Arbeidsrechtbank: Vonnis van 8 Mei 1980 (Brussel). RG 11376

Date :
08-05-1980
Language :
French Dutch
Size :
1 page
Section :
Case law
Source :
Justel N-19800508-8
Role number :
11376

Summary

Krachtens artikel 40 van de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten is de partij die de overeenkomst voor bepaalde tijd beëindigt zonder dringende reden voor het verstrijken van de termijn, gehouden de andere partij een vergoeding te betalen die gelijk is aan het bedrag van het loon dat verschuldigd is tot het bereiken van die termijn. Die vergoeding mag evenwel het dubbel niet overtreffen van het loon dat overeenstemt met de duur van de opzeggingstermijn die in acht had moeten worden genomen, indien de overeenkomst zonder tijdsbepaling was gesloten. Aangezien het een bediende betreft die de normale pensioenleeftijd heeft bereikt of overschreden, moet het maximumbedrag van de opzeggingsvergoeding worden vastgesteld onder verwijzing maar de verkorte opzeggingstermijn waarin artikel 83 van de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten voorziet.

Jugement

The full and consolidated version of this text is not available.