd door mr. Bruno Maes, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1000 Brussel, Central Plaza, Loksumstraat 25, waar de eiseres woon-plaats kiest,

tegen

C.S.,

verweerster,

vertegenwoordigd door mr. Huguette Geinger, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1000 Brussel, Quatre Brasstraat 6, waar de verweerster woonplaats kiest.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Antwerpen van 24 maart 2011.

Afdelingsvoorzitter Eric Dirix heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal met opdracht André Van Ingelgem heeft geconcludeerd.

II. CASSATIEMIDDEL

De eiseres voert in haar verzoekschrift dat aan dit arrest gehecht is, een middel aan.

III. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

Middel

Ontvankelijkheid

1. De verweerster werpt op dat het middel niet ontvankelijk is omdat de appel-rechters de vordering ook afwijzen op grond van de niet-bekritiseerde reden dat de door de eiseres aangevoerde boekhouding de rekening-courantschuld van de verweerster niet bewijst.

2. De appelrechters oordelen dat de verweerster zich niet verbonden heeft als schuldenaar ten overstaan van de eiseres, dat de eiseres zich geen titel kan ver-schaffen ten overstaan van de echtgenoot die de schuld niet mee heeft aangegaan en dat het niet volstaat dat een schuld krachtens het toepasselijke huwelijksver-mogensstelsel als een gemeenschappelijke schuld moet worden aangezien.

Zij oordelen voorts dat niet moet worden ingegaan op de discussie aangaande de samenstelling van het debet van de rekening-courant.

De grond van niet-ontvankelijkheid moet worden verworpen.

Gegrondheid

Tweede onderdeel

3. Artikel 1414, eerste lid, Burgerlijk Wetboek bepaalt dat gemeenschappelijke schulden zowel op het eigen vermogen van elk der echtgenoten als op het ge-meenschappelijk vermogen kunnen worden verhaald.

Artikel 1416 Burgerlijk Wetboek bepaalt dat het gemeenschappelijk vermogen wordt bestuurd door de ene of door de andere echtgenoot die de bestuursbevoegdheden alleen kan uitoefenen, onder gehoudenheid voor ieder van hen om de bestuurshandelingen van de andere te eerbiedigen.

Hieruit volgt dat een gemeenschappelijke schuld die aangegaan is door een van de echtgenoten ook de andere echtgenoot verbindt en in de regel kan verhaald wor-den zowel op het gemeenschappelijk vermogen als op het eigen vermogen van elk van de echtgenoten.

4. De appelrechters oordelen dat:

- het debet van de rekening-courant tot stand gekomen is door betalingen die Fimex bvba, rechtsvoorganger van de eiseres, deed, hetzij rechtstreeks aan de verweerster en haar echtgenoot, hetzij aan derden voor schulden van het echt-paar;

- de verweerster in de voormelde vennootschap nooit enig bestuursmandaat heeft uitgeoefend en niet bij machte was om deze vennootschap betaling te laten doen in haar opdracht;

- de betalingen blijkbaar zijn gebeurd onder de bestuursverantwoordelijkheid van de echtgenoot van de verweerster;

- de geboekte betalingen ook ten goede zijn gekomen van de verweerster en zij weet had van welke betalingen via de vennootschap gebeurden.

5. De appelrechters die de vordering van de eiseres tegen de verweerster afwij-zen op grond dat het feit dat een schuld krachtens het toepasselijke huwelijksver-mogensstelsel als een gemeenschappelijke schuld moet worden aangezien, niet toelaat de echtgenoot, die zich zelf niet verbonden heeft als schuldenaar ten over-staan van de schuldeiser, te veroordelen om die schuld te betalen en dat de moge-lijkheid voor de eiseres om de betrokken schuld ook te verhalen op het gemeen-schappelijk vermogen van de echtgenoten of zelfs op het eigen vermogen van de verweerster hier niet aan de orde is, verantwoorden hun beslissing niet naar recht.

Het onderdeel is gegrond.

Dictum

Het Hof,

Vernietigt het bestreden arrest.

Beveelt dat van het arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernie-tigde arrest.

Houdt de kosten aan en laat de beslissing daaromtrent aan de feitenrechter over.

Verwijst de zaak naar het hof van beroep te Gent.

Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samen-gesteld uit afdelingsvoorzitter Eric Dirix, als voorzitter, afdelingsvoorzitter Eric Stassijns, en de raadsheren Alain Smetryns, Koen Mestdagh en Geert Jocqué, en in openbare rechtszitting van 2 november 2012 uitgesproken door afdelingsvoor-zitter Eric Dirix, in aanwezigheid van advocaat-generaal met opdracht André Van Ingelgem, met bijstand van griffier Johan Pafenols.

J. Pafenols

G. Jocqué

K. Mestdagh

A. Smetryns

E. Stassijns

E. Dirix

Vrije woorden

  • Gemeenschappelijke schuld aangegaan door een van de echtgenoten

  • Verhaalbaarheid