Commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders: Beslissing van 24 Januari 2008 (België). RG M61136/5147
- Section :
- Case law
- Source :
- Justel N-20080124-1
- Role number :
- M61136/5147
Summary :
Samenvatting 1
Decision :
I. Feiten
De moeder van Jonathan X., mevrouw Christa X., werd op 8 september 2004 te ... door haar toenmalige vriend, de heer Malfried Z., vermoord.
Zij overleed ten gevolge van wurging. Haar lichaam werd 's anderendaags teruggevonden op het terrein van de basisschool te ... .
II. Vervolging
Bij arrest van het Hof van Assisen te ... d.d. 5 mei 2006 werd Malfried Z. veroordeeld tot levenslange opsluiting.
Hij werd bij arrest van het Hof van Assisen te ... d.d. 29 juni 2006 op burgerlijk gebied veroordeeld tot betaling aan de burgerlijke parij, Meester Valérie Delie, in haar hoedanigheid van voogd ad hoc over de niet-ontvoogde minderjarige Jonathan X. tot betaling van een morele schadevergoeding van euro 25.000 en een materiële schadevergoeding van euro 2.500.
Bovenvermelde arresten zijn in kracht van gewijsde getreden.
III. Middelen tot schadeloosstelling
- Malfried Z. verblijft momenteel in het Penitentiair Complex te ... .
Zijn raadsman werd aangeschreven n.a.v. het opstellen van een aflossingstabel. Deze laatste liet op 29 augustus 2006 weten dat Z. insolvabel is en dat deze voortaan rechtstreeks dient aangesproken te worden in verband met deze aangelegenheid.
- Het slachtoffer, Christa X., genoot slechts een zeer bescheiden inkomen (stempelgeld, kindergeld, voorschot onderhoudsgeld). Thans geniet Jonathan kinderbijslag als wees. Jonathan werd ten gevolge van de feiten overgebracht naar een Begeleidingstehuis. Hij heeft niemand meer, behalve zijn broer die onlangs alleen ging wonen.
IV. Begroting van de schade
- morele schade euro 25.000
- materiële schade euro 2.500
- Het arrest van het Hof van Assisen te ... d.d. 29 juni 2006 citeert in verband met de morele schade:
"Gelet op de familieband tussen voornoemde burgerlijke partij en het slachtoffer (inwonende zoon van het slachtoffer), de concrete onderlinge verhouding (ongewone opvoedingssituatie doch hechte emotionele band) en de gewelddadige omstandigheden waarin het slachtoffer om het leven kwam (moord), begroot het Hof de morele schade in hoofde van deze burgerlijke partij op euro 25.000, meer intrest."
- de materiële schade omvat de kosten gemaakt door de voogd ad hoc.
hieromtrent citeert bovenvermeld arrest:
"Zonder vertegenwoordiging was het voor hem (Jonathan) niet mogelijk geweest om op rechtsgeldige wijze zijn schade te verhalen op de schadeverwekker. De aanstelling van een voogd ad hoc was in de gegeven omstandigheden bovendien volstrekt noodzakelijk, zoals blijkt uit de beschikking van de voorzitter van het Hof van Assisen van 9 maart 2006."
V. Beoordeling door de Commissie
Het verzoekschrift aan de Commissie is regelmatig naar de vorm en het werd tijdig neergelegd. Aan de ontvankelijkheidsvoorwaarden werd voldaan. De kansen op verhaal tegenover de dader zijn nagenoeg onbestaande.
De wetgeving betreffende de hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden verleent aan de slachtoffers geen subjectief recht op "schadeloosstelling", maar wel op het eventueel bekomen van een "hulp", gesteund op het principe van de collectieve solidariteit. Uit de aard zelf van de hulp volgt dat de "volledige vergoeding" van het door de slachtoffers geleden nadeel niet wordt gewaarborgd. Bij het beoordelen van een hulp dienen de voorschriften van de artikelen 31, 31bis, 32, 33 en 33bis van de wet van 1 augustus 1985 nageleefd te worden.
- Verzoekster vraagt de bedragen door het Hof van Assisen te ... d.d. 29 juni 2006 toegekend, te vermeerderen met de intresten.
- Volgens constante rechtspraak van de Commissie worden intresten niet aangenomen. Deze schadepost komt immers niet voor in de limitatieve lijst van artikel 32 §2 van de wet van 1 augustus 1982.
- De gevraagde kosten voor verzoekster in haar hoedanigheid van voogd ad hoc worden beschouwd als procedurekosten en kunnen aldus toegekend worden.
OP DIE GRONDEN,
De Commissie,
Gelet op de artikelen 17 § 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken, de artikelen 31 tot 37bis van de wet van 1 augustus 1985, zoals gewijzigd door de wetten van 26 maart 2003 en 22 april 2003 en de artikelen 28 tot 34 van het K.B. van 18 december 1986.
Verklaart het verzoek ontvankelijk.
- Kent de verzoekster in haar hoedanigheid van voogd ad hoc van Jonathan X. een hulp toe van euro 25.000.
Zegt dat die som zal geplaatst worden op een spaarboekje te openen op naam van het minderjarige kind en dat de hoofdsom en de intresten onbeschikbaar zullen blijven tot aan zijn meerderjarigheid of ontvoogding, behoudens bijzondere toelating van de daartoe bevoegde rechter.
- Kent aan verzoekster in haar hoedanigheid van voogd ad hoc een hulp toe van euro 2.500.
Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare zitting en in de Nederlandse taal op 24 januari 2008.
De secretaris, De voorzitter,
M. STEYAERT P. DRAULANS