- Arrest van 7 maart 2011

07/03/2011 - 2010/AB/00812

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1

Een vraag tot herroeping van de toelaatbaarheid van de collectieve schuldenregeling mag geen derdenverzet camoufleren, dat niet meer kan worden ingesteld omdat de termijn hiervoor verstreken is.


Arrest - Integrale tekst

rep.nr.

ARBEIDSHOF TE BRUSSEL

ARREST

OPENBARE TERECHTZITTING VAN 07 maart 2011

11 e KAMER

COLLECTIEVE SCHULDENREGELING - vorderingen collectieve schuldenregeling

Tegensprekelijk t.o.v. van appellante, de schuldenaar en de schuldbemiddelaar en bij verstek t.o.v. de schuldeisers

definitief

In de zaak:

D.C. D., schuldeiser,

Appellante, vertegenwoordigd door Mter. ERARD Katharina, advocaat te 1703 SCHEPDAAL, Oudstrijdersstraat 30,

Tegen:

Geïntimeerden :

1. V. H., schuldenaar,

verschijnend in persoon,

2. FOD ONTVANGKANTOOR LENNIK, schuldeiser, met maatschappelijke zetel te 1500 HALLE, Zuster Bernardastraat 32,

,

3. GEMEENTE SINT PIETERS LEEUW, schuldeiser, met maatschappelijke zetel te 1600 SINT-PIETERS-LEEUW, Pastorijstraat 21,

,

4. ATRADIUS CREDIT INSURANCE NV, schuldeiser, met maatschappelijke zetel te 5100 JAMBES (NAMUR), Avenue prince de Liège 74-78,

5. OCMW VAN SINT PIETERS LEEUW, schuldeiser, met maatschappelijke zetel te 1601 RUISBROEK (BT.), Fabriekstraat 1,

6. AXA BELGIUM NV, schuldeiser, met maatschappelijke zetel te 2600 BERCHEM (ANTWERPEN), Grotesteenweg 214,

,

7. EUROMUT-ONAFHANKELIJK ZIEKENFONDS, schuldeiser, met maatschappelijke zetel te 1080 BRUSSEL, Louis Mettewielaan 74-76,

,

8. VLAAMSE ZORGKAS VZW, schuldeiser, met maatschappelijke zetel te 1030 BRUSSEL, Koning Albert II laan 35 bus 36,

9. O. P., gerechtsdeurwaarder, schuldeiser,

10. COGIFI NV, schuldeiser, met maatschappelijke zetel te 1140 BRUSSEL, Gemeenschappenlaan 5,

11. KLINIEK ST ANNA, ST REMI, schuldeiser, met maatschappelijke zetel te 1070 BRUSSEL, Jules Graindorlaan 66,

De schuldeisers, niet verschijnend noch iemand voor hen.

Mede inzake :

Mter J.-L. DE CHAFFROY, schuldbemiddelaar, wonende te 1000 BRUSSEL, Kunstlaan 24/9A, verschijnend in persoon;

***

*

Na beraad, spreekt het Arbeidshof te Brussel het hiernavolgend arrest uit:

Gelet op de stukken van rechtspleging, inzonderheid:

- het voor eensluidend verklaard afschrift van het bestreden vonnis, uitgesproken op tegenspraak t.a.v. de schuldenaar, de schuldbemiddelaar en Mevrouw D. D.C., bij verstek t.o.v. de andere schuldeisers op de buitengewone openbare terechtzitting van 30-07-2010 door de arbeidsrechtbank te Brussel, 32e kamer (A.R. 736/09/B).

- het verzoekschrift tot hoger beroep, ontvangen ter griffie van dit hof op 06.09.2010 de voorgelegde stukken;

De aanwezige partijen hebben hun middelen en conclusies uiteengezet tijdens de openbare terechtzitting van 07 februari 2011, waarna de debatten werden gesloten, de zaak in beraad werd genomen en voor uitspraak werd gesteld op heden.

***

*

I. FEITEN EN RECHTSPLEGING.

1. Op 7 augustus 2009 heeft de heer V. H. een verzoekschrift tot collectieve schuldenregeling neergelegd op de griffie van de arbeidsrechtbank te Brussel.

Op 17 augustus 2009 werd dit verzoek toelaatbaar verklaard en werd advocaat Jean Louis de Chaffoy de Courcelles aangesteld als schuldbemiddelaar.

De schuldbemiddelaar heeft een ontwerp van minnelijk aanzuiveringplan opgesteld, waarin de schuld van mevrouw D. D.C. ten bedrage van

euro 9.317,30 werd opgenomen. Het plan bestrijkt een periode van 10 jaar en voorziet in een terugbetaling van de schulden naar rato van 57,62%, wat meebrengt dat mevrouw D.C. terugbetaling van euro 5.368,17 mag verwachten.

De totale schuldenlast bedraagt euro 41.655,77, waarvan

10 x 12 x euro 200 = euro 24.000 zou kunnen worden terugbetaald ( 57,62%).

2. Op 11 januari 2010 legde mevrouw D.C. een verzoekschrift neer tot herroeping van de collectieve schuldenregeling op grond van art. 1675/15, 1°, 3°, 4° en 5° Ger. W. Zij roept daarbij in dat de heer V. valse verklaringen zou hebben afgelegd, zijn onvermogen heeft bewerkt en zijn lasten heeft verhoogd door malafide praktijken. Zij verwijst daarbij voornamelijk naar een vonnis van de vrederechter te Sint Pieters Leeuw van 2 januari 2009.

Zij tekende tevens bezwaar aan tegen het voorstel van minnelijke aanzuiveringregeling, neergelegd door de schuldbemiddelaar op 2 maart 2010.

3. Bij vonnis van de arbeidsrechtbank te Brussel van 30 juli 2010 werd de vraag tot herroeping afgewezen als ongegrond en werd het bezwaar van mevrouw

D.C. verworpen wegens rechtsmisbruik, zodat het minnelijke aanzuiveringplan van de schuldbemiddelaar werd gehomologeerd.

De herroeping werd geweigerd omdat mevrouw D.C. zich beroept op het vonnis van de vrederechter van 2 januari 2009, dat voorafging aan het verzoek tot collectieve schuldenregeling van 7 augustus 2009, terwijl er geen elementen zijn om m.b.t. de collectieve schuldenregeling de procedurele goede trouw van de heer V. in vraag te stellen die zijn volledige medewerking verleende aan de procedure.

De griffie bracht bij gerechtsbrief van 5 augustus 2010 dit vonnis ter kennis aan mevrouw D.C., die dit op 6 augustus 2010 ontving.

4. Bij verzoekschrift tot hoger beroep, ontvangen ter griffie van het arbeidshof te Brussel op 6 september 2010 tekende mevrouw D.C. hoger beroep aan en vroeg zij dat de beschikking van toelaatbaarheid zou worden herroepen, dan wel vernietigd o.m. op grond van artikel 6 van het EVRM.

Ter zitting van 7 februari 2011 preciseert zij, dat in zoverre aan haar verzoek niet wordt voldaan, zij vrede kan nemen met het minnelijk aanzuiveringplan.

II. BEOORDELING.

1. Het hoger beroep van mevrouw D.C. werd tijdig ingesteld en voldoet aan de ontvankelijkheidvereisten, wat overigens niet wordt betwist, zodat het hoger beroep ontvankelijk kan worden verklaard.

2. Artikel 1675/15 §1 Ger. W. bepaalt dat de herroeping van de beschikking van toelaatbaarheid of van de minnelijke aanzuiveringregeling kan worden uitgesproken, wanneer de schuldenaar:

1° hetzij onjuiste stukken heeft afgegeven met de bedoeling aanspraak te maken op de procedure van gezamenlijke schuldenregeling of deze te behouden;

2° hetzij zijn verplichtingen niet nakomt, zonder dat zich nieuwe feiten voordoen die de aanpassing of herziening van de regeling rechtvaardigen;

3° hetzij onrechtmatig zijn lasten heeft verhoogd of zijn baten heeft verminderd

4° hetzij zijn onvermogen heeft bewerkt

5° hetzij bewust valse verklaringen heeft afgelegd

...

3. De rechter is niet verplicht om de herroeping uit te spreken, ook al stelt hij vast dat is voldaan aan één of meerdere van de herroepinggronden; de rechter dient de opportuniteit van de herroeping te beoordelen in het licht van alle belangen, zowel die van de schuldenaar als deze van de schuldeisers. ( P. Dauw, Topics van de collectieve schuldenregeling, p. 75, nr. 110).

In de parlementaire voorbereiding van de wetgeving betreffende de collectieve schuldenregeling werd benadrukt dat de gronden tot herroeping in essentie neerkomen op het niet nakomen van de procedurele goede trouw. (Gedr. St. Kamer, 1996-97, 1073/11, 87-88; 1073/1, 17 en 1073/11, 23)

Deze veronderstelt een loyale en actieve medewerking van de schuldenaar bij de uitvoering van de aanzuiveringregeling.

4. In haar verzoekschrift tot hoger beroep verwijst mevrouw D.C. naar

- het niet vermelden van het pensioensparen in de aanvraag tot collectieve schuldenregeling van 7 augustus 2009

- het geven van een onjuiste schriftelijke verklaring over het vonnis van de vrederechter van 2 januari 2009 in verband met de veroordeling tot betaling van onderhoudsgelden voor hun kind

- het bewerken van zijn onvermogen en het verhogen van de lasten door de afname van de spaargelden van de spaarrekening tussen 2001 en 2007, wat opnieuw wordt afgeleid uit het voormelde vonnis.

De heer V. had bij zijn aanvraag tot collectieve schuldenregeling van 7 augustus 2009 het vonnis van de vrederechter van 2 januari 2009 gevoegd, zodat bezwaarlijk kan voorgehouden worden dat hij zich zou gesteund hebben op onjuiste stukken of valse verklaringen.

Zelfs wanneer onjuiste stukken afgegeven zouden zijn, dan kan de herroeping op grond van artikel 1675/15 §1, 1° slechts uitgesproken worden wanneer hierbij de schuldenaar de intentie had om ten onrechte een collectieve schuldenregeling te verkrijgen of te behouden. (De Coster S., Artikel 1675/15 Ger. W. in Artikelsgewijze commentaar Ger.W., nr. 17).

De elementen, die mevrouw D.C. afleidt uit het vonnis van de vrederechter, houden geen verband met het verkrijgen of het behouden van de collectieve schuldenregeling.

Vanuit het familiale dispuut interpreteren beide betrokkenen de voorliggende elementen anders; veel te snel en tevens ten onrechte verwijt mevrouw

D.C. vanuit haar eigen interpretatie aan de heer V. een intentionele valsheid, wat ze vervolgens ten onrechte betrekt op de later aangevraagde collectieve schuldenregeling.

Ook wanneer de schuldenaar onvolledige stukken voorbrengt en bepaalde gegevens vergeet te vermelden volstaat dit evenmin voor de herroeping van de regeling. ( Parl. St. Kamer 1996 -97, nr. 1073/11, 91) - zie in dat verband het niet ter sprake brengen van het pensioensparen.

Mevrouw D.C. veronachtzaamt daarbij dat de herroeping neerkomt op het niet naleven van de procedurele goede trouw tijdens de collectieve schuldenregeling. Op dit punt kan ze aan de heer V. weinig concreets verwijten. Bovendien bevestigt de schuldbemiddelaar dat de heer V. zijn volledige medewerking verleent aan de collectieve schuldenregeling.

5. In werkelijkheid vecht mevrouw D.C. de beschikking van toelaatbaarheid aan.

Bij toepassing van artikel 1675/16, derde lid, diende zij dan derdenverzet aan te tekenen binnen de maand na de kennisgeving van de beschikking van toelaatbaarheid. Zij heeft dit nagelaten en de termijn hiertoe is verstreken.

Artikel 1675/16 Ger. W. schendt niet de artikelen 10 en 11 van de Grondwet in samenhang gelezen met artikel 6 van het E.V.R.M. ( Arbitragehof nr. 40/2007, 15 maart 2007, B. S. 26 april 2007, meer bepaald overweging B.8.3.)

De procedure van collectieve schuldenregeling strekt er immers toe een schuldenaar die het slachtoffer is van overmatige schuldenlast in staat te stellen zijn financiële situatie te herstellen onder het toezicht van de bevoegde rechter; aldus wordt de collectieve schuldenregeling gerangschikt als een insolventieprocedure die ertoe strekt de verhouding tussen schuldeisers en debiteuren te regelen.( ov. B.7.1 van voormeld arrest met verwijzing naar

Parl. St. Kamer 2003 -04, DOC 51-1309/002, 5).

Mevrouw D.C. beroept zich daardoor ten onrechte op artikel 6 van het E.V.R.M. om de vernietiging te vragen van de beschikking van toelaatbaarheid. Ze beschikte over rechtsmiddelen, die ze niet in nuttige orde heeft aangewend.

6. Ten overvloede kan bovendien worden verwezen naar een arrest van het Hof van Cassatie van 21 juni 2007 (JLMB 2008, 81; Pas. 2007, 1294; Soc.Kron. 2009, 493) waaruit volgt dat bedrieglijke handelingen op zich onvoldoende zijn om het verzoek tot collectieve schuldenregeling af te wijzen als niet toelaatbaar.

De voorafgaande goede trouw is immers geen voorwaarde die in artikel 1675/2 Ger. W. gesteld wordt om toegelaten te worden tot de collectieve schuldenregeling. (E. DIRIX, Boeven en schuldsanering, RW 2007-08, 1115- 1117, meer bijzonder nr. 4, p. 1117).

Het hoger beroep is op dit punt ongegrond.

Het feit dat mevrouw D.C. thans akkoord kan gaan met de minnelijke aanzuiveringregeling, houdt in dat haar oorspronkelijk bezwaar thans niet meer aan de orde is en dat het vonnis van de eerste rechter ook op dit punt kan worden bevestigd.

OM DEZE REDENEN,

HET ARBEIDSHOF

Gelet op de wet van 15 juni 1935 op het gebruik der talen in gerechtszaken, zoals tot op heden gewijzigd, inzonderheid op artikel 24,

Recht doende op tegenspraak t.o.v mevrouw D.C., de heer V. en de schuldbemiddelaar en bij verstek t.o.v. de schuldeisers,

Verklaart het hoger beroep ontvankelijk doch ongegrond.

Bevestigt het bestreden vonnis.

Aldus gewezen en uitgesproken door de elfde kamer van het Arbeidshof te Brussel op 7 maart 2011, waar aanwezig waren :

Lieven LENAERTS, raadsheer,

bijgestaan door :

Linda HERREGODTS, griffier.

Linda HERREGODTS, Lieven LENAERTS.

Vrije woorden

  • SCHULDOVERLAST

  • Herroeping.