Voorafgaande beslissing nr. Ci.D131/081 dd. 24.11.2000

Date :
24-11-2000
Language :
French Dutch
Size :
2 pages
Section :
Regulation
Type :
Prior agreements RD 03.05.99
Sub-domain :
Fiscal Discipline

Summary :

Buitenlandse vennootschap,Vaste inrichting,Distributiecentrum,Bijzonder stelsel van aanslag,Toegelaten activiteit van de distributiecentra,Vaststelling van de belastbare winst,Vennootschap,Tak van werkzaamheid

Original text :

Add the document to a folder () to start annotating it.

Contact | Disclaimer | FAQ
   
Quick search :
Fisconet plus Version 5.9.23
Service Public Federal
Finances
Home > Advanced search > Search results > Voorafgaande beslissing nr. Ci.D131/081 dd. 24.11.2000
Voorafgaande beslissing nr. Ci.D131/081 dd. 24.11.2000
Document
Content exists in : nl fr

Search in text:
Print    E-mail    Show properties

Properties

Document type : Prior agreements RD 03.05.99
Title : Voorafgaande beslissing nr. Ci.D131/081 dd. 24.11.2000
Tax year : 2005
Document date : 24/11/2000
Keywords : Buitenlandse vennootschap / Vaste inrichting / Distributiecentrum / Bijzonder stelsel van aanslag / Toegelaten activiteit van de distributiecentra / Vaststelling van de belastbare winst / Vennootschap / Tak van werkzaamheid
Document language : NL
Name : D131/081
Version : 1

Ci.D131/081

Voorafgaande beslissing nr. Ci.D131/081 dd. 24.11.2000


Bull. nr. 828, pag. 1934

   Buitenlandse vennootschap
   Vaste inrichting
   Distributiecentrum
   Bijzonder stelsel van aanslag
   Toegelaten activiteit van de distributiecentra
   Vaststelling van de belastbare winst
   Vennootschap
   Tak van werkzaamheid


  Voorwerp van de aanvraag

  De aanvraag strekt ertoe te vernemen of het bijzondere aanslagstelsel voor distributiecentra, zoals bedoeld in de circulaire van 30.11.1994, nr. Ci.RH.421/463.062 (Bull. 745.), dat thans wordt beheerst door art. 1, § 1, eerste lid, 2° en 3° van het KB van 3.5.1999 tot inrichting van een systeem van voorafgaande beslissingen in fiscale zaken, van toepassing zal zijn op de afdeling "distributiecentrum" van een binnenlandse vennootschap.


  Bovendien wordt de bevestiging gevraagd dat de uitoefening van de distributieactiviteiten in de omschreven omstandigheden niet zal leiden tot het ontstaan van een belastbare vaste inrichting van een buitenlandse vennootschap van de groep in België.


  Beslissing

  De Dienst van voorafgaande beslissingen heeft beslist het voormelde bijzondere aanslagstelsel toe te kennen voor een periode van vijf boekjaren en zulks voor de eerste maal met ingang van het boekjaar dat aanvangt op 1.4.2000, voor zover de door het centrum uitgeoefende activiteiten beperkt zullen zijn tot die welke in de aanvraag zijn uiteengezet.


  Het minimum omzetcijfer van het centrum moet worden vastgesteld in toepassing van de onderrichtingen verstrekt in het nr. 9 tot 11 van voormelde administratieve circulaire, waarbij de winstmarge van 5 % van toepassing zal zijn op het totale bedrag van de "overige werkingskosten" als bedoeld in nr. 9, c) van diezelfde circulaire (met inbegrip van inzonderheid de financiële kosten).


  Bovendien wordt eraan herinnerd dat, vermits de belastbare winst van het centrum moet worden vastgesteld volgens de gewone regels die van toepassing zijn inzake vennootschapsbelasting, de enige afwijking hierin bestaat dat kan worden aangenomen dat het centrum, wat het omzetcijfer betreft, geacht wordt geen abnormale of goedgunstige voordelen in de zin van art. 26, WIB 92 te hebben verleend aan de vennootschappen van de groep waartoe het behoort wanneer dat omzetcijfer niet lager is dan het in nr. 9 van de voormelde administratieve circulaire uiteengezette totaal.


  Tevens dienen de volgende voorwaarden, die een voldoende zelfstandigheid van enerzijds de divisie "distributiecentrum" en anderzijds de commerciële divisie binnen de binnenlandse vennootschap moeten waarborgen, steeds strikt te worden nageleefd (hetgeen eveneens door de bevoegde taxatieambtenaar voor elk boekjaar van de erkenningsperiode zal worden nagegaan):
- per divisie moet op boekhoudkundig vlak een afzonderlijk stel rekeningen worden gehouden;
- elke divisie moet als het ware een afzonderlijke tak van werkzaamheid vormen als bedoeld in enerzijds artikel 46, § 1, eerste lid, 2° van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 (WIB 92) en in de nrs. 46/36 en 68/37 van de administratieve commentaar op het voormelde Wetboek (Com.IB 92), en anderzijds artikel 174/54, tweede lid van de gecoördineerde wetten op de handelsvennootschappen, met name een geheel vormen dat op technisch en organisatorisch vlak een autonome activiteit kan uitoefenen en op eigen kracht kan werken;
- elke divisie dient, wat betreft de eigen activiteiten, onder haar divisiebenaming naar buiten te treden;
- elke divisie dient te beschikken over een afzonderlijke personeelslijst voor het personeel dat in die afdeling wordt tewerkgesteld;
- als gemeenschappelijke kosten kunnen enkel worden beschouwd de kosten die niet rechtstreeks aan een bepaalde divisie kunnen worden toegewezen;
- tussen de verschillende divisies zal er enkel wegens de verdeling van gemeenschappelijke kosten een doorrekening van kosten kunnen plaatsvinden;
- elke doorrekening tussen de verschillende divisies binnen de vennootschap ten gevolge van het verdelen van de voormelde gemeenschappelijke kosten gebeurt door middel van controleerbare interne stukken waarnaar zal worden verwezen bij de inschrijving in het afzonderlijk stel rekeningen (aparte boekhoudingen) dat voor elke divisie zal worden gehouden;
- de divisie "distributiecentrum" moet in principe gevestigd zijn in een gebouw dat onderscheiden is van de gebouwen waarin de andere divisie is gevestigd; wanneer de vestigingsplaats van de voormelde divisies toch gemeenschappelijk zou zijn, dienen op grond van een analytische boekhouding de kosten m.b.t. het gebruik van het gebouw over de verschillende divisies te worden verdeeld;
- de verdeelsleutels voor de gemeenschappelijke kosten zullen onder het toezicht van de bevoegde taxatieambtenaar op een redelijke en controleerbare wijze worden vastgesteld.


  Tenslotte werd bevestigd dat, voor zover de distributieactiviteiten beperkt blijven tot deze omschreven in de aanvraag, de afdeling "distributiecentrum" niet dient te worden aangemerkt als een vaste inrichting van een buitenlandse vennootschap van de groep in België.