Hof van Cassatie: Arrest van 14 Juni 2004 (België). RG S030138F
Summary :
Het geneesmiddel Fosamax wordt enkel vergoed als wordt aangetoond dat het toegediend wordt voor de behandeling van osteoporose bij een vrouw in de menopauze; niet het loutere feit dat de lijder aan osteoporose een vrouw is, maar wel dat zij in de menopauze is vormt dus de maatstaf voor de toepassing van die regel (1). (1) K.B. 23 sept. 1980 tot vaststelling van de voorwaarden waaronder de verplichte ziekte- en invaliditeitsverzekering tegemoetkomt in de kosten van de farmaceutische specialiteiten en daarmee gelijkgestelde produkten, B.S. 30 sept. 1980, B.S. 10 juli 1991, p. 15446, en na de wijziging van dat K.B. bij het K.B. 7 jan. 1998, B.S. 20 jan. 1998, pp. 1241 e.vlg., inz. pp. 1243 en 1244; zie later K.B. 21 dec. 2001 tot vaststelling van de procedures, termijnen en voorwaarden inzake de tegemoetkoming van de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen in de kosten van farmaceutische specialiteiten, artt. 103 en 105, B.S. 29 dec. 2001, Ed. 3, pp. 45584 e.vlg., inz. p. 45609, en M.B. 19 aug. 2002 tot wijziging van de lijst gevoegd bij het koninklijk besluit van voormeld K.B. 21 dec. 2001, B.S. 21 aug. 2002, pp. 35848 e.vlg., inz. p. 35858.
Arrêt :
LANDSBOND VAN DE ONAFHANKELIJKE ZIEKENFONDSEN,
Mr. Huguette Geinger , advocaat bij het Hof van Cassatie,
tegen
C. E,
I. Bestreden beslissing
Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest, op 24 september 2003 gewezen door het Arbeidshof te Brussel.
II. Rechtspleging voor het Hof
Raadsheer Philippe Gosseries heeft verslag uitgebracht.
Eerste advocaat-generaal Jean-François Leclercq heeft geconcludeerd.
III. Cassatiemiddel
Eiseres voert een middel aan :
IV. Beslissing van het Hof
Overwegende dat, krachtens artikel 1 van het te dezen toepasselijke koninklijk besluit van 2 september 1980 tot vaststelling van de voorwaarden waaronder de verplichte ziekte- en invaliditeitsverzekering tegemoetkomt in de kosten van de farmaceutische specialiteiten en daarmee gelijkgestelde produkten, de verzekering onder de in dit besluit bepaalde voorwaarden tegemoetkomt in de kosten van de farmaceutische specialiteiten en daarmee gelijkgestelde produkten waarvan de lijsten als bijlagen bij dat besluit gaan ;
Overwegende dat ,§142 van hoofdstuk IV, B, bijlage I van voornoemd koninklijk besluit van 2 september 1980 bepaalt dat het geneesmiddel Fosamax slechts wordt vergoed als is aangetoond dat ze is voorgeschreven voor de behandeling van osteoporose bij een gemenopauzeerde patiënte ;
Dat uit die bepaling volgt dat, onder de personen die lijden aan osteoporose waarvoor dat geneesmiddel wordt voorgeschreven, alleen vrouwen in de menopauze de tegemoetkoming van de verzekering in de kosten van dat geneesmiddel genieten ;
Dat niet het feit dat de lijder aan osteoporose een vrouw is, maar wel dat zij in de menopauze is de maatstaf vormt voor de toepassing van die regel ;
Overwegende dat het arrest beslist, enerzijds, dat "de bepaling volgens welke de ziekte- en invaliditeitsverzekering alleen voor de behandeling van vrouwen met osteoporose een tegemoetkoming betaalt terwijl mannen met precies dezelfde aandoening (...) geen vergoeding krijgen van de verzekering, een discriminatie inhoudt", anderzijds, "dat die discriminatie niet redelijk is en door geen enkel objectief gegeven wordt verantwoord, aangezien de mannen evengoed als de vrouwen kunnen lijden aan osteoporose", en daaruit besluit "dat de weigering om Fosamax terug te betalen wanneer het wordt voorgeschreven voor een man, op geen enkel wettelijk of objectief wetenschappelijk criterium berust tenzij dan op het onderscheid tussen de geslachten (...) dat te dezen als een objectief criterium van onderscheid wordt aangenomen" ;
Overwegende dat het arrest, dat zich baseert op een onjuiste lezing van ,§142 van hoofdstuk IV, B, bijlage I van het koninklijk besluit van 2 september 1980, door die overwegingen zijn beslissing niet naar recht verantwoordt ;
Dat het middel gegrond is ;
OM DIE REDENEN,
HET HOF
Vernietigt het bestreden arrest ;
Beveelt dat van het arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het vernietigde arrest ;
Gelet op artikel 1017, tweede lid, van het Gerechtelijk Wetboek, veroordeelt eiseres in de kosten ;
Verwijst de zaak naar het Arbeidshof te Bergen.
Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, derde kamer, te Brussel, door raadsheer Philippe Echement, waarnemend voorzitter, de raadsheren Christian Storck, Daniel Plas, Sylviane Velu en Philippe Gosseries, en in openbare terechtzitting van veertien juni tweeduizend en vier uitgesproken door raadsheer Philippe Echement, waarnemend voorzitter, in aanwezigheid van eerste advocaat-generaal Jean-François Leclercq, met bijstand van griffier Jacqueline Pigeolet.
Vertaling opgemaakt onder toezicht van raadsheer Ghislain Dhaeyer en overgeschreven met assistentie van afgevaardigd adjunct-griffier Johan Pafenols.
De afgevaardigd adjunct-griffier, De raadsheer,