- Decision of September 26, 2012

26/09/2012 - M11-5-0230/8024

Case law

Summary

Samenvatting 1

Decision - Integral text

(...)

I. Feiten

Op zaterdag 24 maart 2007 vierde Benny Y. met een elftal vrienden (onder wie verzoeker) zijn vrijgezellenavond. Het gezelschap belandde in de loop van de nacht in een café op de Markt te ... (er stond aldaar een toplessavond op het programma). Er werd heel wat gedronken en sommige vrienden misdroegen zich tegenover de diensters en de danseressen. De uitbater van het café en twee bodyguards van de meisjes werkten het groepje naar buiten, waarbij rake klappen vielen. Op straat zette de vechtpartij zich verder. Op een gegeven ogenblik greep bodyguard Dominique Z. een ijzeren staaf en begon daarmee in het rond te slaan. Verzoeker werd geraakt aan het hoofd.

II. Vervolging

Bij vonnis van de Correctionele rechtbank te ... d.d. 3 maart 2009 werd de heer Dominique Z. wegens het plegen van onder meer de sub I vermelde feiten (gekwalificeerd als het toebrengen van opzettelijke slagen en verwondingen aan verzoeker, met ziekte of arbeidsongeschiktheid tot gevolg) veroordeeld tot een gevangenisstraf van acht maanden (met uitstel van tenuitvoerlegging voor een termijn van drie jaar) en tot een geldboete van euro 275.

Op burgerlijk gebied werd hij veroordeeld tot betaling van de som van euro 13.421,68 meer intresten aan verzoeker.

III. Gevolgen van de feiten

Na de feiten werd verzoeker overgebracht naar de dienst spoedgevallen van het Sint-A...ziekenhuis te ..., vanwaar hij werd getransfereerd naar het UZ te ... nadat een schedelfractuur was vastgesteld.

Luidens het deskundig verslag d.d. 7 september 2009 van Dr. G. Van P. (aangesteld door de Onderzoeksrechter te ...) liep verzoeker de volgende letsels op:

- een open laceratiewonde op de rechter schedelhuid fronto-temporaal;

- een neurotrauma met:

- linker parietotemporale schedelfractuur;

- epidurale en subdurale bloeding;

- hersenschudding;

- een kneuzingswonde aan het rechter schouderblad;

- een kneuzing aan de linker elleboog.

De deskundige weerhoudt de volgende graden en periodes van tijdelijke arbeidsongeschiktheid:

100 % van 25.03.07 t.e.m. 22.07.07 (waaronder 5 dagen hospitalisatie)

25 % van 23.07.07 t.e.m. 05.08.07

10 % van 06.08.07 t.e.m. 19.08.07

5 % van 20.08.07 t.e.m. 06.09.07.

Er is consolidatie op 7 september 2007, zonder blijvende invaliditeit.

De esthetische schade bedraagt 4 op de schaal van 7 (litteken boven het rechteroor).

IV. Mogelijkheden tot schadeloosstelling

* De kansen op recuperatie van de schade lastens de heer Z. zijn nagenoeg onbestaande.

Het sub II vermeld vonnis d.d. 3 maart 2009 werd bij deurwaardersexploot d.d. 13 augustus 2009 aan de heer Z. betekend. De gedwongen uitvoering diende evenwel te worden gestaakt, nu de heer Z. bij beschikking van de Arbeidsrechtbank te Charleroi d.d. 14 januari 2010 werd toegelaten tot een collectieve schuldenregeling.

Aanvankelijk genoot de heer Z. via het OCMW een vervangingsinkomen van euro 483,55 per maand, maar sinds augustus 2010 heeft hij helemaal geen inkomen meer nu het OCMW besliste om zijn integratietegemoetkoming in te trekken.

In die omstandigheden was de schuldbemiddelaar niet in de mogelijkheid een overeenkomst van minnelijke aanzuiveringsregeling op te stellen.

Per aangetekend schrijven d.d. 22 januari 2010 en 8 juli 2010 deed verzoeker aangifte van schuldvordering in de collectieve schuldenregeling van de heer Z..

* Verzoeker beschikt niet over enige private verzekering in dekking van de geleden schade.

V. Begroting van de gevraagde hulp

Verzoeker vraagt om de toekenning van een financiële hulp van euro 13.421,68, overeenstemmend met de schadevergoeding die hem bij vonnis d.d. 3 maart 2009 werd toegekend:

- verplaatsingskosten: euro 125,00

- administratiekosten: euro 125,00

- kledijschade: euro 375,00

- opleg medische kosten: euro 1.244,93

- hospitalisatiekosten: euro 615,42

- medische kosten: euro 392,91

- ambulance: euro 155,00

- Rode Kruis: euro 26,28

- medicatie: euro 55,32

- materiële schade TAO: euro 1.126,75

- meerinspanningen: euro 26,00

- verlies econom. waarde huisman: euro 1.100,75

- morele schade TAO: euro 3.175,00

hospital. van 25.03.07 t.e.m. 28.03.07 : 4 d. x euro 31 = euro 124,00

100 % van 29.03.07 t.e.m. 21.06.07 : 85 d. x euro 25 = euro 2.125,00

hospital. op 22.06.07 : 1 d. x euro 31 = euro 31,00

100 % van 23.06.07 t.e.m. 22.07.07 : 30 d. x euro 25 = euro 750,00

25 % van 23.07.07 t.e.m. 05.08.07 : 14 d. x euro 6,25 = euro 87,50

10 % van 06.08.07 t.e.m. 19.08.07 : 14 d. x euro 2,50 = euro 35,00

5 % van 20.08.07 t.e.m. 06.09.07 : 18 d. x euro 1,25 = euro 22,50

- esthetische schade (4/7): euro 7.250,00

VI. Beoordeling door de Commissie

Het verzoekschrift aan de Commissie is regelmatig naar de vorm en het werd tijdig neergelegd.

Aan de ontvankelijkheidsvoorwaarden werd voldaan.

De wetgeving betreffende de hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden verleent aan de slachtoffers geen subjectief recht op "schadeloosstelling", maar wel op het eventueel bekomen van een "hulp", gesteund op het principe van de collectieve solidariteit. Uit de aard zelf van de hulp volgt dat de "volledige vergoeding" van het door de slachtoffers geleden nadeel niet wordt gewaarborgd. Bij het beoordelen van een hulp dienen de voorschriften van de artikelen 31, 31bis, 32, 33 en 33bis van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen nageleefd te worden.

Artikel 33, § 1, van voornoemde wet laat de Commissie toe om bij het beoordelen van de hulp naar billijkheid rekening te houden met het gedrag van de verzoeker of van het slachtoffer, indien dit gedrag rechtstreeks of onrechtstreeks heeft bijgedragen tot het ontstaan van de schade of de toename ervan.

Uit het strafdossier blijkt dat sommige mensen van een gezelschap waarvan verzoeker deel uitmaakte, zich tijdens een vrijgezellenavond misdroegen tegenover de diensters en de danseressen.

Ter zitting van de Commissie d.d. 4 september 2012 benadrukte de advocaat van verzoeker dat haar cliënt zich buiten het café bevond toen de problemen binnen in het café ontstonden. Verzoeker heeft dus geenszins een actieve rol gespeeld in het ophitsen van de gemoederen, maar stelde zich integendeel bemiddelend op: hij zei dat het geen avond was om problemen te hebben en wou terug naar binnen gaan om zijn vrienden te gaan halen.

In die omstandigheden is de Commissie van oordeel dat verzoeker zeker geen schuld treft in hetgeen hem is overkomen.

Zoals hoger aangestipt verzekert de Commissie geen integrale schadeloosstelling. Ze kan, naar billijkheid, slechts een financiële hulp toekennen voor de schadeposten die limitatief zijn opgesomd in artikel 32, § 1, van de wet. ‘Meerinspanningen' en ‘verlies economische waarde huishouden' zijn daarbij niet opgenomen en komen dus niet in aanmerking voor de toekenning van een hulp.

De overige schadeposten komen wel in aanmerking voor de toekenning van een hulp, met dien verstande dat de gevraagde hulp voor de verplaatsingskosten, de administratiekosten en de kledijschade naar het oordeel van de Commissie enigszins dient herleid te worden.

Rekening houdend met alle omstandigheden van de zaak, zoals hierboven geschetst, kent de Commissie in billijkheid een hulp toe van euro 12.000.

*

* *

OP DIE GRONDEN,

De Commissie,

Gelet op:

- de artikelen 17 § 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken;

- de artikelen 28 tot 41 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, laatst gewijzigd bij wet van 30 december 2009;

- het koninklijk besluit van 18 december 1986 betreffende de commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders, laatst gewijzigd bij koninklijk besluit van 7 december 2006.

Verklaart het verzoek ontvankelijk en kent een hulp toe van euro 12.000.

Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare zitting en in de Nederlandse taal op 26 september 2012.

De secretaris, De voorzitter,

G. VAN DEN ABBEELE D. DESMET

Free keywords

  • Verzoekschrift, neergelegd op het secretariaat van de Commissie op 3 maart 2011, waarbij verzoeker om de toekenning heeft gevraagd van een financiële hulp voor schade als gevolg van een opzettelijke gewelddaad.