- Arrest van 14 juni 2013

14/06/2013 - C.12.0504.N

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1
Door de neerlegging ter griffie van het tussentijds proces-verbaal van beweringen en zwarigheden waarin de betwisting over de al dan niet verdeelbaarheid in natura van de onroerende goederen en het standpunt van de boedelnotaris was uiteengezet, is de betwisting aanhangig bij de rechtbank en kunnen partijen hun middelen en argumenten dienaangaande laten gelden (1). (1) Zie de strijdige concl. van het O.M.

Arrest - Integrale tekst

Nr. C.12.0504.N

L. R.,

eiser,

vertegenwoordigd door mr. Willy van Eeckhoutte, advocaat bij het Hof van Cas-satie, met kantoor te 9051 Gent, Drie Koningenstraat 3, waar de eiser woonplaats kiest,

tegen

G. S.,

verweerster,

vertegenwoordigd door mr. Michel Mahieu, advocaat bij het Hof van Cassatie, met kantoor te 1170 Brussel, Vorstlaan 36, waar de verweerster woonplaats kiest.

I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF

Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Antwerpen van 2 juli 2012.

Advocaat-generaal Christian Vandewal heeft op 18 maart 2013 een schriftelijke conclusie neergelegd.

Raadsheer Bart Wylleman heeft verslag uitgebracht.

Advocaat-generaal Christian Vandewal heeft geconcludeerd.

II. CASSATIEMIDDEL

De eiser voert in zijn verzoekschrift dat aan dit arrest is gehecht, een middel aan.

III. BESLISSING VAN HET HOF

Beoordeling

1. Uit de artikelen 1209 tot 1224 Gerechtelijk Wetboek, voor de wijziging er-van bij wet van 13 augustus 2011, volgt dat wanneer de notaris wordt geconfron-teerd met betwistingen of moeilijkheden die dermate essentieel zijn dat zij het op-stellen van een staat van vereffening beletten, hij een tussentijds proces-verbaal van beweringen en zwarigheden kan opstellen teneinde deze betwisting door de rechter te laten beslechten.

De betwisting wordt aanhangig gemaakt bij de rechtbank door de neerlegging van het tussentijds proces-verbaal, behoudens andersluidend akkoord van alle partijen dat een einde maakt aan de betwisting.

2. Uit de stukken waarop het Hof vermag acht te slaan, blijkt dat:

- notaris T. een tussentijds proces-verbaal heeft opgesteld waarin hij heeft uiteengezet dat hij het bestaan heeft vastgesteld van een betwisting die een probleem vormt voor het opstellen van een definitieve staat van vereffening en verdeling, met name een betwisting over de al dan niet verdeelbaarheid in natura van de onroerende goederen, bestaande uit een herenhuis en twee garages;

- notaris T. de partijen bij aangetekende brief heeft uitgenodigd om op 13 maart 2009 aanwezig te zijn op zijn kantoor om standpunt in te nemen over deze pro-blematiek;

- de eiser, hoewel hij regelmatig was uitgenodigd, op 13 maart 2009 niet is ver-schenen en het tussentijds proces-verbaal van beweringen en zwarigheden in zijn plaats werd ondertekend door de notaris aangesteld om de afwezige en weigerende partijen te vertegenwoordigen;

- notaris T. op 22 april 2009 het tussentijds proces-verbaal van beweringen en zwarigheden ter griffie van de rechtbank van eerste aanleg te Antwerpen heeft neergelegd.

3. Door de neerlegging ter griffie van het tussentijds proces-verbaal van bewe-ringen en zwarigheden waarin de betwisting over de al dan niet verdeelbaarheid in natura van de onroerende goederen en het standpunt van de boedelnotaris was uit-eengezet, was deze betwisting aanhangig bij de rechtbank en konden de partijen hun middelen en argumenten dienaangaande laten gelden.

4. Door te oordelen dat aangezien de eiser zijn eventuele zwarigheden tegen de vaststellingen van de boedelnotaris niet heeft laten kennen ter gelegenheid van de bijeenkomst van 13 maart 2009, waarop hij nochtans regelmatig was uitgenodigd, diens actuele zwarigheden zoals geformuleerd in de bladzijden 12 en volgende van zijn syntheseconclusies niet meer toelaatbaar zijn, verantwoorden de appel-rechters hun beslissing niet naar recht.

Het middel is gegrond.

Dictum

Het Hof,

Vernietigt het bestreden arrest.

Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernie-tigde arrest.

Houdt de kosten aan en laat de beslissing daaromtrent over aan de feitenrechter.

Verwijst de zaak naar het Hof van Beroep te Gent.

Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, eerste kamer, samen-gesteld uit afdelingsvoorzitter Eric Dirix, als voorzitter, afdelingsvoorzitter Eric Stassijns, en de raadsheren Beatrijs Deconinck, Alain Smetryns en Bart Wylleman, en in openbare rechtszitting van 14 juni 2013 uitgesproken door afdelings-voorzitter Eric Dirix, in aanwezigheid van advocaat-generaal Christian Vandewal, met bijstand van griffier Kristel Vanden Bossche.

K. Vanden Bossche B. Wylleman A. Smetryns

B. Deconinck E. Stassijns E. Dirix

Vrije woorden

  • Betwisting

  • Verdeelbaarheid in natura

  • Tussentijds proces-verbaal van beweringen en zwarigheden

  • Neerlegging ter griffie