Hof van Cassatie: Arrest van 21 Mei 1999 (België). RG C960259N

Date :
21-05-1999
Language :
French Dutch
Size :
2 pages
Section :
Case law
Source :
Justel N-19990521-6
Role number :
C960259N

Summary :

Een zaak is gebrekkig, indien zij een abnormaal kenmerk vertoont waardoor zij in bepaalde omstandigheden schade kan veroorzaken; zulks kan het geval zijn met een boom die een verrotte toestand vertoonde; het feit dat het gebrek het gevolg is van een natuurverschijnsel is zonder belang.

Arrêt :

Add the document to a folder () to start annotating it.
HET HOF,
Gelet op het bestreden arrest, op 27 maart 1996 gewezen door het Hof van Beroep te Antwerpen;
Over het middel, gesteld als volgt: schending van het artikel 1384, eerste lid, van het Burgerlijk Wetboek,
doordat het bestreden arrest van bevestiging eiseressen solidair veroordeelt om te betalen aan eerste verweerder ten titel van schadevergoeding de som van 700.000 fr. provisioneel en dokter R. Van Camp aanstelt als gerechtsdeskundige met opdracht eerste verweerder te onderzoeken, zijn kwetsuren tengevolge van het ongeval van 11 november 1992 na te gaan, de periodes en graden van tijdelijke werkongeschiktheid vast te stellen, evenals de consolidatiedatum en het percentage van de blijvende werkongeschiktheid en de eventuele esthetische schade en eiseressen solidair veroordeelt om te betalen aan tweede verweerster de som van 1 fr. provisioneel op grond dat "vaststaat en overigens niet betwist wordt dat op 11 november 1992 omstreeks 13.20 uur (eerste verweerder) tijdens een wandeling in het stadspark te Antwerpen zwaar gekwetst werd door het afbreken en neervallen van een gedeelte van een stam van een paardekastanjeboom waarvan de leeftijd ongeveer 100 jaar bedraagt; dat uit het zonder gevolg gerangschikt strafdossier de feiten als volgt werden vermeld: "Het blijkt dat een boom van 2,5 meter omtrek is afgebroken op ongeveer 6 meter hoogte. De boom staat links achter het standbeeld der gesneuvelden op ongeveer 30 meter afstand van dit monument, langs de linkerkant van de wandelweg die evenwijdig met de Rubenslei loopt gezien vanaf het standbeeld. Het afgebroken stuk ligt over de volledige breedte van de wandelweg plus nog een zestal meter op het grasveld. Waarschijnlijk is het afbreken te wijten aan het stormweer, doch tevens merken wij op dat de binnenkant van de stam alsook van de grote takken is uitgehold door rotting"; dat een nader onderzoek van de Dienst Groenvoorziening van (eiseres) uitwees dat de oorzaak van het afbreken van de stam gelegen was in de verrotting van het kernhout; dat de voorgelegde foto's waarvan de waarheidsgetrouwheid niet wordt betwist, insgelijks duidelijk aantonen dat de stam ernstige tekenen van inrotting vertoonde; dat niet betwist wordt dat er op 11 november 1992 stormweer was doch uit geen enkel gegeven blijkt dat op het gegeven tijdstip de storm dermate hevig was dat er van overmacht sprake zou kunnen zijn; dat (eiseres) trouwens geen overmacht inroept; dat niet blijkt dat andere bomen in de omgeving niet overeind zijn gebleven; dat nu het stormweer zelf niet de oorzaak van het afknappen van de paardekastanjeboom kan geweest zijn noch enige andere oorzaak aanwijsbaar is tenzij de staat van verrotting zoals hoger vastgesteld, als bewezen moet worden aanvaard dat de boom is afgeknapt tengevolge van een intrinsiek gebrek en het ongeval en de schade zich niet zouden voorgedaan hebben zonder dit gebrek; dat (eiseressen) ten onrechte het gebrek van de zaak betwisten op grond van het feit dat de kwestieuze boom aan een normale ziekte leed die geenszins het gevolg is van een slecht onderhoud -doch integendeel een natuurlijk verschijnsel is bij ouder worden de bomen; dat als gebrek van de zaak moet worden beschouwd elke eigenschap of toestand ervan die ze ongeschikt maakt voor normaal gebruik en waardoor ze schade kan veroorzaken; dat luidens de hogeraangehaalde vaststellingen de boomstam tengevolge van zijn gevorderde staat van inwendige verrotting niet kon weerstaan aan de weersomstandigheden die in dit geschil aan de orde zijn en die, zoals reeds vastgesteld, zeker geen abnormaal of slechts zelden voorkomend natuurverschijnsel uitmaken; dat het verrotten en afsterven van een boom, zoals te dezen, als een abnormale gedraging of toestand moet worden beschouwd die de toestand van de boom
wijzigt en hieraan niets afdoet het feit dat de boom reeds 100 jaar oud was; dat mag verwacht worden van een boom, staande midden een druk bezocht wandelpark langs een wandelweg die door de voetgangers veelvuldig als binnenweg wordt gebruikt als verbinding tussen verschillende belangrijke straten in het stadscentrum van Antwerpen, dat hij gezond is zodat onderhavige toestand van verrotting een abnormaal kenmerk vertoonde en de boom derhalve door een gebrek is aangetast; dat het inzake zonder belang is dat (eerste eiseres) in het gebrek de hand niet zou gehad hebben en het gebrek het gevolg was van een natuurverschijnsel dat al is kwestieus verschijnsel een natuurverschijnsel het niet als een normale toestand maar als een gebrek te beschouwen is; ... dat voor de toepassing van art. 1384, 1, BW. volstaat dat de zaak die schade toebracht gebrekkig was; dat nu (eerste verweerder) naar eis van recht bewijst dat de zaak waarvoor (eerste eiseres) als eigenares de bewaring had door een gebrek was aangetast en dat de schade door deze gebrekkige zaak werd veroorzaakt, zij op grond van art. 1384,1, BW. aansprakelijk blijft",
terwijl een zaak door een gebrek aangetast is wanneer zij een abnormaal kenmerk vertoont waardoor zij in bepaalde omstandigheden schade kan veroorzaken; dat het niet volstaat dat de zaak een afwijkend kenmerk of een afwijkende gesteldheid vertoont maar dat dit kenmerk of die gesteldheid voor die zaak bovendien abnormaal moet zijn; dat het bestreden arrest vaststelt dat de stam van de kastanjeboom van eerste eiseres inwendig verrot was en dat de toestand van de boom daardoor gewijzigd was; dat het bestreden arrest ten onrechte beslist heeft dat die toestand een abnormaal kenmerk vertoont en de boom door een gebrek aangetast is, ook al is kwestieus verschijnsel een natuurverschijnsel; dat immers een boom die een afwijkende gesteldheid vertoont, namelijk een staat van inwendige verrotting, niet aangetast is door een gebrek wanneer die gesteldheid voor die boom een natuurlijk en dus geen abnormaal verschijnsel is (schending van art. 1384, eerste lid, BW.),
zodat het bestreden arrest de in het middel aangewezen bepalingen geschonden heeft:
Overwegende dat een zaak gebrekkig is indien zij een abnormaal kenmerk vertoont waardoor zij in bepaalde omstandigheden schade kan veroorzaken;
Overwegende dat het arrest vaststelt dat de afgebroken paardekastanjeboom reeds honderd jaar oud was en dat zijn stam in een gevorderde staat van inwendige verrotting was;
Dat het arrest oordeelt dat de boom in zijn verrotte toestand een abnormaal kenmerk vertoonde en derhalve door een gebrek is aangetast;
Dat het zonder belang is dat het gebrek het gevolg was van een natuurverschijnsel;
Overwegende dat het hof van beroep op grond van die vaststellingen wettig heeft kunnen beslissen dat de boom een gebrek vertoonde;
Dat het middel niet kan worden aangenomen;
OM DIE REDENEN,
Verwerpt de voorziening;
Veroordeelt de eiseressen in de kosten.