- Beslissing van 13 november 2012

13/11/2012 - M11-5-0254/8039

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1

Beslissing - Integrale tekst

(...)

I. Feiten

Tussen 3 februari 1984 en 3 februari 1995 werd verzoekster te ..., te ... en te ... herhaaldelijk seksueel misbruikt door haar vader, de heer Serge X..

II. Vervolging

Bij vonnis van de Correctionele rechtbank te ... d.d. 5 maart 2007 werd de heer Serge X. wegens het plegen van de sub I vermelde feiten (aanranding van de eerbaarheid met geweld of bedreiging + verkrachting met behulp van geweld) onder meer veroordeeld tot een effectieve gevangenisstraf van vijf jaar.

Op burgerlijk gebied werd hij veroordeeld tot betaling van de som van euro 13.984,59 meer intresten aan verzoekster: euro 13.500 voor morele schade + euro 484,59 voor materiële schade.

Tegen alle beschikkingen van dit vonnis werd hoger beroep ingesteld door de beklaagde, alsook door het Openbaar Ministerie.

Bij arrest van het Hof van Beroep te ... d.d. 27 mei 2008 werd de aan Serge X. opgelegde gevangenisstraf verhoogd tot zeven jaar. Op burgerlijk gebied werd hij veroordeeld tot betaling van een forfaitaire vergoeding van euro 25.000 voor materiële en morele schade, reeds geleden en toekomstige schade.

Tegen dit arrest werd geen cassatieberoep ingesteld.

III. Gevolgen van de feiten

Verzoekster heeft als gevolg van de feiten met zware psychische problemen te kampen gehad, en dat is momenteel nog steeds het geval. Dit heeft zich onder meer geuit in extreem puberaal gedrag, met een zware alcoholverslaving en druggebruik.

Ter zitting van de Commissie d.d. 18 oktober 2012 deelde mevrouw Y., de moeder van verzoekster, mee dat haar dochter in feite weigert om geholpen te worden: ze wil geen medicatie nemen, ze wil niet in therapie gaan, enzovoort.

IV. Mogelijkheden tot schadeloosstelling

De kansen op verhaal tegenover Serge X. zijn nagenoeg onbestaande. Bij beschikking van de Arbeidsrechtbank te ... d.d. 1 oktober 2008 werd hij toegelaten tot de collectieve schuldenregeling en werd mr. Marnix D. als schuldbemiddelaar aangesteld.

In zijn schrijven d.d. 1 oktober 2012 deelt de raadsman van verzoekster mee dat de collectieve schuldenregeling van de heer Serge X. zal worden opgeroepen voor herroeping, nu hij geen enkele moeite doet om een inkomen te verwerven.

Serge X. is voor de helft mede-eigenaar van een woning te .... De andere eigenaar is zijn ex-vriendin, Christine C.. De verkoopwaarde van de woning wordt geschat op slechts euro 35.000. De raadsman van verzoekster meent dat de mogelijke opbrengst geenszins zal volstaan om de schadevergoeding van verzoekster te betalen.

KBC Defendo, de rechtsbijstandsverzekeraar van de samenwonende partner van verzoekster, komt niet tussen omdat de driejarige verjaringstermijn verstreken is (zie brief KBC Defendo d.d. 13 september 2004).

V. Begroting van de gevraagde hulp

Verzoekster vraagt om de toekenning van een financiële hulp van euro 27.500:

- schadevergoeding (moreel-materieel) cf. arrest d.d. 27.05.08: euro 25.000,00

- rechtsplegingsvergoeding: euro 2.500,00

VI. Beoordeling door de Commissie

Het verzoekschrift aan de Commissie is regelmatig naar de vorm en het werd tijdig neergelegd.

Aan de ontvankelijkheidsvoorwaarden werd voldaan.

De wetgeving betreffende de hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden verleent aan de slachtoffers geen subjectief recht op "schadeloosstelling", maar wel op het eventueel bekomen van een "hulp", gesteund op het principe van de collectieve solidariteit. Uit de aard zelf van de hulp volgt dat de "volledige vergoeding" van het door de slachtoffers geleden nadeel niet wordt gewaarborgd. Bij het beoordelen van een hulp dienen de voorschriften van de artikelen 31, 31bis, 32, 33 en 33bis van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen nageleefd te worden.

Bij de beoordeling van het voorliggend hulpverzoek houdt de Commissie rekening met:

- de aard, de ernst en de lange duur van de feiten, alsook de frequentie waarmee ze gepleegd werden;

- de (zeer) jeugdige leeftijd van het slachtoffer;

- de omstandigheid dat de zedenfeiten gepleegd werden door de eigen vader van het slachtoffer;

- de ernstige gevolgen voor verzoekster, zoals zij blijken uit de neergelegde stukken alsook uit de mondelinge toelichting verstrekt ter zitting;

- de door de Commissie gehanteerde tarieven in analoge dossiers inzake seksueel misbruik van minderjarigen.

Gelet op die omstandigheden meent de Commissie voor de morele schade in billijkheid een hulp van euro 25.000 te kunnen toekennen.

Daarnaast kan de gevraagde hulp van euro 2.500 voor de rechtsplegingsvergoeding eveneens worden toegekend, nu er geen tussenkomst is geweest van de rechtsbijstandsverzekeraar en verzoekster evenmin van de juridische tweedelijnsbijstand heeft kunnen genieten.

*

* *

OP DIE GRONDEN,

De Commissie,

Gelet op:

- de artikelen 17 § 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken;

- de artikelen 28 tot 41 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, laatst gewijzigd bij wet van 30 december 2009;

- het koninklijk besluit van 18 december 1986 betreffende de commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders, laatst gewijzigd bij koninklijk besluit van 7 december 2006.

Verklaart het verzoek ontvankelijk en kent een hulp toe van euro 27.500.

Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare zitting en in de Nederlandse taal op 13 november 2012.

De secretaris, De voorzitter,

G. VAN DEN ABBEELE L. VULSTEKE

Vrije woorden

  • Verzoekschrift, neergelegd op het secretariaat van de Commissie op 8 maart 2011, waarbij verzoekster om de toekenning heeft gevraagd van een financiële hulp voor schade als gevolg van een opzettelijke gewelddaad.