- Beslissing van 9 november 2012

09/11/2012 - M12-1-0454

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1

Beslissing - Integrale tekst

(...)

I. Feiten

" Verzoekster is penitentiair beambte In de penitentiaire inrichting te .... Op 1 augustus 2010 was verzoekster met haar collega - Evi Y. - belast met het toezicht op sectie 32. Dienaangaande werd omstreeks 15u 5O de celinventaris afgewerkt. Aangezien er een vermoeden was dat dhr. Z. verboden substanties had binnengesmokkeld, werd er een controle uitgevoerd via het celluik. Op dat ogenblik kon verzoekster vaststellen dat Z. een witte substantie aan het versnijden was in zijn cel. Verzoekster ging hierop met haar collega de cel binnen.

Plots veerde Z. recht en haalde uit naar het gezicht van de verzoekster. Tegen de collega van verzoekster begon hij te stampen. De collega van verzoekster riep hierop code 1 af. Z. spoedde zich naar het toilet om zich te ontdoen van de witte substantie. Het slagen en stampen door Z. werd voortgezet in de gangen, tot op het ogenblik dat de collega's hem konden overmeesteren."

II. Vervolging

Bij vonnis dd. 13 december 2011 van de rechtbank van eerste aanleg te ... werd de volgende tenlastelegging bewezen geacht in hoofde van de genaamde Abdessamad Z. (° 1981) en waarvoor deze veroordeeld werd tot 6 maanden gevangenisstraf:

"Te ... op 1 augustus 2010:

Aan een ministerieel ambtenaar, een a... die drager is van het openbaar gezag of van de openbare macht of aan enig ander persoon met een openbare hoedanigheid bekleed, met name aan X. Annemie en Y. Evi, beiden penitentiair beambte in de penitentiaire

inrichting te ..., in de uitoefening of ter gelegenheid van de uitoefening van hun bediening, opzettelijk verwondingen of slagen te hebben toegebracht, met de omstandigheid dat de slagen of verwondingen een ziekte of ongeschiktheid tot het verrichten van persoonlijke arbeid ten gevolge hebben gehad. "

Op burgerlijk vlak werd Z. bij zelfde vonnis veroordeeld tot betaling aan verzoekster de vergoeding van euro 1.250 voor morele schade meer de intresten meer een RPV van euro 220.

Dit vonnis bekwam kracht van gewijsde (attest griffie).

III. Gevolgen van de feiten

Uit het medisch attest opgesteld onmiddellijk na de feiten blijkt dat verzoekster gekwetst werd aan de linker pols en diverse krabletsels en een hematoom ter hoogte van de wenkbrauw opliep.

Uit stukken neergelegd op de rechtszitting van de Commissie blijkt een periode van TAO van twee maanden.

IV. Mogelijkheden tot schadeloosstelling

IV-1. De instrumenterende gerechtsdeurwaarder laat op 28/03/2012 weten dat uitvoering van het vonnis niet mogelijk is. De veroordeelde verblijft nog steeds in de gevangenis (thans te ...).

IV-2. De rechtsbijstandverzekeraar komt niet tussen; naar alle waarschijnlijkheid omdat de feiten als arbeidsongeval gekwalificeerd zijn.

De arbeidsongevallenverzekeraar komt enkel tussen in de materiële schadecomponent.

V. Begroting van de gevraagde hulp

Verzoekster vraagt om de toekenning van een hulp van euro 1.250 voor morele schade conform het vonnis van 13/12/2011.

VI. Beoordeling door de Commissie

Het verzoekschrift aan de Commissie is regelmatig naar de vorm en het werd tijdig neergelegd.

De wetgeving betreffende de hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden verleent aan de slachtoffers geen subjectief recht op "schadeloosstelling", maar wel op het eventueel bekomen van een "hulp", gesteund op het principe van de collectieve solidariteit. Uit de aard zelf van de hulp volgt dat de "volledige vergoeding" van het door de slachtoffers geleden nadeel niet wordt gewaarborgd. Bij het beoordelen van een hulp dienen de voorschriften van de artikelen 31, 31bis, 32, 33 en 33bis van de wet van 1 augustus 1985 nageleefd te worden.

Rekening houdend met alle omstandigheden van de zaak, zoals hierboven geschetst, meent de Commissie aan verzoekster in billijkheid een hulp te kunnen toekennen begroot op euro 1.250.

*

* *

OP DIE GRONDEN,

De Commissie,

Gelet op:

- de artikelen 17 § 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken;

- de artikelen 28 tot 41 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, laatst gewijzigd bij wet van 30 december 2009;

- het koninklijk besluit van 18 december 1986 betreffende de commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders, laatst gewijzigd bij koninklijk besluit van 7 december 2006,

Verklaart het verzoek ontvankelijk en kent verzoekster een hulp toe van euro 1.250.

Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare zitting en in de Nederlandse taal op 9 november 2012.

De plv. secretaris, De voorzitter,

B. VAN BEURDEN P. DE SMET

Vrije woorden

  • Verzoekschrift, neergelegd op het secretariaat van de Commissie op 21 mei 2012 waarbij verzoekster om de toekenning heeft gevraagd van een financiële hulp voor schade als gevolg van een opzettelijke gewelddaad.