Commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders: Beslissing van 5 Mei 1994 (België). RG 398158

Date :
05-05-1994
Language :
Dutch
Size :
1 page
Section :
Case law
Source :
Justel N-19940505-1
Role number :
398158

Summary :

(Het verzoekschrift van 7 april 1993 is regelmatig naar de vorm en werd tijdig ingesteld. Uit het verslag van de Gerechtelijk-geneeskundige Dienst blijkt dat verzoeker gevolge de feiten van 3 juni 1992, 100 % werkongeschikt was van 3 juni 1992 tot en met 19 juni 1993, 80 % van 20 juni 1993 tot en met 30 juni 1993, terwijl consolidatie optrad op 1 juli 1993 met een blijvende arbeidsongeschiktheid van 20 % + 40 %. Rekening houdend met de bewezen medische kosten ten bedrage van 67.519 frank, de tijdelijke en blijvende arbeidsongeschiktheid zoals vastgesteld in het deskundigenverslag en de esthetische schade, in billijkheid oordelend, komt het de Commissie voor dat een hulp van 2.000.000 frank kan worden toegekend, te verminderen met het op 29 april 1993 toegekende voorschot van 75.000 frank. OP DIE GRONDEN, De Commissie, Gelet op de artikelen 17, alinéa 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken, de artikelen 31 tot 37 van de wet van 1 augustus 1985 en de artikelen 28 tot 34 van het K.B. van 18 december 1986, Verklaart de aanvraag tot een hulp ontvankelijk en in de hierna bepaalde mate gegrond; Kent de verzoeker een hulp toe van 2.000.000 frank - 75.000 frank = 1.925.000 frank.)

Decision :

The full and consolidated version of this text is not available.