Koninklijk besluit betreffende de benaming en de kenmerken van de gasolie-diesel voor wegvoertuigen

Date :
19-09-2013
Language :
French Dutch
Size :
1 page
Section :
Legislation
Source :
Numac 2013011492

Original text :

Add the document to a folder () to start annotating it.
Artikel 1 Dit besluit heeft als doel :
  1° de gedeeltelijke omzetting in Belgisch recht van het artikel 7 van Richtlijn 98/70/EG van het Europees Parlement en de Raad van 13 oktober 1998 betreffende de kwaliteit van de benzine en dieselbrandstof en tot wijziging van de Richtlijn 93/12/EEG van de Raad;
  2° de gedeeltelijke omzetting in Belgisch recht van het artikel 1, 4) van de Richtlijn 2009/30/EG van het Europees Parlement en de Raad van 23 april 2009 tot wijziging van Richtlijn 98/70/EG met betrekking tot de specificatie van benzine, dieselbrandstof en gasolie en tot invoering van een mechanisme om de emissies van broeikasgassen te monitoren en te verminderen, tot wijziging van Richtlijn 1999/32/EG van de Raad met betrekking tot de specificatie van door binnenschepen gebruikte brandstoffen en tot intrekking van Richtlijn 93/12/EEG;
  3° de gedeeltelijke omzetting in Belgisch recht van het artikel 1, 2) van de Richtlijn 2011/63/EU van de Commissie van 1 juni 2011 tot wijziging van Richtlijn 98/70/EG van het Europees Parlement en de Raad betreffende de kwaliteit van benzine en van dieselbrandstof, met het oog op de aanpassing ervan aan de technische vooruitgang.

Artikel 2 § 1. De gasolie-diesel voor wegvoertuigen, hierna gasolie-diesel genoemd, dient te beantwoorden aan de norm NBN EN 590 - Brandstoffen voor wegvoertuigen - Diesel - Eisen en proefmethoden. Laatste uitgave.
  § 2. In de zin van dit besluit, wordt onder wegvoertuigen verstaan elk voertuig aangedreven door een dieselmotor en bestemd om op de weg te rijden, met of zonder carrosserie, op wielen en met een maximumsnelheid van meer dan 25 km per uur, met uitzondering van de niet voor de weg bestemde mobiele machines, landbouwtrekkers, bosbouwmachines en railvoertuigen.

Artikel 3 In uitvoering van artikel 7 van de Richtlijn 98/70/EG, dient de betrokken raffinaderij, bij een ter post aangetekende brief, een verzoekschrift in bij de minister bevoegd voor Energie. Dit verzoekschrift dient minstens volgende elementen te bevatten :
  - de omstandige beschrijving van de uitzonderlijke gebeurtenissen;
  - de brandstofspecificaties die niet meer in acht kunnen worden genomen;
  - de identificatie van de plotse verandering in het aanbod van ruwe olie of olieproducten.
  De minister controleert er de volledigheid en ontvankelijkheid van, alvorens de Europese Commissie erover in te lichten.

Artikel 4 § 1. Het is verboden een product op de markt te brengen onder de benaming gasolie-diesel of diesel, indien het niet de kenmerken bezit, bedoeld in artikel 2.
  § 2. Het is verboden een product te gebruiken als gasolie-diesel indien het niet de kenmerken bezit gedefinieerd door de norm EN 590. Laatste uitgave.
  De gasolie die moet gebruikt worden voor pleziervaartuigen is de gasolie-diesel.

Artikel 5 Onverminderd het facultatief gelijktijdig gebruik van merken of alle andere commerciële benamingen, moet de benaming van gasolie-diesel aangeduid worden op de documenten betreffende de verkoop en de levering.
  Elke pomp bestemd voor de verkoop van gasolie-diesel draagt op zichtbare en leesbare wijze het merkteken voorzien door de norm vermeld in artikel 2, § 1, van dit besluit.
  Elk tankstation waar de in dit besluit vermelde producten worden verkocht, moet, op een duidelijk zichtbare plaats, uitgerust zijn met een bord voorzien van minstens de volgende onuitwisbare opschriften :
  - de identiteit, de maatschappelijke zetel en het ondernemingsnummer van de natuurlijke of rechtspersoon die verantwoordelijk is voor de conformiteit van de verkochte producten;
  - de identiteit, de maatschappelijke zetel en het ondernemingsnummer van de rechtspersoon die verantwoordelijk is voor de uitbating van het tankstation.

Artikel 6 Het koninklijk besluit van 20 maart 2000 betreffende de benaming, de kenmerken en het zwavelgehalte van de gasolie-diesel voor wegvoertuigen wordt opgeheven.

Artikel 7 De minister bevoegd voor Economie, de minister bevoegd voor Binnenlandse Zaken, de minister bevoegd voor Volksgezondheid, de minister bevoegd voor Middenstand en de minister bevoegd voor Energie zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.
  
  Gegeven te Brussel, 19 september 2013.
  FILIP
  Van Koningswege :
  De Vice-Eerste Minister en Minister van Economie en Consumenten,
  J. VANDE LANOTTE
  De Vice-Eerste Minister en Minister van Binnenlandse Zaken,
  Mevr. MILQUET
  De Vice-Eerste Minister en Minister van Volksgezondheid,
  Mevr. L. ONKELINX
  De Minister van Middenstand,
  Mevr. S. LARUELLE
  De Staatssecretaris voor Leefmilieu en Energie,
  M. WATHELET