- Arrêt of March 5, 2012

05/03/2012 - 2010/AB/1172

Case law

Summary

Samenvatting 1

Bij het nazicht of iemand niet in staat is om op duurzame wijze zijn schulden te betalen,.moet men nakijken of er een structureel gebrek aan evenwicht tussen de schulden en de gewone inkomsten, zoals inkomsten uit arbeid en vervangingsinkomsten. Wanneer er een gerechtelijke vereffening en verdeling van een huwelijksgemeenschap hangende is, kan er voor één van de betrokkenen een structurele schuldenlast zijn doordat hij met zijn gewone inkomsten zijn schulden niet kan vereffenen.


Arrêt - Integral text

rep.nr.

ARBEIDSHOF TE BRUSSEL

BESCHIKKING

RAADKAMER VAN 5 MAART 2012

11 e KAMER

COLLECTIEVE SCHULDENREGELING - vorderingen collectieve schuldenregeling

definitief

In de zaak:

P. M;

appellant,

verschijnend in persoon en bijgestaan door mr. DETIENNE Gust loco mr. STIJNS Jan, advocaat te 3001 HEVERLEE, Philipssite 5 - 2de verdieping.

***

*

Na beraad, spreekt het Arbeidshof te Brussel het hiernavolgend arrest uit:

Gelet op de stukken van rechtspleging, inzonderheid:

- het voor eensluidend verklaard afschrift van de beschikking, uitgesproken op tegenspraak op 24 november 2010 door de arbeidsrechtbank te Leuven (A.R. 10/89/B).

- het verzoekschrift tot hoger beroep, ontvangen ter griffie van dit hof op 21 december 2010;

- de voorgelegde stukken;

Gehoord de appellant in zijn middelen en verdediging op de zitting in raadkamer van 6 februari 2012, waarna de debatten werden gesloten, de zaak in beraad werd genomen en voor uitspraak werd gesteld op heden.

***

*

I. FEITEN EN RECHTSPLEGING

1. Op 18 maart 2010 legde de heer M. P. bij de arbeidsrechtbank te Leuven een verzoekschrift neer om toegelaten te worden tot de collectieve schuldenregeling.

De arbeidsrechtbank te Leuven heeft op 25 maart 2010, 16 juni 2010 en 30 september 2010 bijkomende vragen gesteld aan de verzoeker, die telkens door zijn raadsman werden beantwoord.

2. Bij beschikking van 24 november 2010 van de arbeidsrechtbank te Leuven werd het verzoek van de heer P. niet toelaatbaar verklaard.

De arbeidsrechtbank hield daarbij rekening met het inkomen uit tewerkstelling van de heer P. ten bedrage van ongeveer euro 1.265 netto/maand en een schuldenlast van euro 30.116,14.

Deze schuldenlast was het gevolg van de mislukking van de vroegere handelszaak van de heer P. en zijn echtelijke problemen, die geleid hebben tot een echtscheiding.

De gezinswoning werd verkocht, wat toeliet de hypothecaire bevoorrechte schuldeisers te voldoen, maar er bleven nog discussies tussen de ex-echtgenoten over de rangregeling na verkoop van het onroerend goed en over de vereffening en verdeling van de huwelijksgemeenschap.

De arbeidsrechtbank is op basis van een mededeling van de notaris ervan uitgegaan dat deze moeilijkheden spoedig konden opgelost worden, waardoor er voldoende middelen zouden zijn om de schulden van verzoeker te voldoen. In die omstandig-heden oordeelde de rechtbank dat hij niet voldeed aan de voorwaarde van artikel 1675/2 Ger. W., met name dat hij op duurzame wijze niet in staat was om zijn opeisbare of nog vervallen schulden te betalen.

3. Bij verzoekschrift tot hoger beroep, ontvangen ter griffie van het arbeidshof te Brussel op 21 december 2010, tekende de heer P. hoger beroep aan tegen deze beschikking en hernam hij zijn verzoek om toegelaten te worden tot de collectieve schuldenregeling. Hij verwees daarbij voornamelijk naar de aanhoudende moeilijkheden bij de afwikkeling van de vereffening en verdeling.

Vervolgens heeft het hof de zaak herhaalde malen uitgesteld, omdat de heer P. verhoopte de vereffening en verdeling te kunnen deblokkeren.

II. BEOORDELING.

1. Het hoger beroep van de heer P. werd tijdig ingesteld en voldoet aan de ontvankelijkheidvereisten. Het hoger beroep is ontvankelijk.

2. Op grond van artikel 1675/2 Ger. W. kan de collectieve schuldenregeling worden toegestaan aan een natuurlijke persoon, die niet in staat is, om op duurzame wijze, zijn opeisbare of nog te vervallen schulden te betalen en voor zover hij niet kennelijk zijn onvermogen heeft bewerkstelligd.

De vraag rijst of de heer P. niet in staat is om op duurzame wijze zijn schulden te betalen.

In de Memorie van Toelichting bij het wetsontwerp dat tot de wetgeving collectieve schuldenregeling heeft geleid, wordt aangegeven dat men hierbij moet nakijken of er een structureel gebrek aan evenwicht is tussen de schulden en de gewone inkomsten. De globale schuldenlast moet het vermogen van de verzoeker overtreffen om zijn verbintenissen na te komen. Er moet dus in essentie gekeken worden naar de verhouding tussen de schulden en de gewone inkomsten, zoals inkomsten uit arbeid en vervangingsinkomsten (Parl. St. Kamer 1996 - 97, nrs. 1073/1 en 1074/1, 15 en 16; S. De Coster, Artikelsgewijze Commentaar, Art. 1675/2 Ger. W., IV.D en de rechtsleer aangehaald in de voetnoten 33 en 44).

3. Uit de e-mail van notaris Vangoetsenhoven van 3 februari 2012 blijkt dat hij gelden ter waarde van euro 23.158 voortkomend uit de ontbonden huwelijksgemeenschap in zijn bezit heeft, waarop de heer P. bij het opmaken van de gerechtelijke vereffening-verdeling aanspraak maakt (gezien de gedane schenkingen en leningen vanwege zijn vader).

Uit de e-mails dd 5 oktober 2011 en 15 november 2011 van de raadsman van de ex echtgenote volgt dat deze laatste het standpunt inneemt dat zonder enige discussie het restsaldo alleen aan haar toekomt, wat ze omschrijft als een definitief standpunt.

Hoewel een evenwichtige minnelijke verdeling alleszins de meest rationele oplossing zou zijn, zeker in het licht van de schuldenproblematiek, blijkt uit het bovenstaande dat de betrokkenen opteren voor een gerechtelijke oplossing, die ondanks de schulden van verzoeker voor de nabije toekomst enkel kan resulteren in een verdere blokkering van deze gelden.

Waar de eerste rechter op basis van de toenmalige meldingen van de notaris een verstandige minnelijke oplossing verhoopte, is deze piste thans achterhaald.

4. Ondertussen werd op het beslagbaar gedeelte van het loon van de heer P. beslag gelegd, waardoor hij voor de maand december 2011 nog slechts een beschikbaar bedrag van euro 1.074,94 overhield. Deze loonbeslagen hebben betrekking op schulden aan het Heilig Hart Ziekenhuis te Leuven ( euro 860) en de VMW ( euro 475).

Tevens werden er op 11 en 20 januari 2012 uitvoerende roerende beslagen gelegd door respectievelijk de Ontvanger van de Penale Boeten ( euro 715,07) en door Belgacom Mobile ( euro 2.769,18)

Met inbegrip van deze schulden bedraagt de globale schuldenlast van de heer P. volgens zijn opgave een totaalbedrag van euro 18.112,50.

In deze opgave is een schuld aan Eandis ( euro 1.307,04) begrepen, die volgens de heer P. een gemeenschappelijke schuld is en moet opgenomen worden in de vereffening en verdeling van de huwelijksgemeenschap. Tevens zijn er enkele betwiste schulden aan Telenet.

5. Rekening houdend met wat in randnummer 2 werd gezegd, dient vastgesteld dat de heer P. met zijn inkomen uit arbeid deze schulden niet op korte termijn kan delgen, zodat kan worden aanvaard dat hij niet in staat is om op duurzame wijze zijn schulden te betalen.

De heer P. voldoet tevens aan de overige voorwaarden van artikel 1675/2 Ger. W., zodat zijn verzoek om toegelaten te worden tot de collectieve schuldenregeling toelaatbaar kan worden verklaard.

Zijn hoger beroep is hierdoor gegrond.

OM DEZE REDENEN,

HET ARBEIDSHOF,

Gelet op de wet van 15 juni 1935 op het gebruik der talen in gerechtszaken, zoals tot op heden gewijzigd, inzonderheid op artikel 24,

Recht doende na éénzijdig verzoekschrift;

Verklaart het hoger beroep ontvankelijk en gegrond.

Vernietigt de bestreden beschikking,

Verklaart het verzoek van de heer P. tot het verkrijgen van collectieve schuldenregeling toelaatbaar,

Stelt advocaat Jordens Luc, met kantoor te 3010 Kessel-lo, Diestsesteenweg, 325,

aan als schuldbemiddelaar met de wettelijke opdracht en met verzoek zo snel mogelijk contact op te nemen met verzoekende partij om het verdere verloop van de procedure te bespreken.

Beveelt dat vanaf vandaag alle inkomsten van de verzoekende partij in handen van de schuldbemiddelaar dienen toe te komen.

Machtigt de schuldbemiddelaar verzoeker of een derde te gelasten hem alle nuttige inlichtingen te verschaffen over de door verzoeker uitgevoerde verrichtingen en over de samenstelling en vindplaats van zijn vermogen.

Verzendt de zaak voor verdere afhandeling naar de arbeidsrechtbank te Leuven.

Aldus gewezen en ondertekend door de elfde kamer van het Arbeidshof te Brussel, samengesteld uit:

Lieven LENAERTS, raadsheer,

bijgestaan door :

Kelly CUVELIER, griffier.

Lieven LENAERTS, Kelly CUVELIER.

en uitgesproken in de raadkamer van maandag 5 maart 2012 door:

Lieven LENAERTS, raadsheer,

bijgestaan door

Kelly CUVELIER, griffier.

Lieven LENAERTS, Kelly CUVELIER.

Free keywords

  • Schuldoverlast

  • Structurele schuldenlast