- Arrest van 21 februari 2013

21/02/2013 - 17/2013

Rechtspraak

Samenvatting

Samenvatting 1

Het Hof, beperkte kamer,

met eenparigheid van stemmen uitspraak doende,

verwerpt het beroep.


Arrest - Integrale tekst

Het Grondwettelijk Hof, beperkte kamer,

samengesteld uit voorzitter R. Henneuse en de rechters-verslaggevers J. Spreutels en L. Lavrysen, bijgestaan door de griffier F. Meersschaut,

wijst na beraad het volgende arrest :

I. Onderwerp van het beroep en rechtspleging

Bij verzoekschrift dat aan het Hof is toegezonden bij op 7 december 2012 ter post aangetekende brief en ter griffie is ingekomen op 10 december 2012, is beroep tot vernietiging van de wet van 15 mei 2012 inzake de toepassing van het beginsel van wederzijdse erkenning op de vrijheidsbenemende straffen of maatregelen uitgesproken in een lidstaat van de Europese Unie (bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 8 juni 2012) ingesteld door Marc Jodrillat, wonende te 4000 Luik, Féronstrée 45.

Op 19 december 2012 hebben de rechters-verslaggevers J. Spreutels en L. Lavrysen, met toepassing van artikel 71, eerste lid, van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het Grondwettelijk Hof, de voorzitter ervan in kennis gesteld dat zij ertoe zouden kunnen worden gebracht aan het Hof, zitting houdend in beperkte kamer, voor te stellen een arrest te wijzen waarin wordt vastgesteld dat het beroep tot vernietiging klaarblijkelijk onontvankelijk is.

(...)

II. In rechte

(...)

B.1. De verzoekende partij vordert de vernietiging van de wet van 15 mei 2012 inzake de toepassing van het beginsel van wederzijdse erkenning op de vrijheidsbenemende straffen of maatregelen uitgesproken in een lidstaat van de Europese Unie.

B.2. Het Grondwettelijk Hof is bevoegd om uitspraak te doen over beroepen tot vernietiging van wetten, decreten of ordonnanties (artikel 1 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het Grondwettelijk Hof). Een dergelijk beroep kan met name worden ingesteld door iedere natuurlijke of rechtspersoon die doet blijken van een belang (artikel 2), en dit binnen een termijn van zes maanden of, indien het gaat om een akte houdende instemming met een verdrag, binnen een termijn van zestig dagen na de bekendmaking van de betrokken wetskrachtige norm (artikel 3). Het beroep tot vernietiging wordt bij het Hof aanhangig gemaakt door middel van een verzoekschrift (artikel 5), dat het onderwerp van het beroep vermeldt en een uiteenzetting van de feiten en middelen bevat (artikel 6).

B.3. De door de verzoekende partij aangevoerde middelen laten niet toe te bepalen in welke zin zij zou doen blijken van een belang om de vernietiging van de bestreden wet te verkrijgen, noch welke de referentienormen zijn waarvoor het Hof bevoegd is om die te doen naleven en die door de bestreden wet zouden zijn geschonden, noch in welke zin die normen zouden zijn geschonden. De verschillende beschouwingen in het verzoekschrift en in de memorie met verantwoording laten niet toe vast te stellen dat de middelen zouden voldoen aan de vereisten van de voormelde bijzondere wet van 6 januari 1989. Door zich ten slotte het recht voor te behouden om haar middelen later uiteen te zetten, brengt de verzoekende partij het contradictoire karakter van de rechtspleging in gevaar, aangezien de partij die zou tussenkomen om de bestreden wetsbepalingen te verdedigen, niet in staat zou zijn zich nuttig te verweren.

B.4. Het beroep tot vernietiging is klaarblijkelijk niet ontvankelijk.

Om die redenen,

het Hof, beperkte kamer,

met eenparigheid van stemmen uitspraak doende,

verwerpt het beroep.

Aldus uitgesproken in het Frans, het Nederlands en het Duits, overeenkomstig artikel 65 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het Grondwettelijk Hof, op de openbare terechtzitting van 21 februari 2013.

De griffier,

F. Meersschaut

De voorzitter,

R. Henneuse

Vrije woorden

  • Beroep tot vernietiging van de wet van 15 mei 2012 inzake de toepassing van het beginsel van wederzijdse erkenning op de vrijheidsbenemende straffen of maatregelen uitgesproken in een lidstaat van de Europese Unie, ingesteld door Marc Jodrillat. Voorafgaande rechtspleging

  • Beroep tot vernietiging

  • Klaarblijkelijke niet-ontvankelijkheid

  • Onvoldoende uiteenzetting van de feiten en middelen. # Europees recht

  • Strafzaken

  • Politiële en justitiële samenwerking

  • Erkenning van vreemde rechterlijke uitspraken.