Commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders: Beslissing van 11 Mei 2004 (België). RG M2653;2823

Date :
11-05-2004
Language :
Dutch
Size :
2 pages
Section :
Case law
Source :
Justel N-20040511-2
Role number :
M2653;2823

Summary :

Samenvatting 1

Decision :

Add the document to a folder () to start annotating it.
(...)
I. Feiten
Uit de stukken blijkt dat de heer Abderrahman S. op 22-jarige leeftijd door Orazio V. en Edmond K. in de nacht van 20 op 21 juli 1999 in een hinderlaag gelokt werd te ... en afgemaakt met een kogel in het hoofd.
"Het motief van de daders om S. Abderraman te doden, was het ontvreemden van één kilogram cocaïne.
V. Orazio, kopstuk van een bende drugdealers in de streek van ..., schakelde K. Edmond in om de 'k...'.
Hij gaf K. een vuurwapen en organiseerde de dodelijke hinderlaag voor S. Abderrahman. K. wachtte S. op aan een verlaten landweg in ... (afrit E19), stapte in diens voertuig en schoot hem door het hoofd." (verzoekschrift)
De overledene werd begraven te Aroui T. (Marokko).
II. Vervolging
Bij arrest van het Hof van Assisen van de provincie ... d.d. 22 maart 2002 werden Orazio V. en Edmond K. respectievelijk veroordeeld tot levenslange opsluiting en tot 30 jaar opsluiting.
Bij arrest van het Hof van Cassatie d.d. .. oktober 2002 werden de door Orazio V. ingestelde voorzieningen verworpen.
Bij arrest van het Hof van Assisen van de provincie ... d.d. 23 maart 2002 werden Orazio V. en Edmond K. veroordeeld tot het betalen van
- Euro 9.915,74 meer de intresten voor morele schade en Euro 1 provisioneel voor de begrafeniskosten aan mevrouw Ayada H.
- Euro 2.478,94 meer de intresten aan de heer Abdelaziz S.
- Euro 2.478,94 meer de intresten aan de heer Mohamed S.
- Euro 2.478,94 meer de intresten aan mevrouw Khadija S.
III. Financiële middelen en schadeloosstelling
Op 21 november 2002 melden Edmond K. en de heer H. van de Service d'aide aux justiciables bij de gevangenis te ... dat de heer K. niet in staat is om de burgerlijke partij te betalen.
Mevrouw Ayada H. verklaart op 7 februari 2003 geen geld ontvangen te hebben naar aanleiding van het overlijden van haar zoon. De raadsman merkt op dat: "U zal merken dat er geen dekking is voor de rechtsbijstand in 2001. Telefonisch contact met de verzekeraar FORTIS A.G. leerde mij dat er geen polis was afgesloten voor het jaar waarin de feiten plaatsvonden, namelijk 1999."
Boujamaâ S. en Ayada H. genoten in 1999 van een belastbaar gezinsinkomen van 416.603 frank (werkloosheidsuitkeringen).
In 2000 bedroeg dit Euro 9.299,53 (werkloosheid en pensioenen).
IV. Begroting van de schade door de verzoekers
Mevrouw Ayada H. raamt haar schade op: Euro 29.747,22
- morele schade (inwonende, meerderjarige zoon): Euro 9.915,74
- begrafeniskosten: Euro 19.831,48
- transportkosten (ex aequo et bono): Euro 10.000,00
- kosten van religieuze ceremonie en begrafenisfeest (ex aequo et bono): Euro 5.000,00
- reis- en verblijfskosten van de familie (ex aequo et bono): Euro 4.831,48
De heer Abdelaziz S. raamt zijn morele schade, als inwonende broer, op Euro 2478,94.
De heer Mohamed S. raamt zijn morele schade, als inwonende broer, op Euro 2478,94.
Mevrouw Khadija S. raamt haar morele schade, als inwonende zus, op Euro 2478,94.
V. Beoordeling door de Commissie
Het verzoekschrift aan de Commissie is regelmatig naar de vorm en het werd tijdig neergelegd. Aan de ontvankelijkheidsvoorwaarden werd voldaan. De kansen op verhaal tegenover de daders zijn quasi onbestaande.
De wetgeving betreffende de hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden verleent aan de slachtoffers geen subjectief recht op "schadeloosstelling", maar wel op het eventueel bekomen van een "hulp", gesteund op het principe van de collectieve solidariteit. Uit de aard zelf van de hulp volgt dat de "volledige vergoeding" van het door de slachtoffers geleden nadeel niet wordt gewaarborgd. Bij het beoordelen van een hulp dienen de voorschriften van de artikelen 31, 31bis, 32, 33 en 33bis van de wet van 1 augustus 1985 nageleefd te worden.
Het door de verzoekster gevraagde bedrag inzake morele schadevergoeding kan worden toegekend nu er geen twijfel over bestaat dat de omstandigheden waarin haar broer om het leven is gekomen zeer dramatisch en traumatiserend zijn geweest voor haar. Zelfs het feit dat één en ander zich heeft afgespeeld binnen het kader van een drugzaak, doet niets af aan het morele leed van de verzoekster zodat door de Commissie Euro 2.478 kan worden toegekend.
OP DIE GRONDEN,
De Commissie,
Gelet op de artikelen 17 ,§ 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken, de artikelen 31 tot 37 van de wet van 1 augus-tus 1985, zoals gewijzigd door de wetten van 17 en 18 februari 1997 en de artikelen 28 tot 34 van het K.B. van 18 december 1986,
Verklaart het verzoek ontvankelijk,
Kent de verzoekster een hulp toe van Euro 2.478.
Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare zitting en in de Nederlandse taal op 13 april 2004.