Bijlage bij het ministerieel besluit van 6 november 1989 : Huishoudelijk reglement van de Raad voor Dierenwelzijn.
- Sectie :
- Wetgeving
- Bron :
- Numac 1989090650
Originele tekst :
Voeg het document toe aan een map
()
om te beginnen met annoteren.
Artikel 1 De voorzitter van de Raad stelt de plaats, de dag en het uur van de vergadering vast. Hij stelt eveneens de dagorde vast.
Wanneer ten minste één vierde van de leden erom verzoekt, is hij gehouden de Raad binnen de dertig dagen bijeen te roepen en de punten die in het verzoek tot bijeenroeping zijn opgegeven op de dagorde te plaatsen.
Artikel 2 De voorzitter, of in opdracht, de ondervoorzitter of, een secretaris, roept de leden van de Raad op bij gewone brief of bij nota ten minste veertien dagen voor de vergadering.
De oproeping vermeldt de punten die op de dagorde staan.
Wanneer een agendapunt de bespreking van een dossier bepaalt, moet een copie van het desbetreffende dossier bij de oproeping gevoegd worden.
Artikel 3 In geval van dringende noodzakelijkheid wordt de termijn van oproeping bedoeld bij artikel 2 verminderd tot ten minste tweeënzeventig uur. In voorkomend geval worden de oproeping en de dagorde telefonisch medegedeeld aan de leden door de voorzitter of, in opdracht, door een secretaris.
Artikel 4 De Raad kan niet beraadslagen over punten die niet op de dagorde voorkomen, tenzij de meerderheid van de aanwezigen de wijziging van de dagorde goedkeurt.
Een stemming betreffende die punten kan maar gebeuren ter gelegenheid van een tweede lezing op een volgende vergadering.
Artikel 5 De Raad kan onder haar leden personen aanwijzen om werkgroepen te vormen met de opdracht bepaalde problemen nader te bestuderen.
De coördinator en de secretaris van iedere werkgroep worden aangeduid door de Raad.
De voorzitter is ambtshalve lid van alle werkgroepen.
Iedere werkgroep kan deskundigen die geen lid zijn raadplegen.
Artikel 6 De voorzitter opent en sluit de vergadering. Hij leidt de besprekingen.
Artikel 7 De secretarissen staan de voorzitter bij. Zij maken de notulen op van de vergadering. Zij bewaren het archief van de Raad.
Artikel 8 Bij het begin van elke vergadering keurt de Raad de notulen van de vorige vergadering goed.
De goedgekeurde notulen worden getekend door de voorzitter en door een secretaris of een lid van de Raad.
Artikel 9 De Raad vergadert met gesloten deuren.
Artikel 10 Voor alles wat niet in dit reglement is bepaald, past de Raad de gewone voor beraadslagende vergadering geldende regels toe.
Wanneer ten minste één vierde van de leden erom verzoekt, is hij gehouden de Raad binnen de dertig dagen bijeen te roepen en de punten die in het verzoek tot bijeenroeping zijn opgegeven op de dagorde te plaatsen.
Artikel 2 De voorzitter, of in opdracht, de ondervoorzitter of, een secretaris, roept de leden van de Raad op bij gewone brief of bij nota ten minste veertien dagen voor de vergadering.
De oproeping vermeldt de punten die op de dagorde staan.
Wanneer een agendapunt de bespreking van een dossier bepaalt, moet een copie van het desbetreffende dossier bij de oproeping gevoegd worden.
Artikel 3 In geval van dringende noodzakelijkheid wordt de termijn van oproeping bedoeld bij artikel 2 verminderd tot ten minste tweeënzeventig uur. In voorkomend geval worden de oproeping en de dagorde telefonisch medegedeeld aan de leden door de voorzitter of, in opdracht, door een secretaris.
Artikel 4 De Raad kan niet beraadslagen over punten die niet op de dagorde voorkomen, tenzij de meerderheid van de aanwezigen de wijziging van de dagorde goedkeurt.
Een stemming betreffende die punten kan maar gebeuren ter gelegenheid van een tweede lezing op een volgende vergadering.
Artikel 5 De Raad kan onder haar leden personen aanwijzen om werkgroepen te vormen met de opdracht bepaalde problemen nader te bestuderen.
De coördinator en de secretaris van iedere werkgroep worden aangeduid door de Raad.
De voorzitter is ambtshalve lid van alle werkgroepen.
Iedere werkgroep kan deskundigen die geen lid zijn raadplegen.
Artikel 6 De voorzitter opent en sluit de vergadering. Hij leidt de besprekingen.
Artikel 7 De secretarissen staan de voorzitter bij. Zij maken de notulen op van de vergadering. Zij bewaren het archief van de Raad.
Artikel 8 Bij het begin van elke vergadering keurt de Raad de notulen van de vorige vergadering goed.
De goedgekeurde notulen worden getekend door de voorzitter en door een secretaris of een lid van de Raad.
Artikel 9 De Raad vergadert met gesloten deuren.
Artikel 10 Voor alles wat niet in dit reglement is bepaald, past de Raad de gewone voor beraadslagende vergadering geldende regels toe.