- Beslissing van 24 april 2012

24/04/2012 - M10-3-0777/7526

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1

Beslissing - Integrale tekst

(...)

I. Feiten

Op 18 maart 2008 werd Gürkan X. door een vriend opgebeld om naar het ... (...) te komen. Zij spraken daar wel meer af met vrienden. Bij zijn aankomst was er een vechtpartij tussen een vriend en onbekenden die talrijker waren. Toen hij halt riep om het gevecht te beeïndigen keerde de groep (een 20 à 30-tal personen) zich ook tegen hem. Gürkan X. werd neergestoken.

II. Vervolging

De ouders van Gürkan, Dervisali X. en Yurdasevim Y., stelden zich burgerlijke partij voor de Jeugdrechtbank van de Rechtbank van Eerste Aanleg te ....

- Bij vonnis van de Jeugdrechtbank d.d. 2 april 2009 werd Magomed Z. wegens "opzettelijk verwondingen of slagen te hebben toegebracht aan een minderjarige, Gürkan X., de slagen of verwondingen hebbende een ziekte of ongeschiktheid tot het verrichten van persoonlijke arbeid ten gevolge gehad", onder toezicht gesteld van de sociale dienst voor gerechtelijke jeugdbijstand. Hij werd bij beschikking van 9 maart 2009 toevertrouwd aan het Centrum ‘De G.' te Everberg zulks tot 9 april 2009.

Op burgerlijk gebied werden Magomed Z. en zijn moeder, Zina Z., in solidum veroordeeld tot:

- euro 1 provisioneel materieel en euro 1 provisioneel moreel aan de ouders

- euro 1 provisioneel moreel en materieel vermengd aan Gürkan X.. Dokter B. V. werd aangesteld als deskundige.

- Bij vonnis van de Jeugdrechtbank d.d. 25 februaril 2010 werden Magomed Z. en zijn moeder Zina Z. op burgerlijk gebied solidair veroordeeld om aan Gürkan X. euro 5.389 te betalen, aan Dervisali X. euro 200 en aan Yurdasevim Y. euro 200.

Dit vonnis is in kracht van gewijsde getreden.

III. Gevolgen van de feiten voor Gürkan X.

Uit het deskundig verslag van Dr. B. V.:

"Gürkan X. was student op het ogenblik van de feiten. Hij kreeg een steekwonde in de rechter nierstreek. Hij werd overgebracht naar het ziekenhuis te ... alwaar de wonde (11 cm diep) gehecht werd. Hij heeft het ziekenhuis 's anderendaags op eigen verantwoordelijkheid verlaten. Na één maand ging betrokkene terug naar school. Het blijkt dat er ook nà de feiten agressieve reacties geweest zijn. Hij werd o.a. nog telefonisch bedreigd.

Hij heeft thans psychische klachten en angsten. Er zijn contacten geweest met Slachtofferhulp."

IV. Mogelijkheden tot schadeloosstelling

- Het vonnis van de Jeugdrechtbank d.d. 25 februaril 2010 werd door gerechtsdeurwaarder J. De Meuter betekend aan Magomed Z. en Zina Z.. De veroordeelde partijen vroegen of het saldo, dat euro 7.672 bedroeg, kon geregeld worden met afkortingen. De gerechtsdeurwaarder deelde hen mee dat dit onrealistisch is. Meer kan er volgens hen niet betaald worden.

- Magomed Z. zou niet werken.

- Volgens een attest van de Socialistische Mutualiteit, geniet de moeder van de dader, Zina Z., slechts een (vervangings)inkomen van de mutualiteit. Zij werkt niet.

- Uit de polis rechtsbijstand ING blijkt dat deze verzekeraar tussengekomen is voor een bedrag van euro 4.401,25.

V. Begroting van de gevraagde hulp door de ouders

- de heer Dervisali X. euro 200

- mevrouw Yurdasevim Y. euro 200

Zij vragen deze bedragen vermeerderd met de intresten.

VI. Beoordeling door de Commissie

Het verzoekschrift aan de Commissie is regelmatig naar de vorm en het werd tijdig neergelegd. Aan de ontvankelijkheidsvoorwaarden werd voldaan. De kansen op verhaal tegenover de dader zijn quasi onbestaande.

De wetgeving betreffende de hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden verleent aan de slachtoffers geen subjectief recht op "schadeloosstelling", maar wel op het eventueel bekomen van een "hulp", gesteund op het principe van de collectieve solidariteit. Uit de aard zelf van de hulp volgt dat de "volledige vergoeding" van het door de slachtoffers geleden nadeel niet wordt gewaarborgd. Bij het beoordelen van een hulp dienen de voorschriften van de artikelen 31, 31bis, 32, 33 en 33bis van de wet van 1 augustus 1985 nageleefd te worden.

1. In onderhavig dossier wordt een hulp gevraagd van euro 200 voor elk van de ouders, vermeerderd met de intresten. Het gevraagde bedrag is minder dan het wettelijk toekenbare minimum van

euro 500. Artikel 33, § 2 van de wet van 1 augustus 1985 stelt als voorwaarde:

"De hulp wordt per schadegeval en per verzoeker toegekend voor schade boven 500 euro en is beperkt tot een bedrag van 62.000 euro."

Aangezien de schade van verzoeker beduidend lager is dan de vereiste euro 500, zoals bepaald bij voornoemd artikel 33 § 2, dient het verzoek als ongegrond te worden beschouwd.

2. Bovendien heeft de Commissie de begroting van de schade van Gürkan X. rekening gehouden met de door de ouders gevraagde schadepost.

*

* *

OP DIE GRONDEN,

De Commissie,

Gelet op:

- de artikelen 17 § 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken;

- de artikelen 28 tot 41 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, laatst gewijzigd bij wet van 30 december 2009;

- het koninklijk besluit van 18 december 1986 betreffende de commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders, laatst gewijzigd bij koninklijk besluit van 7 december 2006.

Verklaart het verzoek ontvankelijk doch ongegrond.

Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare zitting en in de Nederlandse taal op 24 april 2012.

De secretaris a.i., De voorzitter,

M. STEYAERT P. DRAULANS

Vrije woorden

  • Verzoekschrift, neergelegd op het secretariaat van de Commissie op 30 juni 2010, waarbij verzoeker om de toekenning heeft gevraagd van een financiële hulp voor schade als gevolg van een opzettelijke gewelddaad gepleegd op Gürkan X., zijn zoon.