Collectieve arbeidsovereenkomst van 10 augustus 1995 van het Paritair Subcomité voor het bedrijf der marmergroeven en -zagerijen op het gehele grondgebied van het Rijk. - Tewerkstelling van personen behorend tot risicogroepen .

Date :
10-08-1995
Language :
French Dutch
Size :
1 page
Section :
Legislation
Source :
Numac 1995081055

Original text :

Add the document to a folder () to start annotating it.
Artikel 1 Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op alle werkgevers, werknemers en werksters van de ondernemingen die ressorteren onder het Paritair Subcomité voor het bedrijf der marmergroeven en -zagerijen op het gehele grondgebied van het Rijk.
  Onder "werknemers" verstaat men de werknemers en de werksters.

Artikel 2 In het kader van het centraal akkoord van 7 december 1994 en van titel III, hoofdstuk II van de wet van 3 april 1995 houdende maatregelen tot bevordering van de tewerkstelling, wordt overeengekomen om 0,15 pct. van de aan de Rijksdienst voor sociale zekerheid aangegeven loonsom in 1995 en 0,20 pct. ervan in 1996 aan te wenden voor opleidingsacties ten voordele van werknemers of werklozen die behoren tot de risicogroepen.

Artikel 3 Vanaf 1 januari 1995, zullen de ondernemingen van de sector die onder het Paritair Subcomité voor het bedrijf der marmergroeven en -zagerijen op het gehele grondgebied van het Rijk ressorteren ten minste 0,15 pct. per jaar besteden van de loonsom aangegeven aan de Rijksdienst voor sociale zekerheid, aan initiatieven voor vorming en tewerkstelling. Voor 1996, wordt dit bedrag op 0,20 pct. gebracht.

Artikel 4 Een v.z.w. "Paritair Fonds voor de vorming van de werklieden van de marmersector" int de gelden. Ze beheert en wendt de bijdrage aan voor de specifieke vorming voor de beroepen in de marmersector, volgens beslissing van de beheerraad van deze v.z.w. De sociale zetel van deze v.z.w. is gevestigd te 1040 Brussel, Belliardstraat 51 of op elke andere plaats in België bij beslissing van de raad van beheer van deze v.z.w.

Artikel 5 Ter compensatie van de uitvoering van deze overeenkomst vragen de partijen aan Mevrouw de Minister van Tewerkstelling en Arbeid een vrijstelling voor de sector van de bijdragen van 0,15 pct. vanaf 1 januari 1995 en van 0,20 pct. in 1996, die gedurende de jaren 1995 en 1996 aan de Rijksdienst voor sociale zekerheid moeten worden gestort.

Artikel 6 Deze collectieve arbeidsovereenkomst treedt in werking op 1 januari 1995 en houdt op van kracht te zijn op 31 december 1996.
  Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 7 januari 1998.
  (Voor het KB, zie %%1998-01-07/39%%).
  De Minister van Tewerkstelling en Arbeid,
  Mevr. M. SMET