Décision anticipée n° 600.224 dd. 19.09.2006

Date :
19-09-2006
Language :
French Dutch
Size :
3 pages
Section :
Regulation
Type :
Prior agreements L 24.12.2002
Sub-domain :
Fiscal Discipline

Summary :

Impôt des sociétés

Original text :

Add the document to a folder () to start annotating it.

Contact | Disclaimer | FAQ
   
Quick search :
Fisconet plus Version 5.9.23
Service Public Federal
Finances
Home > Advanced search > Search results > Décision anticipée n° 600.224 dd. 19.09.2006
Décision anticipée n° 600.224 dd. 19.09.2006
Document
Content exists in : fr nl

Search in text:
Print    E-mail    Show properties

Properties

Document type : Prior agreements L 24.12.2002
Title : Décision anticipée n° 600.224 dd. 19.09.2006
Tax year : 0
Document date : 19/09/2006
Keywords : Impôt des sociétés
Document language : FR
Name : 600.224

600.224

Décision anticipée n° 600.224 dd. 19.09.2006


   Impôt des sociétés
   Navigation maritime
   Détermination du bénéfice
   Régime fiscal


Résumé

Il est décidé que :

  • le tonnage net journalier d'un navire, exploité en copropriété par une société belge du groupe X ou par une société joint venture avec la SA A et qui sera géré conformément à l'alinéa a) de l'article 115, § 2, 2° de la Loi-programme précitée, peut être pris en considération par ce copropriétaire (au moins 5 p.c. de copropriété) dans sa totalité en ce qui concerne l'application de la règle 1 sur 3 comme prévue dans l'article 115, § 2, 2° c) de cette Loi-programme;
  • en ce qui concerne la condition mentionnée dans l'article 115, § 2, 1°, a), alinéa 2 de la Loi-programme précitée, le pavillon des navires pris en location n'a pas d'importance pour le calcul de la règle de 60% mentionnée sous le point 3.1, alinéa 8, de la Communication C (2004) 43 de la Commission-Orientations communautaires sur les aides d'Etat au transport maritime.

La décision est publiée uniquement dans la langue dans laquelle la demande a été introduite.

I. Voorwerp van de aanvraag

De aanvraag strekt er toe te vernemen of :

1. de netto dagtonnage van een zeeschip, in mede-eigendom gehouden door een Belgische vennootschap van de groep X of een joint venture vennootschap met de NV A, en waarvan het beheer zal gebeuren overeenkomstig lid a) van artikel 115, § 2, 2° van de voormelde Programmawet, voor de toepassing van de 1 op 3 regel zoals voorzien in artikel 115, § 2, 2° c) van die Programmawet, door deze mede-eigenaar (minstens 5 procent mede-eigendom) volledig in aanmerking mag worden genomen;

2. voor de toepassing van de in artikel 115, § 2, 1°, a), 2e lid van de Programmawet van 2.8.2002 vermelde voorwaarde, de vlag van ingehuurde schepen geen rol speelt bij de berekening van de onder punt 3.1, achtste lid, van de Mededeling C(2004) 43 van de Commissie - Communautaire richtsnoeren betreffende staatssteun van het zeevervoer, vermelde 60 % regel.

II. Beschrijving van de verrichting

3. De groep X overweegt een Belgische vennootschap op te richten die scheepvaartactiviteiten zou uitoefenen m.n. het vervoer van grondstoffen voor de groep X en daarmee samenhangende activiteiten. Deze vennootschap zou tevens in eerste instantie investeren in de mede-eigendom (voor minstens 5%) van een schip onder Belgisch beheer dat voor de rest in mede-eigendom zou worden gehouden door de groep Y. Voor het overige zou deze vennootschap andere schepen incharteren.

4. Deze Belgische vennootschap zal het tonnagetaksregime aanvragen. Het beheer van het betreffende schip zal overwegend vanuit België blijven gebeuren.

5. Het is echter ook mogelijk dat de groep X geen eigen Belgische vennootschap opricht, doch wel samen met de NV A een Belgische joint venture vennootschap, die aanvankelijk zal investeren in de mede-eigendom van een schip waarvan het beheer overwegend vanuit België zal gebeuren en die het tonnagetaksregime zal aanvragen.

III. Beslissing

6. Op grond van artikel 115, § 2, 2° c) van de Programmawet van 2.8.2002 is er exploitatie van een zeeschip wanneer de belastingplichtige in België een zeeschip in tijd- of reischarter houdt, mits het jaartotaal van de netto dagtonnages van de zeeschepen die hij in tijd- of reischarter houdt niet meer bedraagt dan driemaal het jaartotaal van de netto dagtonnages van de zeeschepen die hij beheert op een wijze als bedoeld in artikel 115, § 2, 2° a), waarbij zeeschepen in mede-eigendom voor hun volledige tonnenmaat meetellen indien die mede-eigendom minstens 5 pct. beloopt.

7. Op grond van de voorwaarde vermeld onder punt 3.1, achtste en negende lid, van de Mededeling C(2004) 43 van de Commissie - Communautaire richtsnoeren betreffende staatssteun van het zeevervoer mag staatssteun in het algemeen uitsluitend verleend worden voor schepen die in het register van een Lidstaat zijn opgenomen (vlagkoppeling). Evenwel kan er bij wijze van uitzondering ook steun worden verleend voor vloten die ook onder een andere vlag varende schepen omvatten. De lidstaten dienen er evenwel in dat geval voor te zorgen dat de begunstigde ondernemingen zich ertoe verbinden dat zij het aandeel in de tonnage die zij onder de vlag van een lidstaat exploiteren op het ogenblik dat de richtsnoeren in werking treden, zullen verhogen of tenminste onder die vlag zullen handhaven. Wanneer een onderneming zeggenschap in scheepsexploitatiemaatschappijen heeft in de zin van artikel 1 van de zevende Richtlijn 83/349/EEG van de Raad van 13.6.1983, is de tonnage-eis van toepassing op een geconsolideerde combinatie van moedermaatschappij en dochterondernemingen. Indien een onderneming (of groep) zich niet houdt aan de hierboven omschreven verplichting, dient de betrokken Lidstaat geen belastingverlichting meer te verlenen met betrekking tot andere door die onderneming geëxploiteerde onder de vlag van derde landen varende schepen, tenzij het onder communautaire vlag varende voor belastingverlichting in aanmerking komende deel van de totale tonnage in die Lidstaat in de in het negende lid van de voormelde richtsnoeren vermelde rapportageperiode, gemiddeld niet is verminderd.

8. De voormelde eis inzake het aandeel van de communautaire tonnage geldt niet voor ondernemingen die ten minste 60 pct. van hun tonnage onder een communautaire vlag exploiteren als eigenaar, mede-eigenaar of rompbevrachter. De vlag van de ingecharterde schepen speelt hierbij geen rol bij de berekening van de 60 % regel daar de reder op geen enkele manier controle kan uitoefenen op of een vlagverplichting kan opleggen aan zijn ingecharterde tonnage (Memorie van Toelichting bij het ontwerp van Programmawet van 17.11.2004 (Doc 51 1437/001 en 1438/001, blz. 188)).

*

* *

Gelet op wat voorafgaat beslist het College van de DVB in zitting van 19 september 2006 dat :

9. de netto dagtonnage van een zeeschip, in mede-eigendom gehouden door een Belgische vennootschap van de groep X of een joint venture vennootschap met de NV A, en waarvan het beheer zal gebeuren overeenkomstig lid a) van artikel 115, § 2, 2° van de voormelde Programmawet, voor de toepassing van de 1 op 3 regel zoals voorzien in artikel 115, § 2, 2° c) van die Programmawet, door deze mede-eigenaar (minstens 5 procent mede-eigendom) volledig in aanmerking mag worden genomen;

10. voor de toepassing van de in artikel 115, § 2, 1°, a), 2e lid van de voormelde Programmawet vermelde voorwaarde de vlag van ingehuurde schepen geen rol speelt bij de berekening van de onder punt 3.1, achtste lid, van de Mededeling C(2004) 43 van de Commissie - Communautaire richtsnoeren betreffende staatssteun van het zeevervoer, vermelde 60 % regel.