Ministerieel besluit dat het koninklijk besluit van 11 juli 2002 houdende vaststelling van de toekenningsvoorwaarden van een forfaitaire vergoeding toegekend aan de personeelsleden van de politiediensten die deelnemen aan humanitaire of politieoperaties onder het gezag van één of meerdere internationale instellingen alsook aan bepaalde operaties ten behoeve van de strijdkrachten, toepasselijk maakt op het personeel dat aangewezen is ter versterking van het project "POLICE DE PROXIMITE (POLPROX Burkina Faso)"
- Section :
- Legislation
- Source :
- Numac 2020020164
- Author :
- Federale Overheidsdienst Binnenlandse Zaken
Original text :
Add the document to a folder
()
to start annotating it.
De Minister van Veiligheid en Binnenlandse Zaken,
Gelet op het koninklijk besluit van 11 juli 2002 houdende vaststelling van de toekenningsvoorwaarden van een forfaitaire vergoeding toegekend aan de personeelsleden die deelnemen aan humanitaire of politieoperaties onder het gezag van één of meerdere internationale instellingen alsook aan bepaalde operaties ten behoeve van de strijdkrachten, artikel 3, eerste lid;
Gelet op het raamakkoord voor samenwerking in de veiligheidssector tussen de Federale Politie en de Belgische Technische Coöperatie van 19 september 2016;
Gelet op het advies van de Inspecteur-generaal van Financiën, gegeven op 27 mei 2019;
Gelet op het akkoord van de Minister van Begroting, d.d. 11 oktober 2019,
Besluit :
Artikel 1. De bepalingen van hoofdstuk I van het koninklijk besluit van 11 juli 2002 houdende vaststelling van de toekenningsvoorwaarden van een forfaitaire vergoeding toegekend aan de personeelsleden van de politiediensten die deelnemen aan humanitaire of politieoperaties onder het gezag van één of meerdere internationale instellingen alsook aan bepaalde operaties ten behoeve van de strijdkrachten, zijn van toepassing op het personeel dat aangewezen is ter versterking van het project "POLICE DE PROXIMITE (POLPROX Burkina Faso)".
Art. 2. Gelet op de onmogelijkheid van een cumul van vergoedingen van dezelfde aard, wordt de forfaitaire vergoeding zoals bepaald in het voormelde koninklijk besluit van 11 juli 2002, verminderd met de diverse vergoedingen die reeds worden ten laste genomen door andere internationale instellingen en die hetzelfde risico, dezelfde kosten en/of dezelfde ongemakken dekken.
Art. 3. Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 21 juni 2019.
Brussel, 28 januari 2020.
P. DE CREM