Besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap tot beëindiging van het samenwerkingsakkoord betreffende de organisatie van een afwisselende kwalificerende opleidingsfilière, op 18 juni 1998 te Namen gesloten door de Regering van de Franse Gemeenschap en de Waalse Regering en met betrekking tot de toekenning van subsidies aan de operatoren voor alternerende vorming
- Section :
- Legislation
- Source :
- Numac 2017030561
Original text :
Add the document to a folder
()
to start annotating it.
Artikel 1 Dit besluit regelt, krachtens artikel 138 van de Grondwet, een aangelegenheid bedoeld bij artikel 127, § 1, ervan.
Hoofdstuk 1. Bepalingen met betrekking tot de beëindiging van het samenwerkingsakkoord betreffende de organisatie van een afwisselende kwalificerende opleidingsfilière, op 18 juni 1998 te Namen gesloten door de Regering van de Franse Gemeenschap en de Waalse Regering
Artikel 2 Het samenwerkingsakkoord betreffende de organisatie van een afwisselende kwalificerende opleidingsfilière, op 18 juni 1998 te Namen gesloten door de Regering van de Franse Gemeenschap en de Waalse Regering, hierna het samenwerkingsakkoord van 18 juni 1998, wordt beëindigd.
Artikel 3 De nadere overgangsregels voor de beëindiging van het akkoord van 18 juni 1998 zijn van toepassing overeenkomstig artikel 21 van het kadersamenwerkingsakkoord betreffende de alternerende vorming, gesloten te Brussel op 24 oktober 2008 tussen de Franse Gemeenschap, het Waalse Gewest en de Franse Gemeenschapscommissie.
Hoofdstuk 2. Bepalingen betreffende de toekenning van financiële incentives aan operators voor alternerende opleiding
Artikel 4 Voor de toepassing van hoofdstuk 2 van dit besluit, wordt verstaan onder:
1° het kadersamenwerkingsakkoord van 24 oktober 2008: het kadersamenwerkingsakkoord betreffende de alternerende vorming, gesloten te Brussel op 24 oktober 2008 tussen de Franse Gemeenschap, het Waals Gewest en de Franse Gemeenschapscommissie;
2° de Minister: de Minister bevoegd voor de vorming;
3° de O.F.F.A.: de Office francophone de la Formation en Alternance, bedoeld bij artikel 4 van het kadersamenwerkingsakkoord van 24 oktober 2008;
4° de operator voor alternerende opleiding, d.w.z.:
een centrum voor alternerend onderwijs en vorming, bedoeld bij het decreet van 3 juli 1991 tot regeling van het alternerend secundair onderwijs en iedere inrichting voor het onderwijs voor sociale promotie waaronder deze die met de centra voor alternerend onderwijs en vorming samenwerken;
het "IFAPME" "Institut de Formation permanente pour les Classes moyennes et les Petites et Moyennes Entreprises" (Instituut voor Permanente Vorming van de Middenstand en de Kleine en Middelgrote Ondernemingen), bedoeld bij artikel 1, 2°, b), van het kadersamenwerkingsakkoord van 24 oktober 2008;
5° de lerende: de jongere bedoeld bij artikel 1, § 1, 3°, van het kadersamenwerkingsakkoord van 24 oktober 2008, die een overeenkomst voor alternerend onderwijs en vorming heeft gesloten alsook de jongere die een stageovereenkomst tijdens een voorbereidend jaar heeft gesloten;
6° de overeenkomst voor alternerend onderwijs en vorming: de overeenkomst bedoeld bij artikel 1, § 1, 7°, van het kadersamenwerkingsakkoord van 24 oktober 2008;
7° de stageovereenkomst tijdens een voorbereidend jaar: de overeenkomst bedoeld in het besluit van de Waalse regering van 16 juli 1998 betreffende het plan voor afwisselende opleiding in het kader van de permanente vorming van de middenstand en de kleine en middelgrote ondernemingen, zoals gesloten in het kader van het voorbereidende jaar, zoals bepaald in artikel 56 van het besluit van de Waalse Regering van 31 augustus 2000 betreffende de opleiding in het kader van de permanente vorming van de middenstand en de kleine en middelgrote ondernemingen;
8° het vormingsjaar: de periode die begint op 1 september en die op 31 augustus eindigt;
9° het Bestuur: de Directie Overkoepelend Beleid Gewest-Gemeenschap van het Departement Werk en Beroepsopleiding van het Operationeel Directoraat-generaal Economie, Werk en Onderzoek van de Waalse Overheidsdienst;
10° de gemachtigd ambtenaar van het Bestuur: de ambtenaar die over een delegatie van bevoegdheden beschikt overeenkomstig het besluit van de Waalse Regering van 8 oktober 2009 betreffende de overdracht van bevoegdheden aan de statutaire personeelsleden van de Waalse Overheidsdienst.
Artikel 5 De Minister of de gemachtigd ambtenaar van het Bestuur kent, aan de operator voor alternerende vorming, binnen de perken van de begrotingskredieten en mits inachtneming van de voorwaarden van dit besluit, een subsidie van 1.000 euro toe per lerende met een overeenkomst voor alternerend onderwijs en vorming of een stageovereenkomst tijdens een voorbereidend jaar van minimum 270 elkaar al dan niet opvolgende dagen gedurende het vormingsjaar waarop de subsidie betrekking heeft, met inbegrip van elke periode gedurende welke de overeenkomst voor alternerend onderwijs en vorming of de stageovereenkomst opgeschort wordt.
De subsidie bedoeld bij het eerste lid is bedoeld om de kwaliteit van de begeleiding van de lerende te steunen of te verbeteren en wordt, derhalve, bedoeld om de bezoldiging alsook de werkingskosten van de referentiepersoon van de lerende te dekken.
De Minister kan het bedrag bedoeld bij het eerste lid aanpassen. In dat geval, houdt zijn specifiek met redenen omklede beslissing rekening met de evolutie van de wetgeving en de reglementering betreffende het alternerend onderwijs en het Onderwijs voor sociale promotie en met de hem toegezonden adviezen en verslagen van de O.F.F.A., overeenkomstig artikel 5 van het kadersamenwerkingsakkoord van 24 oktober 2008.
Artikel 6 De Minister of de gemachtigd ambtenaar van het Bestuur vereffent de subsidie aan de operator voor alternerende vorming op basis van een aanvraag, ingediend door de operator voor alternerende opleiding en goedgekeurd door de O.F.F.A., volgens de nadere regels bepaald door de Minister.
Artikel 7 Het besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap van 29 maart 1999 betreffende de organisatie van een afwisselende kwalificerende opleidingsfilière, wordt opgeheven.
Artikel 8 De aanvragen om erkenning van de actie als alternerende vorming die vóór de inwerkingtreding van dit besluit ingediend werden, blijven onder het besluit van de Waalse Regering van 17 maart 1999 betreffende de organisatie van een afwisselende kwalificerende opleidingsfilière vallen.
Een operator voor alternerende vorming die de overgangsbepaling bedoeld bij het eerste lid geniet, kan niet de subsidie bedoeld bij artikel 5 terzelfdertijd genieten, voor eenzelfde lerende en voor hetzelfde vormingsjaar.
Artikel 9 Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 31 augustus 2016 wat betreft de artikelen 2 en 3 en van 1 september 2016 wat betreft de artikelen 4 tot 8.
Artikel 10 De Minister bevoegd voor het Onderwijs is belast met de uitvoering van dit besluit.
Hoofdstuk 1. Bepalingen met betrekking tot de beëindiging van het samenwerkingsakkoord betreffende de organisatie van een afwisselende kwalificerende opleidingsfilière, op 18 juni 1998 te Namen gesloten door de Regering van de Franse Gemeenschap en de Waalse Regering
Artikel 2 Het samenwerkingsakkoord betreffende de organisatie van een afwisselende kwalificerende opleidingsfilière, op 18 juni 1998 te Namen gesloten door de Regering van de Franse Gemeenschap en de Waalse Regering, hierna het samenwerkingsakkoord van 18 juni 1998, wordt beëindigd.
Artikel 3 De nadere overgangsregels voor de beëindiging van het akkoord van 18 juni 1998 zijn van toepassing overeenkomstig artikel 21 van het kadersamenwerkingsakkoord betreffende de alternerende vorming, gesloten te Brussel op 24 oktober 2008 tussen de Franse Gemeenschap, het Waalse Gewest en de Franse Gemeenschapscommissie.
Hoofdstuk 2. Bepalingen betreffende de toekenning van financiële incentives aan operators voor alternerende opleiding
Artikel 4 Voor de toepassing van hoofdstuk 2 van dit besluit, wordt verstaan onder:
1° het kadersamenwerkingsakkoord van 24 oktober 2008: het kadersamenwerkingsakkoord betreffende de alternerende vorming, gesloten te Brussel op 24 oktober 2008 tussen de Franse Gemeenschap, het Waals Gewest en de Franse Gemeenschapscommissie;
2° de Minister: de Minister bevoegd voor de vorming;
3° de O.F.F.A.: de Office francophone de la Formation en Alternance, bedoeld bij artikel 4 van het kadersamenwerkingsakkoord van 24 oktober 2008;
4° de operator voor alternerende opleiding, d.w.z.:
een centrum voor alternerend onderwijs en vorming, bedoeld bij het decreet van 3 juli 1991 tot regeling van het alternerend secundair onderwijs en iedere inrichting voor het onderwijs voor sociale promotie waaronder deze die met de centra voor alternerend onderwijs en vorming samenwerken;
het "IFAPME" "Institut de Formation permanente pour les Classes moyennes et les Petites et Moyennes Entreprises" (Instituut voor Permanente Vorming van de Middenstand en de Kleine en Middelgrote Ondernemingen), bedoeld bij artikel 1, 2°, b), van het kadersamenwerkingsakkoord van 24 oktober 2008;
5° de lerende: de jongere bedoeld bij artikel 1, § 1, 3°, van het kadersamenwerkingsakkoord van 24 oktober 2008, die een overeenkomst voor alternerend onderwijs en vorming heeft gesloten alsook de jongere die een stageovereenkomst tijdens een voorbereidend jaar heeft gesloten;
6° de overeenkomst voor alternerend onderwijs en vorming: de overeenkomst bedoeld bij artikel 1, § 1, 7°, van het kadersamenwerkingsakkoord van 24 oktober 2008;
7° de stageovereenkomst tijdens een voorbereidend jaar: de overeenkomst bedoeld in het besluit van de Waalse regering van 16 juli 1998 betreffende het plan voor afwisselende opleiding in het kader van de permanente vorming van de middenstand en de kleine en middelgrote ondernemingen, zoals gesloten in het kader van het voorbereidende jaar, zoals bepaald in artikel 56 van het besluit van de Waalse Regering van 31 augustus 2000 betreffende de opleiding in het kader van de permanente vorming van de middenstand en de kleine en middelgrote ondernemingen;
8° het vormingsjaar: de periode die begint op 1 september en die op 31 augustus eindigt;
9° het Bestuur: de Directie Overkoepelend Beleid Gewest-Gemeenschap van het Departement Werk en Beroepsopleiding van het Operationeel Directoraat-generaal Economie, Werk en Onderzoek van de Waalse Overheidsdienst;
10° de gemachtigd ambtenaar van het Bestuur: de ambtenaar die over een delegatie van bevoegdheden beschikt overeenkomstig het besluit van de Waalse Regering van 8 oktober 2009 betreffende de overdracht van bevoegdheden aan de statutaire personeelsleden van de Waalse Overheidsdienst.
Artikel 5 De Minister of de gemachtigd ambtenaar van het Bestuur kent, aan de operator voor alternerende vorming, binnen de perken van de begrotingskredieten en mits inachtneming van de voorwaarden van dit besluit, een subsidie van 1.000 euro toe per lerende met een overeenkomst voor alternerend onderwijs en vorming of een stageovereenkomst tijdens een voorbereidend jaar van minimum 270 elkaar al dan niet opvolgende dagen gedurende het vormingsjaar waarop de subsidie betrekking heeft, met inbegrip van elke periode gedurende welke de overeenkomst voor alternerend onderwijs en vorming of de stageovereenkomst opgeschort wordt.
De subsidie bedoeld bij het eerste lid is bedoeld om de kwaliteit van de begeleiding van de lerende te steunen of te verbeteren en wordt, derhalve, bedoeld om de bezoldiging alsook de werkingskosten van de referentiepersoon van de lerende te dekken.
De Minister kan het bedrag bedoeld bij het eerste lid aanpassen. In dat geval, houdt zijn specifiek met redenen omklede beslissing rekening met de evolutie van de wetgeving en de reglementering betreffende het alternerend onderwijs en het Onderwijs voor sociale promotie en met de hem toegezonden adviezen en verslagen van de O.F.F.A., overeenkomstig artikel 5 van het kadersamenwerkingsakkoord van 24 oktober 2008.
Artikel 6 De Minister of de gemachtigd ambtenaar van het Bestuur vereffent de subsidie aan de operator voor alternerende vorming op basis van een aanvraag, ingediend door de operator voor alternerende opleiding en goedgekeurd door de O.F.F.A., volgens de nadere regels bepaald door de Minister.
Artikel 7 Het besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap van 29 maart 1999 betreffende de organisatie van een afwisselende kwalificerende opleidingsfilière, wordt opgeheven.
Artikel 8 De aanvragen om erkenning van de actie als alternerende vorming die vóór de inwerkingtreding van dit besluit ingediend werden, blijven onder het besluit van de Waalse Regering van 17 maart 1999 betreffende de organisatie van een afwisselende kwalificerende opleidingsfilière vallen.
Een operator voor alternerende vorming die de overgangsbepaling bedoeld bij het eerste lid geniet, kan niet de subsidie bedoeld bij artikel 5 terzelfdertijd genieten, voor eenzelfde lerende en voor hetzelfde vormingsjaar.
Artikel 9 Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 31 augustus 2016 wat betreft de artikelen 2 en 3 en van 1 september 2016 wat betreft de artikelen 4 tot 8.
Artikel 10 De Minister bevoegd voor het Onderwijs is belast met de uitvoering van dit besluit.