Collectieve arbeidsovereenkomst van 5 oktober 1999, gesloten in het Paritair Comité voor het tabaksbedrijf, houdende invoering voor de jaren 1999-2000 van een stelsel van conventioneel brugpensioen op 56 jaar in de ondernemingen die sigaren en cigarillo's vervaardigen .
- Section :
- Legislation
- Source :
- Numac 2002A12451
Original text :
Add the document to a folder
()
to start annotating it.
Hoofdstuk 1. Toepassingsgebied
Artikel 1 De huidige collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op de werkgevers en op de werknemers van de ondernemingen die sigaren en cigarillo's vervaardigen en onder het Paritair Comité voor het tabaksbedrijf ressorteren.
Onder "werknemers" wordt verstaan : de arbeiders en de arbeidsters.
Hoofdstuk 2. Beschikkingen
Artikel 2 Overeenkomstig de mogelijkheid voorzien bij de artikelen 110 en 111 van de wet van 26 maart 1999 betreffende het Belgisch actieplan voor de werkgelegenheid 1998 en houdende diverse bepalingen met het daarbij horende koninklijk besluit van 30 april 1999, wordt een stelsel van conventioneel brugpensioen ingevoerd op 56-jarige leeftijd voor de werknemers onder de hierna vermelde voorwaarden, rekening houdende met de modaliteiten en voorwaarden zoals voorzien in voornoemd koninklijk besluit van 30 april 1999.
Artikel 3 Om van dit stelsel van conventioneel brugpensioen te kunnen genieten, dienen de werknemers niet alleen de leeftijd van 56 jaar te hebben bereikt tijdens de duur van de huidige collectieve arbeidsovereenkomst, doch ook op het ogenblik van de beëindiging van hun arbeidsovereenkomst.
Daarenboven dienen de betrokken werknemers op het ogenblik van de beëindiging van hun arbeidsovereenkomst 33 jaar beroepsverleden als loontrekkende te kunnen rechtvaardigen waarvan 20 jaar in nachtarbeid zoals omschreven in artikel 1 van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 46 gesloten op 23 maart 1990 in de Nationale Arbeidsraad en algemeen verbindend verklaard bij koninklijk besluit van 10 mei 1990.
Artikel 4 § 1. Een bijzondere compenserende maandelijkse bijdrage ten laste van de werkgever is voorzien, gelijk aan 50 pct. van de aanvullende vergoeding zoals omschreven in de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17 gesloten in de Nationale Arbeidsraad tot invoering van een regeling van aanvullende vergoeding ten gunste van sommige bejaarde werknemers indien zij worden ontslagen.
§ 2. Het percentage van 50 pct. vermeld in § 1 wordt teruggebracht tot 33 pct. indien de bruggepensioneerde vervangen wordt door een werkloze die sinds 1 jaar tenminste volledig uitkeringsgerechtigde is.
§ 3. Deze bijzondere compenserende bijdrage is verschuldigd door de werkgever tot en met de maand waarin de betrokkene werknemer in brugpensioen zoals omschreven in de huidige overeenkomst, de leeftijd van 58 jaar bereikt en dient gestort aan de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid.
Artikel 5 De huidige collectieve arbeidsovereenkomst doet geen afbreuk aan de bestaande sectorale overeenkomsten inzake conventioneel brugpensioen conform collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17.
Artikel 6 De huidige collectieve arbeidsovereenkomst heeft uitwerking met ingang van 1 januari 1999 en treedt buiten werking op 31 december 2000.
Artikel 7 Ieder der contracterende partijen kan de huidige overeenkomst opzeggen, met een opzegtermijn van drie maanden, betekend bij een ter post aangetekende brief, gericht aan de voorzitter van het Paritair Comité voor het tabaksbedrijf en aan elk der contracterende partijen.
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 14 maart 2002.
(Voor het KB, zie %%2002-03-14/46%%)
De Minister van Werkgelegenheid,
Mevr. L. ONKELINX.
Artikel 1 De huidige collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op de werkgevers en op de werknemers van de ondernemingen die sigaren en cigarillo's vervaardigen en onder het Paritair Comité voor het tabaksbedrijf ressorteren.
Onder "werknemers" wordt verstaan : de arbeiders en de arbeidsters.
Hoofdstuk 2. Beschikkingen
Artikel 2 Overeenkomstig de mogelijkheid voorzien bij de artikelen 110 en 111 van de wet van 26 maart 1999 betreffende het Belgisch actieplan voor de werkgelegenheid 1998 en houdende diverse bepalingen met het daarbij horende koninklijk besluit van 30 april 1999, wordt een stelsel van conventioneel brugpensioen ingevoerd op 56-jarige leeftijd voor de werknemers onder de hierna vermelde voorwaarden, rekening houdende met de modaliteiten en voorwaarden zoals voorzien in voornoemd koninklijk besluit van 30 april 1999.
Artikel 3 Om van dit stelsel van conventioneel brugpensioen te kunnen genieten, dienen de werknemers niet alleen de leeftijd van 56 jaar te hebben bereikt tijdens de duur van de huidige collectieve arbeidsovereenkomst, doch ook op het ogenblik van de beëindiging van hun arbeidsovereenkomst.
Daarenboven dienen de betrokken werknemers op het ogenblik van de beëindiging van hun arbeidsovereenkomst 33 jaar beroepsverleden als loontrekkende te kunnen rechtvaardigen waarvan 20 jaar in nachtarbeid zoals omschreven in artikel 1 van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 46 gesloten op 23 maart 1990 in de Nationale Arbeidsraad en algemeen verbindend verklaard bij koninklijk besluit van 10 mei 1990.
Artikel 4 § 1. Een bijzondere compenserende maandelijkse bijdrage ten laste van de werkgever is voorzien, gelijk aan 50 pct. van de aanvullende vergoeding zoals omschreven in de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17 gesloten in de Nationale Arbeidsraad tot invoering van een regeling van aanvullende vergoeding ten gunste van sommige bejaarde werknemers indien zij worden ontslagen.
§ 2. Het percentage van 50 pct. vermeld in § 1 wordt teruggebracht tot 33 pct. indien de bruggepensioneerde vervangen wordt door een werkloze die sinds 1 jaar tenminste volledig uitkeringsgerechtigde is.
§ 3. Deze bijzondere compenserende bijdrage is verschuldigd door de werkgever tot en met de maand waarin de betrokkene werknemer in brugpensioen zoals omschreven in de huidige overeenkomst, de leeftijd van 58 jaar bereikt en dient gestort aan de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid.
Artikel 5 De huidige collectieve arbeidsovereenkomst doet geen afbreuk aan de bestaande sectorale overeenkomsten inzake conventioneel brugpensioen conform collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17.
Artikel 6 De huidige collectieve arbeidsovereenkomst heeft uitwerking met ingang van 1 januari 1999 en treedt buiten werking op 31 december 2000.
Artikel 7 Ieder der contracterende partijen kan de huidige overeenkomst opzeggen, met een opzegtermijn van drie maanden, betekend bij een ter post aangetekende brief, gericht aan de voorzitter van het Paritair Comité voor het tabaksbedrijf en aan elk der contracterende partijen.
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 14 maart 2002.
(Voor het KB, zie %%2002-03-14/46%%)
De Minister van Werkgelegenheid,
Mevr. L. ONKELINX.