Circulaire nr. Ci.D19/581.607 dd. 06.12.2006
Summary :
SLEUTELFORMULE JANUARI 2007
Original text :
Add the document to a folder
()
to start annotating it.
Fisconet
plus Version 5.9.23
Service Public Federal Finances |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Circulaire nr. Ci.D19/581.607 dd. 06.12.2006
Document
Search in text:
Properties
Document type : Circular letters Title : Circulaire nr. Ci.D19/581.607 dd. 06.12.2006 Tax year : 0 Document date : 06/12/2006 Keywords : SLEUTELFORMULE JANUARI 2007 Document language : NL Modification date : 06/12/2006 14:31:10 Name : 06.12.06/1 Version : 1
CIRC 06.12.06/1 Circulaire nr. Ci.D19/581.607 dd. 06.12.2006 SLEUTELFORMULE JANUARI 2007
Deze sleutelformule kan gedownload worden van:
Heeft u toch nog bijkomende vragen over inzonderheid de toepassing van de bedrijfsvoorheffing, dan kan u terecht bij onderstaande diensten, naargelang de aard van de vraag. 1. eenvoudige vragen:
1. Deze sleutelformule bestaat uit drie delen: DEEL I. BEZOLDIGINGEN Dit deel bevat:
Dit deel bevat de oorsprong en de berekening van de Vlaamse forfaitaire vermindering van de bedrijfsvoorheffing verschuldigd op bezoldigingen van bepaalde werknemers en bedrijfsleiders (nrs. 24 tot 26). DEEL III. PENSIOENEN EVENALS BRUGPENSIOENEN (vermeld in artikel 146, 1°, WIB 92) BETAALD AAN RIJKSINWONERS EN NIET-INWONERS DIE GEDURENDE HET VOLLEDIGE BELASTBARE TIJDPERK IN BELGIE EEN TEHUIS HEBBEN BEHOUDEN. Dit deel bevat:
Dit deel bevat:
2. Deze sleutelformule bevat een nieuw deel II voor de toekenning van een Vlaamse forfaitaire vermindering van de bedrijfsvoorheffing. Deze vermindering is gebaseerd op het decreet van de Vlaamse Gemeenschap van 30 juni 2006 houdende invoering van een forfaitaire vermindering in de personenbelasting en wordt voor het eerst doorgevoerd in het stadium van de berekening van de bedrijfsvoorheffing ingevolge de beslissing van het Overlegcomité "Federale Regering - Gemeenschaps- en Gewestregeringen" van 16 november 2005. 3. Voor het overige verschilt deze sleutelformule ten opzichte van de vorige sleutelformule (Ci. D19/574.497 hoofdzakelijk ingevolge, enerzijds, de indexering en, anderzijds, de wijzigingen aangebracht aan artikel 146 WIB 92 door artikel 95 van de wet van 23 december 2005 betreffende het Generatiepact (B.S. 30.12.2005, 2de editie). 4. De sleutelformule geldt alleen voor de BV verschuldigd op bezoldigingen en op in artikel 146, 1°, WIB 92 vermelde pensioenen of brugpensioenen die periodiek worden betaald. In alle andere gevallen wordt de BV berekend volgens de schalen en de erbij horende regels die in bijlage III van het KB/WIB 92 zijn opgenomen. 5. Bij de berekening van de BV zoals hierna aangegeven is reeds rekening gehouden met een verhoging van 7 pct. voor de aanvullende belastingen (gemeente- en agglomeratiebelasting). * * * * * * * * DEEL I. BEZOLDIGINGEN Hoofdstuk 1. BEREKENEN VAN DE BV OP MAANDELIJKSE BEZOLDIGINGEN 6. De BV die bij betaling van maandelijkse bezoldigingen is verschuldigd, wordt in vier stappen berekend. Deze vier stappen zijn : A. Vaststellen van het brutojaarinkomen; B. Omzetten van het brutojaarinkomen; in het belastbare nettojaarinkomen; C. Berekenen van de jaarbelasting; D. Berekenen van de bedrijfsvoorheffing. A. BRUTOJAARINKOMEN 7. Om het brutojaarinkomen vast te stellen moet men :
8. Het belastbare nettojaarinkomen is gelijk aan het brutojaarinkomen verminderd met de forfaitaire beroepskosten. Die forfaitaire beroepskosten worden als volgt bepaald :
9. Om de jaarbelasting te bekomen moet men :
1. BASISBELASTING 10. De basisbelasting wordt steeds berekend met behulp van de enige basisschaal die is opgenomen in bijlage 1. 11. Afdeling 1. - Deze afdeling is van toepassing op : A. Rijksinwoners B. Niet-inwoners die gedurende het volledige belastbare tijdperk in België een tehuis hebben behouden. C. Niet-inwoners die niet gedurende het volledige belastbare tijdperk in België een tehuis hebben behouden maar die bezoldigingen genieten
UITZONDERING. -------------------------- Wanneer nochtans de echtgenoot van de verkrijger van de inkomsten persoonlijke beroepsinkomsten heeft die uitsluitend bestaan uit pensioenen, renten of ermede gelijkgestelde inkomsten en die niet meer bedragen dan 110,00 EUR NETTO (1) per maand, wordt in afwijking van het vorige lid de basisbelasting berekend overeenkomstig punt b, hierna. [(1) Bij het beoordelen van de grens van 110,00 EUR NETTO per maand, moet de toestand per 1 januari 2007 in aanmerking worden genomen en dienen de nettoberoepsinkomsten als volgt te worden vastgesteld: 1. de bruto-inkomsten verminderen met de verplichte inhoudingen of bijdragen gedaan ter uitvoering van de sociale wetgeving of van een ermede gelijkgesteld wettelijk of reglementair statuut; 2. vervolgens het bekomen verschil verminderen met 20 pct.] De BASISBELASTING is gelijk aan de belasting berekend met behulp van de basisschaal en verminderd met 1.374,95 EUR (zijnde de belasting op een belastingvrije som ten bedrage van 5.140,00 EUR). b) De echtgenoot van de verkrijger van de inkomsten heeft geen persoonlijke beroepsinkomsten (2).
12. Afdeling 2. - Niet-inwoners die NIET gedurende het volledige belastbare tijdperk in België een tehuis hebben behouden en die niet zijn vermeld in afdeling 1, C, hiervoor (nr. 11). De BASISBELASTING is gelijk aan de belasting berekend met behulp van de basisschaal. 13. Afronding van de basisbelasting Het bedrag van de basisbelasting (nrs. 11 en 12) wordt steeds op de cent afgerond. Gedeelten van minder dan 0,5 cent worden weggelaten; gedeelten van 0,5 cent of meer worden voor 1 cent gerekend (1.568,967 EUR wordt dus afgerond naar 1.568,97 EUR). 2. BELASTINGVERMINDERINGEN 14. a) Algemeen
15. b) Vermindering voor kinderen ten laste De vermindering voor kinderen ten laste moet worden toegekend op basis van de gegevens opgenomen in de tabel van bijlage 3. 16. c) Verminderingen voor alleenstaande en voor andere gezinslasten Deze verminderingen zijn naar aard en bedrag gespecificeerd in de tabellen van bijlagen 4 en 5. Bijlage 4 De aldaar vermelde verminderingen zijn enkel van toepassing wanneer de verkrijger van de inkomsten een alleenstaande is of wanneer de echtgenoot van de verkrijger van de inkomsten eveneens persoonlijke beroepsinkomsten heeft (3). Bijlage 5 Die verminderingen zijn enkel van toepassing wanneer de echtgenoot van de verkrijger van de inkomsten GEEN persoonlijke beroepsinkomsten heeft (3). [(3) Zie echter de uitzondering onder punt 1, afdeling 1, a (nr. 11, a) 17. d) Vermindering voor groepsverzekering , voor extrawettelijke verzekering tegen ouderdom of vroegtijdige dood en voor inhoudingen overeenkomstig artikel 1453, 3de lid, van het WIB 92. Na toekenning van de onder nrs. 15 en 16 vermelde verminderingen wordt de basisbelasting verminderd met 30 pct. van:
Deze vermindering is van toepassing op werknemers :
De vermindering wordt toegepast na de onder nummer 15, 16 en 17 vermelde verminderingen en bedraagt 24,75 pct. van het "sociale brutobedrag" van de bezoldigingen (dit is vóór aftrek van de verplichte inhoudingen ter uitvoering van de sociale wetgeving of van een ermede gelijkgesteld wettelijk of reglementair statuut), dat als berekeningsgrondslag voor de berekening van de overwerktoeslag heeft gediend. 19. Afronding van de vermindering Het resultaat van de bewerking wordt op de lagere cent afgerond (vb 1.568,967 EUR wordt 1.568,96 EUR). 20. e) Samenvoeging van belastingverminderingen Alle verminderingen mogen worden samengevoegd zonder dat nochtans het totaal ervan het bedrag van de basisbelasting mag overtreffen. D. BEDRIJFSVOORHEFFING 21. De verschillende bewerkingen waarvan hierboven sprake geven als uitkomst de jaarbelasting (zie nr. 9). Om nu het bedrag van de BV te bepalen die op de maandelijks betaalde bezoldigingen verschuldigd is, moet men nog slechts het bedrag van de jaarbelasting delen door 12. 22. Afronding van de BV Het resultaat van de deling door 12 wordt steeds op de lagere cent afgerond (vb. 130,747 wordt 130,74). Hoofdstuk 2. BEREKENEN VAN DE BV OP ANDERS DAN PER MAAND BETAALDE BEZOLDIGINGEN 23. In dat geval wordt de BV als volgt berekend: A. BETALINGEN PER VEERTIEN DAGEN 1. het brutojaarinkomen vaststellen als volgt:
3. de jaarbelasting berekenen (nrs. 9 tot 20); 4. de BV per maand berekenen (nrs. 21 en 22); 5. de BV desgevallend verminderen met de Vlaamse forfaitaire vermindering (nrs. 24 tot 26); 6. het bekomen bedrag van de BV delen door 2; het resultaat van de deling door 2 wordt eveneens op de lagere cent afgerond. B. BETALINGEN PER WEEK 1. het brutojaarinkomen vaststellen als volgt:
3. de jaarbelasting berekenen (nrs. 9 tot 20); 4. de BV per maand berekenen (nrs. 21 en 22); 5. de BV desgevallend verminderen met de Vlaamse forfaitaire vermindering (nrs. 24 tot 26); 6. het bekomen bedrag van de BV delen door 4; het resultaat van de deling door 4 wordt eveneens op de lagere cent afgerond. C. BETALINGEN PER WERKDAG 1. het brutojaarinkomen vaststellen als volgt:
3. de jaarbelasting berekenen (nrs. 9 tot 20); 4. de BV per maand berekenen (nrs. 21 en 22); 5. de BV desgevallend verminderen met de Vlaamse forfaitaire vermindering (nrs. 24 tot 26); 6. het bekomen bedrag van de BV delen door 20; het resultaat van de deling door 20 wordt eveneens op de lagere cent afgerond DEEL II. VLAAMSE FORFAITAIRE VERMINDERING VAN DE BEDRIJFSVOORHEFFING 24. A. INLEIDING De Vlaamse Gemeenschap voert vanaf aanslagjaar 2008 (inkomsten 2007) met het decreet van 30 juni 2006 (Belgisch Staatsblad van 26 september 2006, 1 ste editie) een forfaitaire vermindering in, in de personenbelasting. Het Overlegcomité "Federale Regering - Gemeenschaps- en Gewestregeringen" heeft op 16 november 2005 beslist dat deze forfaitaire vermindering vanaf inkomstenjaar 2007 ook in het stadium van de bedrijfsvoorheffing moet worden toegekend. De Vlaamse forfaitaire vermindering moet in de bedrijfsvoorheffing worden verleend aan sommige werknemers en bedrijfsleiders die op 1 januari van het inkomstenjaar hun woonplaats hebben in gemeenten die deel uitmaken van het Vlaamse Gewest. 25. B. BEREKENING VAN DE VLAAMSE FORFAITAIRE VERMINDERING 25.1 1. Werknemers Van de bedrijfsvoorheffing vastgesteld volgens de nrs 6 tot 22 op de maandelijkse bezoldigingen betaald of toegekend aan werknemers die rijksinwoner zijn en op 1 januari van het inkomstenjaar hun woonplaats hebben in gemeenten die deel uitmaken van het Vlaamse Gewest (4), moet de Vlaamse forfaitaire vermindering van 10,40 EUR worden afgetrokken wanneer het "jaarbedrag van de normale brutobezoldigingen" in hoofde van de betrokken werknemer minstens 6.925,00 EUR en maximum 24.530,00 EUR bedraagt. 25.2 2. Bedrijfsleiders Van de bedrijfsvoorheffing vastgesteld volgens de nrs 6 tot 22 op de maandelijkse bezoldigingen betaald of toegekend aan bedrijfsleiders die rijksinwoner zijn en op 1 januari van het inkomstenjaar hun woonplaats hebben in gemeenten die deel uitmaken van het Vlaamse Gewest (4), moet de Vlaamse forfaitaire vermindering van 10,40 EUR worden afgetrokken wanneer het "jaarbedrag van de normale brutobezoldigingen" in hoofde van de betrokken bedrijfsleider minstens 5.790,00 EUR en maximum 23.425,00 EUR bedraagt. [(4) De schuldenaar van de bedrijfsvoorheffing mag echter, bij adreswijziging in de loop van het jaar, rekening houden met het nieuwe adres zodra hij daarover is ingelicht.] 26. C. JAARBEDRAG VAN DE NORMALE BRUTOBEZOLDIGINGEN Onder "jaarbedrag van de normale brutobezoldigingen wordt verstaan": twaalf maal het belastbare normale maandelijkse brutobedrag van de bezoldigingen. Onder het belastbare normale maandelijkse brutobedrag van de bezoldigingen moet worden verstaan: het totale bedrag van alle tijdens de in aanmerking genomen maand betaalde bezoldigingen (met uitzondering van de vervangingsinkomsten) die aan de bedrijfsvoorheffing onderworpen zijn, d.w.z. :
DEEL III. PENSIOENEN EVENALS BRUGPENSIOENEN (vermeld in artikel 146, 1°, WIB 92) BETAALD AAN RIJKSINWONERS EN NIET-INWONERS DIE GEDURENDE HET VOLLEDIGE BELASTBARE TIJDPERK IN BELGIE EEN TEHUIS HEBBEN BEHOUDEN. 27. Hoofdstuk 1. VOORAFGAANDE OPMERKINGEN 27.1 A. CUMULATIE VAN PENSIOENEN 1. In geval van cumulatie van pensioenen verleend ter uitvoering van een wettelijk of reglementair statuut ten laste van eenzelfde schuldenaar van BV, wordt de BV per verkrijger volgens de nrs. 28 tot 31 vastgesteld op het totaalbedrag van de gecumuleerde pensioenen. 2. In geval van cumulatie van pensioenen als vermeld in punt 1, betaald:
In geval van cumulatie van een of meerdere pensioenen verleend ter uitvoering van een wettelijk of reglementair statuut, waarvan tenminste een wordt betaald door de Rijksdienst of door de Administratie, met een of meerdere pensioenen die niet worden verleend ter uitvoering van dergelijk statuut, is het eerste lid eveneens van toepassing voor de vaststelling van het percentage van de per verkrijger op elk pensioen verleend ter uitvoering van een wettelijk of reglementair statuut in te houden BV. Het percentage wordt berekend op grond van het bedrag van de BV verkregen door toepassing van de nrs. 28 tot 31 op het verschil tussen:
27.2 B. GEZINSPENSIOENEN Wanneer één van beide echtgenoten slechts een beperkte loopbaan heeft gehad, kan er, bij de betrokken instelling die instaat voor de toekenning van de pensioenrechten, worden geopteerd om de pensioenen, renten en als zodanig geldende toelagen aan beide echtgenoten samen te betalen of toe te kennen in de plaats van de uitbetaling of toekenning van een individueel pensioen (zogenaamde toekenning van een "gezinspensioen"). In dat geval worden die pensioenen, renten en als zodanig geldende toelagen die aan beide echtgenoten samen wordt betaald of toegekend, voor de berekening van de bedrijfsvoorheffing, aangemerkt als een inkomen van de echtgenoot in wiens beroepswerkzaamheid zij voor het geheel of voor het grootste gedeelte hun oorsprong vinden. Hoofdstuk 2. BEREKENEN VAN DE BV OP MAANDELIJKSE PENSIOENEN EVENALS BRUGPENSIOENEN (vermeld in artikel 146, 1°, WIB 92) BETAALD AAN RIJKSINWONERS EN NIET-INWONERS DIE GEDURENDE HET VOLLEDIGE BELASTBARE TIJDPERK IN BELGIE EEN TEHUIS HEBBEN BEHOUDEN 28. De BV die bij betaling van deze maandelijkse pensioenen en brugpensioenen is verschuldigd, wordt in vier stappen berekend. Deze vier stappen zijn: A. Vaststellen van het brutojaarinkomen; B. Omzetten van het brutojaarinkomen in het belastbare nettojaarinkomen; C. Berekenen van de jaarbelasting; D. Berekenen van de bedrijfsvoorheffing. 29. A. BRUTOJAARINKOMEN Om het brutojaarinkomen vast te stellen moet men: 1° het betaalde bruto-bedrag van de maandelijkse pensioenen verminderen met de inhoudingen gedaan ter uitvoering van de sociale wetgeving of een ermede gelijkgesteld wettelijk of reglementair statuut; 2° het bekomen verschil afronden op het lagere veelvoud van 15 euro en vermenigvuldigen met 12. 30. B. BELASTBAAR NETTOJAARINKOMEN Het belastbare nettojaarinkomen is gelijk aan het brutojaarinkomen. 31. C. JAARBELASTING Om de jaarbelasting te bekomen moet men :
1. BASISBELASTING 32. De basisbelasting wordt eveneens berekend met behulp van de enige basisschaal die is opgenomen in bijlage 1. 33. a) De verkrijger van de inkomsten is een alleenstaande of de echtgenoot van de verkrijger van de inkomsten heeft eveneens persoonlijke beroepsinkomsten. UITZONDERING. ------------------------ Wanneer nochtans de echtgenoot van de verkrijger van de inkomsten persoonlijke beroepsinkomsten heeft die uitsluitend bestaan uit pensioenen, renten of ermede gelijkgestelde inkomsten en die niet meer bedragen dan 110,00 EUR NETTO (5) per maand, wordt in afwijking van het vorige lid de basisbelasting berekend overeenkomstig punt b, hierna (nr. 34). [(5) Bij het beoordelen van de grens van 110,00 EUR NETTO per maand, moet de toestand per 1 januari 2007 in aanmerking worden genomen en dienen de nettoberoepsinkomsten als volgt te worden vastgesteld: 1. de bruto-inkomsten verminderen met de verplichte inhoudingen of bijdragen gedaan ter uitvoering van de sociale wetgeving of van een ermede gelijkgesteld wettelijk of reglementair statuut; 2.vervolgens het bekomen verschil verminderen met 20 pct.] De BASISBELASTING is gelijk aan de belasting berekend met behulp van de basisschaal en verminderd met 1.374,95 EUR (zijnde de belasting op een belastingvrije som ten bedrage van 5.140,00 EUR.) 34. b) De echtgenoot van de verkrijger van de inkomsten heeft geen persoonlijke beroepsinkomsten (zie echter de uitzondering onder nr. 33).
Het bedrag van de basisbelasting wordt steeds op de cent afgerond. Gedeelten van minder dan 0,5 cent worden weggelaten; gedeelten van 0,5 cent of meer worden voor 1 cent gerekend (1.568,967 EUR wordt dus afgerond naar 1.568,97 EUR). 2. BELASTINGVERMINDERINGEN 36. a) Algemeen Van de basisbelasting mogen worden afgetrokken:
37. b) Vermindering voor kinderen ten laste De vermindering voor kinderen ten laste moet worden toegekend op basis van de gegevens opgenomen in de tabel van bijlage 3. 38. c) Verminderingen voor andere gezinslasten De verminderingen voor andere gezinslasten zijn naar aard en bedrag gespecificeerd in de tabellen van bijlagen 4 en 5. Bijlage 4 De aldaar vermelde verminderingen zijn enkel van toepassing wanneer de verkrijger van de inkomsten een alleenstaande is of wanneer de echtgenoot van de verkrijger van de inkomsten eveneens persoonlijke beroepsinkomsten heeft (6). Bijlage 5 Die verminderingen zijn enkel van toepassing wanneer de echtgenoot van de verkrijger van de inkomsten GEEN persoonlijke beroepsinkomsten heeft (6). [(6) Zie echter de uitzondering onder punt 1, a (nr. 33).] 39. d) Bijzondere vermindering voor pensioenen De bijzondere vermindering voor pensioenen bedraagt inzake BV 2.202,00 EUR per jaar. Die bijzondere vermindering wordt als volgt afgetrokken:
Afronding van de bijzondere vermindering voor pensioenen Het bedrag van de bijzondere vermindering voor pensioenen wordt steeds op de lagere cent afgerond (zie eventueel nr. 19). 40. e) Samenvoeging van belastingverminderingen Alle verminderingen mogen worden samengevoegd zonder dat nochtans het totaal ervan het bedrag van de basisbelasting mag overtreffen. 41. D. BEDRIJFSVOORHEFFING De verschillende bewerkingen waarvan hierboven sprake geven als uitkomst de jaarbelasting (zie nr. 31). Om nu het bedrag van de BV te bepalen die op de maandelijks betaalde pensioenen verschuldigd is, moet men nog slechts het bedrag van de jaarbelasting delen door 12. Afronding van de BV Het resultaat van de deling door 12 wordt steeds op de lagere cent afgerond (vb. 130,747 wordt 130,74). DEEL IV. BRUGPENSIOENEN (vermeld in artikel 146, 1°, WIB 92) VAN NIET-INWONERS DIE NIET GEDURENDE HET VOLLEDIGE TIJDPERK IN BELGIE EEN TEHUIS HEBBEN BEHOUDEN. BEREKENEN VAN DE BV OP MAANDELIJKSE BRUGPENSIOENEN 42. De BV die bij betaling van deze maandelijkse brugpensioenen is verschuldigd, wordt in vier stappen berekend. Deze vier stappen zijn: A. Vaststellen van het brutojaarinkomen; B. Omzetten van het brutojaarinkomen in het belastbare nettojaarinkomen; C. Berekenen van de jaarbelasting; D. Berekenen van de bedrijfsvoorheffing. 43. A. BRUTOJAARINKOMEN Om het brutojaarinkomen vast te stellen moet men: 1° het betaalde bruto-bedrag van de maandelijkse pensioenen verminderen met de inhoudingen gedaan ter uitvoering van de sociale wetgeving of een ermede gelijkgesteld wettelijk of reglementair statuut; 2° het bekomen verschil afronden op het lagere veelvoud van vijftien euro en vermenigvuldigen met 12. 44. B. BELASTBAAR NETTO-JAARINKOMEN Het belastbare nettojaarinkomen is gelijk aan het brutojaarinkomen. 45. C. JAARBELASTING Om de jaarbelasting te bekomen moet men :
46. De basisbelasting wordt eveneens berekend met behulp van de enige basisschaal die is opgenomen in bijlage 1. Afronding van de basisbelasting Het bedrag van de basisbelasting wordt steeds op de cent afgerond. Gedeelten van minder dan 0,5 cent worden weggelaten; gedeelten van 0,5 cent of meer worden voor 1 cent gerekend (1.568,967 EUR wordt dus afgerond naar 1.568,97 EUR). 47. 2. BELASTINGVERMINDERING Van de basisbelasting mag enkel de vermindering (geheel of gedeeltelijk) voor brugpensioenen als vermeld in artikel 146, 1°, WIB 92, worden afgetrokken. Deze ver-mindering bedraagt inzake BV 3.483,00 EUR per jaar en wordt als volgt afgetrokken:
Het bedrag van de bijzondere vermindering voor pensioenen wordt steeds op de lagere cent afgerond (zie eventueel nr. 19). 48. D. BEDRIJFSVOORHEFFING De verschillende bewerkingen waarvan hierboven sprake geven als uitkomst de jaarbelasting (zie nr. 45). Om nu het bedrag van de BV te bepalen die op de maandelijks betaalde pensioenen verschuldigd is, moet men nog slechts het bedrag van de jaarbelasting delen door 12. Afronding van de BV Het resultaat van de deling door 12 wordt steeds op de lagere cent afgerond (vb. 130,747 wordt 130,74). BIJLAGE 1
PERSONEN VERMELD IN DEEL I, HOOFDSTUK I, C, 1, AFDELING 1, A tot C (NR. 11) BEGRIPPEN IN VERBAND MET BELASTINGVERMINDERING 1° Gehandicapten. a) Gehandicapt kind Hieronder wordt verstaan:
b) ofwel zijn gezondheidstoestand een volledig gebrek aan of een vermindering van zelfredzaamheid van ten minste 9 punten met zich brengt, gemeten volgens de handleiding en de medisch sociale schaal van toepassing in het kader van de wetgeving met betrekking tot de tegemoetkomingen aan gehandicapten; c) ofwel, na de periode van primaire ongeschiktheid bepaald in artikel 87 van de gecoördineerde wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskun¬dige verzorging en uitkeringen, zijn verdienvermogen is verminderd tot een derde of minder, zoals bepaald in artikel 100 van dezelfde gecoördineerde wet; d) ofwel hij, ingevolge een administratieve of gerechtelijke beslissing, voor tenminste 66 pct. blijvend fysiek of psychisch gehandicapt of arbeidsongeschikt werd verklaard. b) Gehandicapte andere persoon Hieronder wordt verstaan:
b) ofwel zijn gezondheidstoestand een volledig gebrek aan of een vermindering van zelfredzaamheid van ten minste 9 punten met zich brengt, gemeten volgens de handleiding en de medisch sociale schaal van toepassing in het kader van de wetgeving met betrekking tot de tegemoetkomingen aan gehandicapten; c) ofwel, na de periode van primaire ongeschiktheid bepaald in artikel 87 van de gecoördineerde wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskun¬dige verzorging en uitkeringen, zijn verdienvermogen is verminderd tot een derde of minder, zoals bepaald in artikel 100 van dezelfde gecoördineerde wet; d) ofwel hij, ingevolge een administratieve of gerechtelijke beslissing, voor ten minste 66 pct. blijvend fysiek of psychisch gehandicapt of arbeidsongeschikt werd verklaard. 2° Wanneer een kind ten laste of een in artikel 136, 2° tot 4° van het WIB 92 bedoelde persoon ten laste overlijdt, wordt de vermindering voor dat kind of die persoon verder toegestaan tot het einde van het jaar van overlijden. 3° Wanneer beide echtgenoten persoonlijke beroepsinkomsten hebben, worden de verminderingen voor kinderen ten laste en voor andere gezinslasten, behalve die voor de gehandicapte echtgenoot, aan de door hen gekozen echtgenoot verleend; De vermindering voor de gehandicapte echtgenoot, wordt aan de betrokkene zelf toegekend. BIJLAGE 3 PERSONEN VERMELD IN DEEL I, HOOFDSTUK I, C, 1, AFDELING 1, A tot C (NR. 11) VERMINDERING VOOR KINDEREN TEN LASTE
PERSONEN VERMELD IN DEEL I, HOOFDSTUK I, C, 1, AFDELING 1, A tot C (NR. 11) VERMINDERINGEN VOOR ALLEENSTAANDE EN VOOR ANDERE GEZINSLASTEN VAN TOEPASSING:
PERSONEN VERMELD IN DEEL I, HOOFDSTUK I, C, 1, AFDELING 1, A tot C (NR. 11) VERMINDERINGEN VOOR ANDERE GEZINSLASTEN VAN TOEPASSING WANNEER DE ECHTGENOOT VAN DE VERKRIJGER VAN DE INKOMSTEN GEEN PERSOONLIJKE BEROEPSINKOMSTEN HEEFT.
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||