Arbeidsrechtbank: Vonnis van 15 Februari 1971 (Antwerpen). RG 672

Date :
15-02-1971
Language :
Dutch
Size :
1 page
Section :
Case law
Source :
Justel N-19710215-1
Role number :
672

Summary :

De verbreking van de arbeidsovereenkomst kan blijken uit elke handeling of verzuim van de partij die hiermede uiting geeft aan haar bedoeling de essentiële voorwaarden van de tussen partijen gesloten overeenkomst niet meer te eerbiedigen. Als meest essentiële voorwaarden van de overeenkomst kunnen beschouwd worden: de omvang van het loon van de werknemer, de plaats waar de arbeid dient gepresteerd en de aard van de uit te voeren arbeidstaak. Wat deze laatste voorwaarde betreft, volstaat het niet dat een welkdanige wijziging aan de opgelegde taak wordt aangebracht. De verbreking kan slechts als voltrokken beschouwd worden, wanneer de bedoelde wijziging de essentie zelf van de bedoelde taak, raakt, met name wanneer de nieuwe opdrachten in grondige mate verschillend zijn van deze welke oorspronkelijk tussen partijen waren bedongen, aldus zal van een wijziging van de aard van het werk vooral sprake zijn wanneer de nieuwe taak een prestigeverlies van de werknemer tot gevolg heeft. De loutere vermindering van de uit te voeren taak, als gevolg van essentiële factoren, houdt op zich zelf geen verbreking van de overeenkomst in. Het 13de maandloon maakt een integrerend gedeelte uit van het loon (art. 2, eerste lid 3° van de wet van 12 april 1965 betreffende de bescherming der werknemers) en verschilt alleen van het normaal loon in de mate waarin het op een ander tijdstip dan dat van het maandloon mag uitgekeerd worden (art. 9, eerste lid, 4° der zelfde wet).

Jugement :

The full and consolidated version of this text is not available.