- Beslissing van 9 november 2012

09/11/2012 - M12-1-0449

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1

Beslissing - Integrale tekst

(...)

I. Feiten

De feiten deden zich voor op 22 november 2007 in de industrieweg van de ... haven.

" Tijdens mijn shift als bewakingsagent vroeg ik enkele mannen om zich te identificeren en dhr. Z. Fahri weigerde dit eerst maar kwam op mijn aandringen dan toch binnen. Toen ik me omdraaide om papieren te nemen, gaf hij mij een slag in het gelaat waardoor ik buiten westen raakte en een gebroken neus had. Deze persoon beoefende eveneens gevechtstechnieken in zijn vrije tijd."

II. Vervolging

Bij vonnis dd. 25 mei 2010 van de rechtbank van eerste aanleg te ... werd de volgende tenlastelegging bewezen geacht in hoofde van de genaamde Fahri Z. (° 1979), verstekdoend en waarvoor deze veroordeeld werd tot 6 maanden gevangenisstraf:

"Te ... op 22 november 2007:

Opzettelijke verwondingen of slagen te hebben toegebracht aan X. Jean, de slagen of verwondingen hebbende een ziekte of ongeschiktheid tot het verrichten van persoonlijke arbeid ten gevolge gehad. "

Op burgerlijk vlak werd Z. bij zelfde vonnis veroordeeld tot betaling aan verzoeker de vergoeding van euro 1.000 meer de intresten en een RPV van euro 200.

"Er is geen aanleiding om de feiten te heromschrijven, gelet op het ontbreken van verder medische attesten na het afsluiten van het gerechtelijk onderzoek. Het medisch attest voorziet slechts een beperkte tijdelijke werkonbekwaamheid. "

III. Gevolgen van de feiten

Verzoeker werd onderzocht in het ...ziekenhuis waar volgende letsels werden vastgesteld:

- hersenschudding;

- nekpijn;

- gezichtspijn;

- contusie ter hoogte van de neus;

- renitis hypertrofica.

Er werd een volledige arbeidsongeschiktheid weerhouden tot 2 december 2007.

IV. Mogelijkheden tot schadeloosstelling

IV-1. De veroordeelde is woonachtig te Nederland. Pogingen om het vonnis uit te voeren leverden niets op. De in Nederland aangesproken gerechtsdeurwaarder verklaart op 22/10/2010: " Helaas laat de wet ons als gerechtsdeurwaarderskantoor niet toe om u informatie te verstrekken over Nederlandse staatsburgers. Wij kunnen u derhalve niet van dienst zijn. Hopende u voldoende te hebben, geïnformeerd. Met vriendelijke groeten, dhr. R. D., t.k. gerechtsdeurwaarder "

IV-2. Verzoeker verklaart op geen enkele private verzekeringstussenkomst te kunnen beroep doen.

IV-3. De feiten betreffen een arbeidsongeval. De werkgever, n.v. G., stelde zich samen met verzoeker burgerlijke partij en bekwam een vergoeding voor het uitbetaald gewaarborgd weekloon meer de patronale bijdragen meer de kosten van administratie en achternageloop (in totaal

euro 1.127,85).

V. Begroting van de gevraagde hulp

Verzoeker vraagt om de toekenning van een hulp van euro 1.000 conform het vonnis van 25 mei 2010 voor "verlies of vermindering aan inkomsten".

Zoals zal blijken op de rechtszitting dd. 24 oktober 2012, na verzoeker hierover gehoord te hebben als tevens uit de op 7 augustus 2012 overgezonden stukken, heeft het gevraagde hulpbedrag van

euro 1.000 eerder betrekking op morele schade geleden tijdens de periode van tijdelijke werkonbekwaamheid.

VI. Beoordeling door de Commissie

Het verzoekschrift aan de Commissie is regelmatig naar de vorm en het werd tijdig neergelegd.

De wetgeving betreffende de hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden verleent aan de slachtoffers geen subjectief recht op "schadeloosstelling", maar wel op het eventueel bekomen van een "hulp", gesteund op het principe van de collectieve solidariteit. Uit de aard zelf van de hulp volgt dat de "volledige vergoeding" van het door de slachtoffers geleden nadeel niet wordt gewaarborgd. Bij het beoordelen van een hulp dienen de voorschriften van de artikelen 31, 31bis, 32, 33 en 33bis van de wet van 1 augustus 1985 nageleefd te worden.

Rekening houdend met alle omstandigheden van de zaak, zoals hierboven geschetst, meent de Commissie aan verzoeker in billijkheid een hulp te kunnen toekennen begroot op euro 1.000.

*

* *

OP DIE GRONDEN,

De Commissie,

Gelet op:

- de artikelen 17 § 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken;

- de artikelen 28 tot 41 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, laatst gewijzigd bij wet van 30 december 2009;

- het koninklijk besluit van 18 december 1986 betreffende de commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders, laatst gewijzigd bij koninklijk besluit van 7 december 2006,

Verklaart het verzoek ontvankelijk en kent verzoeker een hulp toe van euro 1.000.

Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare zitting en in de Nederlandse taal op 9 november 2012.

De plv. secretaris, De voorzitter,

B. VAN BEURDEN P. DE SMET

Vrije woorden

  • Verzoekschrift, neergelegd op het secretariaat van de Commissie op 16 mei 2012 waarbij verzoeker om de toekenning heeft gevraagd van een financiële hulp voor schade als gevolg van een opzettelijke gewelddaad.