- Beslissing van 18 september 2012

18/09/2012 - M12-1-0044/8696

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1

Beslissing - Integrale tekst

(...)

I. Feiten

Verzoeker was in de nacht van 14 op 15 november 2010 samen met een collega op patrouille op de E19 toen ze een voertuig zagen rijden tegen een snelheid van 240 km/uur. Ze zetten de achtervolging in en op een bepaald ogenblik heeft de bestuurder, die gewapend was, trachten te vluchten door rechtsomkeer te maken en het politievoertuig aan te rijden.

Als gevolg hiervan liep verzoeker een whiplash op en was hij enige tijd werkonbekwaam.

II. Vervolging

Bij vonnis dd. 26 mei 2011 van de rechtbank van eerste aanleg te ... werd de genaamde Etienne Z. (° 1978, woonachtig te Frankrijk) veroordeeld werd tot 4 jaar gevangenisstraf met uitstel voor de helft van de straf omwille van het bezit van en de handel in verdovende middelen, slagen en verwondingen aan agenten en gewapend verzet. Inzonderheid t.a.v. verzoeker: opzettelijk verwondingen of slagen te hebben toegebracht aan een ministerieel ambtenaar, een agent die drager is van het openbaar gezag of van de openbare macht of enig ander persoon met een openbare hoedanigheid bekleed, in de uitoefening of ter gelegenheid van de uitoefening van zijn bediening, met de omstandigheid dat de slagen of verwondingen een ziekte of of ongeschiktheid tot het verrichten van persoonlijke arbeid ten gevolge hadden.

Tevens t.a.v. verzoeker, weerspannigheid zijnde elke aanval, elk verzet met geweld of bedreiging te hebben gepleegd met de omstandigheid dat de schuldige gebruik maakte van een wapen.

Op burgerlijk vlak werd Z. bij zelfde vonnis veroordeeld tot betaling aan verzoeker de hoofdsom van euro 1.000 voor vermengd morele-materiële schade meer de intresten en een RPV van euro 400.

Dit vonnis bekwam kracht van gewijsde.

III. Mogelijkheden tot schadeloosstelling

III-1. De raadsman van de veroordeelde deelt mee dat zijn cliënt nog steeds gedetineerd is en dat hij niet in de mogelijkheid verkeert om aan de schade-eis te voldoen.

III-2. Rechtsbijstandverzekeraar EUROMEX komt enkel tussen in de advocaatkosten. De polis bevat geen waarborg ‘insolventie van derden'.

III-3. Verzoeker ontving enkel het bedrag van euro 209,24 voor gederfde weekend- en nachtprestaties.

IV. Begroting van de gevraagde hulp

Verzoeker vraagt om de toekenning van een hulp van euro 1.400:

- morele schade euro 1.000,00

- RPV euro 400,00

V. Beoordeling door de Commissie

Het verzoekschrift aan de Commissie is regelmatig naar de vorm en het werd tijdig neergelegd.

De wetgeving betreffende de hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden verleent aan de slachtoffers geen subjectief recht op "schadeloosstelling", maar wel op het eventueel bekomen van een "hulp", gesteund op het principe van de collectieve solidariteit. Uit de aard zelf van de hulp volgt dat de "volledige vergoeding" van het door de slachtoffers geleden nadeel niet wordt gewaarborgd. Bij het beoordelen van een hulp dienen de voorschriften van de artikelen 31, 31bis, 32, 33 en 33bis van de wet van 1 augustus 1985 nageleefd te worden.

Verzoeker vraagt een rechtsplegingsvergoeding van euro 400. Hij heeft een rechtsbijstandverzekering afgesloten. Welnu, indien een advocaat tussenkomt voor een slachtoffer, voor wie hij zich burgerlijke partij stelde voor de correctionele rechtbank, in opdracht en op kosten van een verzekeringsmaatschappij, dan komt de rechtsplegingsvergoeding, indien deze betaald zou worden, toe aan de maatschappij (die ook de ereloonstaat van de advocaat ten laste neemt).

Kortom, het bedrag dat voor de rechtsplegingsvergoeding betaald wordt, komt nooit het slachtoffer ten goede (hetgeen niet kadert binnen de filosofie van de wet van 1 augustus 1985)

Rekening houdende enerzijds met de ernst van de feiten en de opgelopen schade en anderzijds met de door de wet uitgesloten schadeposten, meent de Commissie aan verzoeker in billijkheid een hulp te kunnen toekennen begroot op euro 1.000.

*

* *

OP DIE GRONDEN,

De Commissie,

Gelet op:

- de artikelen 17 § 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken;

- de artikelen 28 tot 41 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, laatst gewijzigd bij wet van 30 december 2009;

- het koninklijk besluit van 18 december 1986 betreffende de commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders, laatst gewijzigd bij koninklijk besluit van 7 december 2006,

Verklaart het verzoek ontvankelijk en kent verzoeker een hulp toe van euro 1.000.

Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare zitting en in de Nederlandse taal op 18 september 2012.

De plv. secretaris, De voorzitter,

B. VAN BEURDEN P. DE SMET

Vrije woorden

  • Verzoekschrift, neergelegd op het secretariaat van de Commissie op 17 januari 2012 waarbij verzoeker om de toekenning heeft gevraagd van een financiële hulp voor schade als gevolg van een opzettelijke gewelddaad.