Commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders: Beslissing van 3 Mei 2005 (België). RG M3588/3163

Datum :
03-05-2005
Taal :
Nederlands
Grootte :
1 pagina
Sectie :
Rechtspraak
Bron :
Justel N-20050503-25
Rolnummer :
M3588/3163

Samenvatting :

Samenvatting 1

Beslissing :

Voeg het document toe aan een map () om te beginnen met annoteren.

(...)

I. Feiten Uit de stukken blijkt dat verzoeker op 5 april 1996 te ... het slachtoffer werd van multipele schotwonden.

II. Vervolging

Bij vonnis van de Correctionele rechtbank te ... d.d. 30 juni 2000 werd de genaamde Bülent Z. wegens onder meer de sub I vermelde feiten veroordeeld tot een gevangenisstraf van vijf jaar en een geldboete van 400.000 frank. Op burgerlijk gebied werd hij veroordeeld tot betaling van een schadevergoeding van 1.026.921 frank meer intresten aan verzoeker. Dit bedrag is samengesteld als volgt: 6.721 fr. voor medische kosten, 10.000 fr. voor kledijschade, 200.200 fr. voor TWO moreel, 750.000 fr. voor BWO en 60.000 fr. voor esthetische schade.

Blijkens een door de griffie afgeleverd attest is voornoemd vonnis op 26 juli 2000 in kracht van gewijsde getreden ten aanzien van Bülent Z..

III. Medische gevolgen In zijn deskundig verslag weerhoudt Dr. P. Henrotte de volgende graden en periodes van tijdelijke arbeidsongeschiktheid:

100 % van 05.04.96 t.e.m. 30.09.96

25 % van 01.10.96 t.e.m. 09.07.98

Er is consolidatie op 10 juli 1998, met een blijvende arbeidsongeschiktheid van 15 %.

De esthetische schade wordt geschat op 3 op de schaal van 7.

IV. Schadeloosstelling Geen enkele private verzekering is tussengekomen in dekking van de geleden schade.

Volgens verzoeker is geen recuperatie mogelijk bij de dader, die in de gevangenis verblijft.

V. Begroting van de schade door de verzoeker Verzoeker vraagt aan de Commissie om de toekenning van een hulp van Euro 25.456,71, zijnde het bedrag dat hem bij vonnis van de Correctionele rechtbank te ... d.d. 30 juni 2000 werd toegekend.

VI. Beoordeling door de Commissie

Artikel 31bis, § 1, 4° van de wet van 1 augustus 1985 luidt als volgt:

¿Het verzoek is binnen drie jaar ingediend. De termijn loopt, naargelang het geval, vanaf de eerste beslissing tot seponering, de beslissing van het onderzoeksgerecht, de dag waarop definitief uitspraak is gedaan over de strafvordering of de dag, indien deze van latere datum is, waarop uitspraak is gedaan over de burgerlijke belangen.¿

Luidens een attest van de griffie is het vonnis van de Correctionele rechtbank te ... d.d. 30 juni 2000, dat ook op burgerlijk gebied ten gronde uitspraak doet, op 26 juli 2000 in kracht van gewijsde getreden ten aanzien van Bülent Z..

In het onderhavig dossier werd het verzoekschrift pas op 11 september 2003 ingediend, d.i. meer dan drie jaar na het bekomen van kracht van gewijsde.

In die omstandigheden is de Commissie genoodzaakt het verzoek als niet-ontvankelijk af te wijzen.

*

* *

OP DIE GRONDEN,

De Commissie,

Gelet op de artikelen 17 § 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken, de artikelen 31 tot 37bis van de wet van 1 augustus 1985, zoals gewijzigd door de wetten van 26 maart 2003, 22 april 2003 en 27 december 2004, en de artikelen 14 tot 34 van het K.B. van 18 december 1986,

Verklaart het verzoek niet-ontvankelijk.

Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare zitting en in de Nederlandse taal op 3 mei 2005.

De secretaris a.i., De voorzitter,

G. VAN DEN ABBEELE L. VULSTEKE