Commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders: Beslissing van 5 Juni 1997 (België). RG 1012435

Date :
05-06-1997
Language :
Dutch
Size :
1 page
Section :
Case law
Source :
Justel N-19970605-4
Role number :
1012435

Summary :

(Uit de stukken blijkt dat bij vonnis van ... 1995 van de Correctionele Rechtbank te Brugge de heer B. schuldig bevonden werd aan verkrachting met geweld op Nat. aanranding van de eerbaarheid met geweld op Nat. en An. Tevens werd op burgerlijk gebied de genaamde Beenens veroordeeld tot het betalen van 643.700 frank morele en materiële schadevergoeding aan mevrouw T. in eigen naam en als vertegenwoordiger in rechte van haar minderjarige kinderen. Bij arrest van ... 1995 van het Hof van beroep te Gent verkreeg Nat. een morele schadevergoeding van 82.687 frank. An. kreeg op burgerlijk vlak een morele schadevergoeding van 100.000 frank. Mevrouw T. verkreeg in eigen naam een morele schadevergoeding van 75.000 frank en een provisionele materiële schadevergoeding van 36.701 frank. Tegen dit arrest werd een voorziening in cassatie ingesteld welke werd verworpen op ... 1996. Het verzoekschrift aan de Commissie is regelmatig naar de vorm en het werd tijdig neergelegd. Het verzoekschrift voor zover het is neergelegd namens mevrouw T. in haar hoedanigheid van vertegenwoordigster in rechte van haar minderjarige kinderen Nat. en An., is ontvankelijk. Het verzoekschrift in eigen naam tot het bekomen van een schadevergoeding is niet ontvankelijk. Immers enkel de slachtoffers die een nadeel voor hun gezondheid hebben ondervonden als rechtstreeks gevolg van de opzettelijke gewelddaad kunnen een hulp van de Commissie aanvragen. Mevrouw T. voldoet niet aan deze voorwaarden gezien zij geen rechtstreeks slachtoffer is zodat haar verzoek in eigen naam niet voldoet aan de voorwaarden van artikel 31 van de wet. Wat betreft de hulp die gevorderd wordt voor de kinderen An. en Nat., kunnen de volgende bedragen worden toegekend: Voor An. 100.000 frank als morele schade, gezien deze vergoeding kan aanzien worden als een vergoeding voor de aantasting van de fysische integriteit. Voor Nat. 432.687 frank, waarvan 350.000 frank voor morele schade en het saldo voor medische kosten. OP DIE GRONDEN, De Commissie, Gelet op de artikelen 17 alinéa 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken, de artikelen 31 tot 37 van de wet van 1 augustus 1985 en de artikelen 28 tot 34 van het K.B. van 18 december 1986, Verklaart het verzoek namens mevrouw T. in eigen naam niet ontvankelijk. Verklaart het verzoek namens mevrouw T. als vertegenwoordigster in de rechten van haar minderjarige kinderen ontvankelijk. Kent aan verzoekster q.q. een hulp toe van 100.000 frank min 10.000 frank (artikel 33 alinéa 2 van de wet) voor An. en een bedrag van 432.687 frank min 10.000 frank voor Nat. Zegt dat wat de bedragen van 90.000 frank ten titel van morele schade voor wat betreft An. en van 340.000 frank voor morele schade wat betreft Nat., zullen geplaatst worden op een spaarboekje op naam van het minderjarig kind en dat de hoofdsom en de intresten onbeschikbaar zullen blijven tot op het ogenblik van zijn meerderjarigheid of ontvoogding, behalve indien de daartoe bevoegde rechter de toelating heeft zekere sommen af te nemen ten behoeve van het kind.)

Decision :

The full and consolidated version of this text is not available.