Koninklijk besluit betreffende de gezinsvakantiebijslag.
- Section :
- Legislation
- Source :
- Numac 1968020101
Original text :
Add the document to a folder
()
to start annotating it.
Artikel 1 <KB 05-10-1973, art. 6> Het bedrag van de gezinsvakantiebijslag is gelijk aan het bedrag van de bij artikel 40, 42, 47, 50bis of 50ter voorziene kinderbijslag, eventueel verhoogd met de bij artikel 44 bepaalde leeftijdsbijslag, dat werkelijk over de maand april van het beoogde jaar wordt uitbetaald.
Artikel 2 De gezinsvakantiebijslag en de kinderbijslag over de maand april worden door de uitbetalingsinstellingen ineens uitbetaald.
De uitbetalingsinstellingen houden een afzonderlijke boekhouding voor de verrichtingen betreffende de gezinsvakantiebijslag.
Artikel 3 (opgeheven) <KB 15-12-1980, art. 14, 2°>
Artikel 4 (opgeheven) <KB 15-12-1980, art. 14, 2°>
Artikel 5 Dit besluit zal voor het eerst toepassing vinden op de gezinsvakantiebijslag uitbetaalbaar in 1968.
Artikel 6 Onze Minister van Sociale Voorzorg is belast met de uitvoering van dit besluit.
Artikel 2 De gezinsvakantiebijslag en de kinderbijslag over de maand april worden door de uitbetalingsinstellingen ineens uitbetaald.
De uitbetalingsinstellingen houden een afzonderlijke boekhouding voor de verrichtingen betreffende de gezinsvakantiebijslag.
Artikel 3 (opgeheven) <KB 15-12-1980, art. 14, 2°>
Artikel 4 (opgeheven) <KB 15-12-1980, art. 14, 2°>
Artikel 5 Dit besluit zal voor het eerst toepassing vinden op de gezinsvakantiebijslag uitbetaalbaar in 1968.
Artikel 6 Onze Minister van Sociale Voorzorg is belast met de uitvoering van dit besluit.