Commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders: Beslissing van 4 Januari 2008 (België). RG M70187/533
- Section :
- Case law
- Source :
- Justel N-20080104-12
- Role number :
- M70187/533
Summary :
Samenvatting 1
Decision :
I. Feiten
Uit de stukken blijkt dat verzoekster het slachtoffer werd van een gewelddadige handtasdiefstal. Toen zij de sleutel in het slot van haar appartementenblok stak, kreeg zij een vuistslag in het gelaat. Zij werd achterover gegooid en kwam met het hoofd tegen een paal terecht. Zij was kortstondig bewusteloos. Met de dienst 100 werd zij overgebracht naar het St. Augustinusziekenhuis waar zij tot 16 februari 2004 gehospitaliseerd bleef.
II. Vervolging
Bij vonnis van de rechtbank van eerste aanleg te ... d.d. 29 juni 2004 werd Mohamed Z. (Belg, geboren op ../../1985) veroordeeld tot een gevangenisstraf van 3 jaar wegens o.m. :
door middel van geweld of bedreiging een handtas die hem niet toebehoorde bedrieglijk weggenomen te hebben, het geweld of de bedreiging, hetzij een ongeneeslijk lijkende ziekte, hetzij een blijvende fysische of psychische ongeschiktheid, hetzij het volledig verlies van het gebruik van een orgaan, hetzij een zware verminking ten gevolge hebbend
Op burgerlijk gebied werd hij veroordeeld om de verzoekster een provisionele schadevergoeding van euro 6.500 te betalen. Het vonnis verkreeg kracht van gewijsde.
Bij vonnis van de rechtbank van eerste aanleg te ... d.d. 23 mei 2006 werd Z. op burgerlijk gebied bij verstek veroordeeld om bijkomend euro 26.826,91 aan mevrouw Henriette X. te betalen.
III. Medische gevolgen
Medisch verslag van Dr. Christel De Meyere d.d. 5 juli 2005:
Mevrouw X. Henriette, geboren op ../../1920, gepensioneerd, liep op 4 februari 2004 ten gevolge van een aanranding op:
- een breuk ter hoogte van de linker oogkas met wonde aan de linker wenkbrauw
- een neusbreuk
- een breuk te hoogte van de linker pols (type Pouteaufractuur)
- een luxatie van de linker middenvinger
- een wonde ter hoogte van de rechter pink
...
De toestand is thans consolideerbaar.
Ondergetekende meent dat de fysieke restletsels een blijvende gedeeltelijke ongeschiktheid tot het verrichten van persoonlijke arbeid tot gevolg hebben. Door de problemen met het zicht en de stramheid van de linker pols is betrokkene gehinderd in haar dagdagelijkse en huishoudelijke activiteiten als gepensioneerde. Zij is niet meer economisch actief op de arbeidsmarkt. Ondergetekende merkt op dat het fysieke letsel en vooral de oogproblematiek hoger geëvalueerd wordt dan de weerslag dat een dergelijk letsel heeft op het functioneren
De periodes en graden der tijdelijke werkonbekwaamheid worden bona fide als volgt geraamd:
100% vanaf 04/02/04 tot en met 30/04/04
50% vanaf 01/05/04 tot en met 31/05/04
30% vanaf 01/06/04 tot en met 31/08/04
20% vanaf 01/09/04 tot en met 31/12/04
15% vanaf 01/01/05 tot en met 30/04/05
De consolidatiedatum is ingetreden op 1 mei 2005.
De graad van blijvende werkongeschiktheid (weerslag van het fysieke letsel op het arbeidsvermogen), vanaf 1 mei 2005, datum der consolidatie, wordt bona fide geraamd op 10%.
De graad van blijvende invaliditeit (het zuivere fysieke letsel), vanaf 1 mei 2005, datum der consolidatie, wordt bona fide geraamd op 22%.
De esthetische schade wordt geraamd op zeer licht (2/7). Deze schade wordt geraamd volgens de gebruikelijke zevenwaardeschaal.
IV. Begroting van de schade door de verzoekster
Administratiekosten 123,95 euro
Dokters- en apothekerskosten 3.343,74 euro
Tijdelijke werkonbekwaamheid moreel 4.177,50 euro
100% vanaf 04/02/04 tot en met 16/02/04 12 dagen à euro 31
100% vanaf 17/02/04 tot en met 11/03/04 13 dagen à euro 25
100% vanaf 12/03/04 tot en met 14/03/04 3 dagen à euro 31
100% vanaf 15/03/04 tot en met 30/04/04 46 dagen à euro 25
50% vanaf 01/05/04 tot en met 31/05/04 31 dagen à euro 25
30% vanaf 01/06/04 tot en met 31/08/04 92 dagen à euro 25
20% vanaf 01/09/04 tot en met 31/12/04 122 dagen à euro 25
15% vanaf 01/01/05 tot en met 30/04/05 120 dagen à euro 31
Tijdelijke werkonbekwaamheid materieel 6.778,75 euro
Waarvan euro 2.791,25 voor economische waarde huishoudelijke arbeid
Waarvan euro 3.987,50 voor hulp van derden
Blijvende werkonbekwaamheid (BWO 10% - BI 22%) 18.000,00 euro
Ereloon wetsdokter 902,97 euro
TOTAAL 33.326,91 euro
Meer de intresten
De verzoekster vraagt de tussenkomst van de rechtsbijstandsverzekeraar eerst aan te rekenen op de niet voor vergoeding in aanmerking komende schadeposten: economische waarde huishoudelijke arbeid en hulp van derden.
V. Beoordeling door de Commissie
Het verzoekschrift aan de Commissie is regelmatig naar de vorm en het werd tijdig neergelegd. Aan de ontvankelijkheidsvoorwaarden werd voldaan. De kansen op verhaal tegenover de dader zijn quasi onbestaande.
De wetgeving betreffende de financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders verleent aan de slachtoffers geen subjectief recht op "schadeloosstelling", maar wel op het eventueel bekomen van een "hulp", gesteund op het principe van de collectieve solidariteit. Uit de aard zelf van de hulp volgt dat de "volledige vergoeding" van het door de slachtoffers geleden nadeel niet wordt gewaarborgd. Bij het beoordelen van een hulp dienen de voorschriften van de artikelen 31, 31bis, 32, 33 en 33bis van de wet van 1 augustus 1985 nageleefd te worden.
De Commissie verzekert geen integrale schadeloosstelling. Ze kan, naar billijkheid, een financiële hulp toekennen voor de schadeposten die limitatief zijn opgesomd in artikel 32, § 1 van de wet van 1 augustus 1985. Intresten zijn niet opgenomen in deze limitatieve opsomming en komen dus niet in aanmerking voor vergoeding. Het behoort overigens tot de constante rechtspraak van de Commissie - en deze vloeit voort uit de bedoeling van de wet - dat intresten niet voor vergoeding in aanmerking komen. Het principe dat de bijzaak de hoofdzaak volgt is hier niet van toepassing; immers de schuldenaar van de toegekende hulp, zijnde de Belgische Staat, is niet de veroorzaker van de schade. Deze zienswijze van de Commissie werd trouwens bevestigd door het arrest nr. 165.787 d.d. 12 december 2006 van de Raad van State.
Rekening houdende enerzijds met de ernst van de feiten, met de door de verzoekster geleden schade zoals zij blijkt het neergelegde dossier en anderzijds met de door de wet uitgesloten schadeposten en de tussenkomst vanwege de verzekeraar, meent de Commissie aan verzoekster naar billijkheid een globale hulp te kunnen toekennen zoals hierna bepaald.
VI. Begroting van de hulp door de Commissie
De hulp kan in billijkheid begroot worden op euro 32.145,00.
OP DIE GRONDEN,
De Commissie,
Gelet op de artikelen 17 § 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken, de artikelen 31 tot 37bis van de wet van 1 augustus 1985, zoals gewijzigd door de wetten van 26 maart 2003, 22 april 2003 en de programmawet van 27 december 2004 en de artikelen 28 tot 34 van het K.B. van 18 december 1986,
Verklaart het verzoek ontvankelijk en kent de verzoekster een hulp toe van euro 32.145,00.
Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare zitting en in de Nederlandse taal op 4 januari 2008.
De secretaris a.i., De voorzitter,
P. VERHOEVEN P. DE SMET