Hof van Cassatie: Arrest van 28 Oktober 2008 (België). RG P.08.0880.N
Summary :
Het beschouwen van het herstel in de oorspronkelijke staat als een straf in de zin van artikel 6 EVRM brengt enkel met zich mee dat de in die bepaling vervatte waarborgen moeten worden in acht genomen; het brengt niet met zich mee dat die maatregel van strafrechtelijke aard is zodat de algemene bepalingen van het Belgisch strafrecht en strafprocesrecht terzake toepassing moeten vinden (1). (1) Zie Cass., 14 juni 2006, AR P.05.1632.F, A.C., 2006, nr. 329; zie ook Grondw. Hof, nr. 18/95, 2 maart 1995, overweging B.3.
Arrêt :
Nr. P.08.0880.N
G. V. D. H.,
beklaagde,
eiseres,
met als raadsman mr. Luc Dubois, advocaat bij de balie te Dendermonde,
ter rechtszitting bijgestaan door mr. Elena Pardon, advocaat bij de balie te Dendermonde.
I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF
Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het Hof van Beroep te Gent, correctionele kamer, van 25 april 2008.
De eiseres voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan.
Raadsheer Etienne Goethals heeft verslag uitgebracht.
Advocaat-generaal Patrick Duinslaeger heeft geconcludeerd.
II. BESLISSING VAN HET HOF
Beoordeling
Middel
1. Het middel voert schending aan van artikel 6.1 EVRM en artikel 21ter Voorafgaande Titel Wetboek van Strafvordering: de appelrechters stellen een overschrijding vast van de redelijke termijn maar leiden daaruit geen enkel gevolg af voor de herstelvordering, alhoewel krachtens artikel 21ter Voorafgaande Titel Wetboek van Strafvordering de rechter de veroordeling bij eenvoudige schuldigverklaring of een straf kan uitspreken die lager kan zijn dan de wettelijke minimumstraf.
2. Het beschouwen van het herstel in de oorspronkelijke staat als een straf in de zin van artikel 6 EVRM brengt enkel met zich mee dat de in die bepaling vervatte waarborgen moeten worden in acht genomen. Het brengt niet met zich mee dat die maatregel van strafrechtelijke aard is zodat de algemene bepalingen van het Belgische strafrecht en strafprocesrecht terzake toepassing moeten vinden.
3. De eiseres werd te dezen wegens het door haar begane bouwmisdrijf definitief tot straf veroordeeld bij het arrest van het Hof van Beroep te Gent, correctionele kamer, van 29 januari 2007. De omstandigheid dat achteraf de redelijke termijn voor de beoordeling van de herstelvordering is overschreden, heeft niet tot gevolg dat de rechter geen volledig herstel meer kan bevelen.
Het middel faalt naar recht.
Ambtshalve onderzoek.
4. De substantiële of op straffe van nietigheid voorgeschreven rechtsvormen zijn in acht genomen en de beslissing is overeenkomstig de wet gewezen.
Dictum
Het Hof,
Verwerpt het cassatieberoep.
Veroordeelt de eiseres in de kosten.
Begroot de kosten op 72,80 euro.
Dit arrest is gewezen te Brussel door het Hof van Cassatie, tweede kamer, samengesteld uit raadsheer Luc Huybrechts, als waarnemend voorzitter, en de raadsheren Etienne Goethals, Paul Maffei, Luc Van hoogenbemt en Koen Mestdagh en op de openbare rechtszitting van 28 oktober 2008 uitgesproken door waarnemend voorzitter Luc Huybrechts, in aanwezigheid van advocaat-generaal Patrick Duinslaeger, met bijstand van afgevaardigd adjunct-griffier Conny Van de Mergel.