Décision anticipée n° 2011.226 du 22.11.2011

Date :
22-11-2011
Langue :
Français Néerlandais
Taille :
7 pages
Section :
Régulation
Type :
Prior agreements L 24.12.2002
Sous-domaine :
Fiscal Discipline

Résumé :

impôt sur les revenus - apport d'actions - société holding - constitution de sociétés - gestion normale du patrimoine privé - plus-value sur actions - plus-value interne - revenu diver

Texte original :

Ajoutez le document à un dossier () pour commencer à l'annoter.

Contact | Disclaimer | FAQ
   
Quick search :
Fisconet plus Version 5.9.23
Service Public Federal
Finances
Home > Advanced search > Search results > Décision anticipée n° 2011.226 du 22.11.2011
Décision anticipée n° 2011.226 du 22.11.2011
Document
Content exists in : fr nl

Search in text:
Print    E-mail    Show properties

Properties

Document type : Prior agreements L 24.12.2002
Title : Décision anticipée n° 2011.226 du 22.11.2011
Document date : 22/11/2011
Publication date : 12/06/2012
Keywords : impôt sur les revenus / apport d’actions / société holding / constitution de sociétés / gestion normale du patrimoine privé / plus-value sur actions / plus-value interne / revenu divers
Document language : FR
Name : Décision anticipée n° 2011.226 du 22.11.2011
Version : 1

Décision anticipée n° 2011.226 du 22.11.2011

 

Apport d'actions

Gestion normale du patrimoine privé

Plus-value sur actions

Plus-value interne

Revenu divers

 

Résumé

 

L'apport prévu par le demandeur des actions A, B, C, D, E, F et G dans une nouvelle société holding à constituer, peut, vu les considérations reprises dans la décision, être considéré comme un opération de gestion normale de gestion de patrimoine privé comme visé à l'article 90, 9°, premier tiret CIR 92.

 

La décision est publiée uniquement dans la langue dans laquelle la demande a été introduite.

 

I.        Voorwerp van de aanvraag

 

1.              De aanvraag strekt ertoe te vernemen of de meerwaarde die wordt gerealiseerd naar aanleiding van de geplande inbrengen van de aandelen A, B, C, D en E evenals  F en G (recent verworven participaties) door X kaderen binnen een normaal beheer van het privévermogen zodat deze meerwaarden niet belastbaar zijn door toepassing van artikel 90, 9°, 1e gedachtestreepje WIB, noch door toepassing van artikel 90, 1° WIB.

 

II.      Omschrijving van de verrichting

 

II.A.   Identiteit van de aanvrager en van de groepsvennootschappen en omschrijving van hun activiteiten

 

2.              De aanvraag wordt ingediend in naam van X.

 

3.              X is wettelijk samenwonend met Y. Zij hebben samen een meerderjarige zoon. X heeft tevens een meerderjarige dochter.

 

4.              X oefent een bestuursfunctie uit in de volgende vennootschappen behorende tot de Groep X: A, B en C.

 

5.              De vennootschappen waarvan aandelen zouden worden overgedragen, zijn A, B, C, D, E, F en G.

 

6.              De vennootschap die de aandelen zou verwerven, is een nog op te richten Belgische besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid (hierna "BELCO"), met maatschappelijke zetel op een nog te bepalen adres, met een nog aan te vragen ondernemingsnummer.

 

7.              De Groep X is verdeeld over vier takken, met telkens een eigen actiedomein.

 

8.              De groep is ook actief buiten België.

 

9.              A werd reeds meerdere jaren geleden opgericht door X, Y en een derde (1 aandeel).

 

10.          De aandelen van de vennootschap worden op heden aangehouden door X (meerderheidsaandeelhouder) en Y (minderheidsaandeelhouder).

 

11.          A houdt diverse onroerende goederen aan waarvan één gedeeltelijk verhuurd wordt aan de aanvrager. 

 

12.          A houdt een minderheidsparticipatie aan in C; het betreft 1 aandeel sinds de oprichting  en bijkomende aandelen ingevolge een latere kapitaalverhoging.

 

13.          B werd een aantal jaar geleden opgericht door X.

 

14.          Alle aandelen B worden aangehouden door X.

 

15.          B is een exploitatievennootschap.

16.          B houdt geen onroerende goederen en geen deelnemingen aan.

 

17.          C werd reeds meerdere jaren geleden opgericht door X en A (1 aandeel).

 

18.          De aandelen C worden aangehouden door X (meerderheidsaandeelhouder) en A (minderheidsaandeelhouder).

 

19.          C is een exploitatievennootschap.

 

20.          C houdt geen onroerende goederen en geen deelnemingen aan.

 

21.          D, evenals E en H zijn buitenlandse vennootschappen en oefenden in het verleden activiteiten uit in dezelfde sector.

 

22.          D houdt een deelneming aan in E en E houdt een deelneming aan in H.

 

23.          D beschikt op vandaag bovendien over een aanzienlijk bedrag aan liquiditeiten naar aanleiding van de verkoop van een voormalige participatie.

 

24.          Het is de bedoeling dat D deze liquiditeiten zal herinvesteren in nieuwe activiteiten in dezelfde sector, zij het op minder grootschalige wijze dan voorheen.

 

25.          De aandelen van D werden tot voor kort aangehouden door X (meerderheidsaandeelhouder) en Z (minderheidsaandeelhouder). Zij hebben de aandelen D enkele jaren geleden verkregen ingevolge een aankoop van een derde persoon.

 

26.          Z (de derde aandeelhouder van D) heeft een buitenlandse nationaliteit en was zeer betrokken bij de voormalige activiteiten uitgeoefend door D. Hij heeft om verschillende redenen, waaronder het feit dat de nieuwe projecten van D niet specifiek gerelateerd zouden zijn met zijn land van herkomst, de wens geuit om niet langer aandeelhouder te blijven van D. De uitkoop van Z gebeurde recentelijk bij wijze van een inkoop eigen aandelen. De middelen nodig voor de uitkoop waren beschikbaar binnen D. De financiering van de uitkoop gebeurde met eigen middelen.

 

27.          E voert momenteel holdingactiviteiten uit. Deze vennootschap werd meerdere jaren geleden opgericht door een aantal oprichters waaronder X.

 

28.          De aandelen worden momenteel echter aangehouden door D (meerderheidsaandeelhouder) en door X (minderheidsaandeelhouder).

 

29.          E houdt een 100% participatie aan in H.

 

30.          H fungeerde indertijd als werkvennootschap van E en was eveneens in dezelfde sector actief.

 

31.          Gelet op de nieuwe activiteiten van E werd de naam en de doelomschrijving van deze vennootschap gewijzigd.

 

32.          X heeft recentelijk een minderheidsparticipatie in F verworven. Deze verwerving gebeurde door X in persoonlijke naam en dit omwille van specifieke redenen.

 

33.          De minderheidsparticipatie die X recentelijk verworven heeft in G naar aanleiding van de uitoefening van een optieovereenkomst, gebeurde tevens door X in persoonlijke naam, gezien het ontbreken van de nodige structuur op dat moment.

 

34.          Met uitzondering van de dividenduitkeringen die in het verleden plaats vonden door E  en G werden er de voorbije 3 jaren door de betrokken vennootschappen geen dividenden uitgekeerd.

 

II.B.   Beschrijving van de voorgenomen verrichtingen

 

35.          Het is de bedoeling dat X al de door hem aangehouden participaties in vennootschappen deeluitmakend van de Groep via inbreng zal overdragen aan BELCO. X blijft in bepaalde vennootschappen evenwel één aandeel  privé aanhouden.

 

36.          Mogelijks zou de geplande inbreng door X plaatsvinden na certificering van deze aandelen. Bijgevolg wordt onder de term "aandelen" tevens certificaten van aandelen verstaan. Dit heeft fiscaal geen enkele impact, gelet op de fiscale transparantie.

 

37.          X wenst tevens via BELCO (direct of indirect) bijkomende acquisities c.q. investeringen te doen.

 

38.          Onder directe bijkomende acquisities c.q. investeringen dient te worden verstaan, investeringen die rechtstreeks zouden worden gedaan door BELCO (en dus niet via een dochtervennootschap).

 

39.          Onder indirecte bijkomende acquisities c.q. investeringen dient te worden verstaan, investeringen die zouden plaatsvinden door een door BELCO aangehouden dochtervennootschap.

 

40.          Er worden onderhandelingen gevoerd voor investeringen in een domein waarin de groep reeds actief is.

 

41.          Andere investeringen c.q. acquisities zijn op termijn gepland via BELCO (direct of indirect).

 

42.          Tenslotte wordt overwogen om in een latere fase ofwel de blote eigendom van de aandelen van BELCO te schenken aan de kinderen ofwel de aandelen via een bijkomende controlestructuur (i.e. Nederlandse Stichting Administratiekantoor of een Belgische burgerlijke maatschap) te betrekken in de vermogens- en successieplanning van X.

 

43.          De heer X neemt het engagement op zich om gedurende een periode van drie jaar te rekenen vanaf de overdracht van de aandelen A, B, C, D, E, F en G aan BELCO door inbreng in natura:

 

43.1.    geen kapitaalvermindering door BELCO door te voeren;

 

43.2.    geen kapitaalvermindering door A, B, C, D, E, F en G door te voeren, tenzij die middelen door BELCO worden gebruikt voor bijvoorbeeld nieuwe investeringen of financiering van andere groepsvennootschappen of verbonden ondernemingen of het verwerven van nieuwe acquisities zonder dat deze geldmiddelen mogen doorstromen naar de aandeelhouders natuurlijke personen;

 

43.3.    het uitgekeerde dividendpercentage door A, B, C, D, E, F en G niet te wijzigen ten overstaan van het gemiddelde dividendpercentage van de laatste vijf jaar die voorafgaan aan de inbreng in BELCO. Er mogen toch hogere dividenden worden uitgekeerd indien wordt aangetoond dat de dividenduitkeringen worden gebruikt voor bijvoorbeeld nieuwe investeringen of financiering van andere groepsvennootschappen of verbonden ondernemingen. De hogere dividenduitkeringen mogen echter niet doorvloeien naar de aandeelhouders natuurlijke personen. De hogere dividenden mogen ook worden gebruikt voor de betaling van aandeelhouders die wensen uit te treden voor zover de dividenduitkeringen worden gebruikt voor de terugbetaling van een lening of de aflossing van een rekening-courant die werd aangegaan voor de uitkoop van sommige aandeelhouders;

 

43.4.    de eventuele door A, B, C, D, E, F en G betaalde bedrijfsleiderbezoldigingen, managementfees, enzovoort, voor de prestaties van X overeen te laten stemmen met de vroegere bedrijfsleiderbezoldigingen betaald aan X. De geldstroom vanuit A, B, C, D, E, F en G naar BELCO mag hoger zijn dan de vroegere bedrijfsleiderbezoldigingen indien blijkt dat hier daadwerkelijk prestaties tegenover staan (bijvoorbeeld boekhouding, personeel, etc.) die vroeger op het niveau van de werkmaatschappij werden verricht en nu door BELCO worden uitgevoerd (eventueel met overdracht van het betrokken personeel) én marktconform worden doorgerekend

 

44.          Voor wat betreft de vennootschappen waarin X slechts een minderheid van de aandelen aanhoudt, engageert hij zich om een negatieve stem uit te brengen op de algemene vergadering indien binnen deze vennootschappen beslissingen zouden overwogen worden die in tegenspraak zijn met de hierboven aangegane engagementen.

 

45.          Daarenboven wordt het verslag van de bedrijfsrevisor dat de waarde van de participatie A, B, C, D, E, F en G op het ogenblik van de overdracht aan BELCO weergeeft, aan de locale controle van de aanvrager overgemaakt van zodra dit beschikbaar is.

 

III.         M otivering van de verrichting door de aanvrager

 

III.A. De inbreng van aandelen A, B, C, D, E, F en G in BELCO door X is een normale verrichting van beheer van een privévermogen in de zin van artikel 90, 9°, 1e gedachtestreepje WIB.

 

46.          De in te brengen aandelen A, B, C, D, E, F en G in BELCO zijn activa die deel uitmaken van het privé-vermogen van X.

 

47.          De inbreng in een eigen holdingvennootschap is het voorbeeld bij uitstek van een louter beheer, gezien het een loutere omzetting is van privégoederen (aandelen A, B, C, D, E, F en G worden aandelen BELCO). Zoals gezegd, betreft het privégoederen waarvan het overgrote deel sinds geruime tijd eigendom is van de aanvrager.

 

48.          De inbreng van de aandelen A, B, C, D, E, F en G in een eigen holding/patrimoniumvennootschap is een normale verrichting van een goed huisvader.

 

49.          De Vlaamse wetgever heeft bij de inlassing van artikel 60bis W.Succ. overigens zelf gesteld dat het creëren van een patrimoniumvennootschap (holdingvennootschap) een economisch gerechtvaardigde verrichting is.

 

50.          Het beheer gaat niet gepaard met abnormale risico's, hoge leningen, quasi-professionele methodes en dergelijke meer.

 

51.          Bovenvermelde inbreng is integendeel door diverse 'normale' overwegingen van een goede huisvader geïnspireerd:

 

51.1.    Ten eerste, uit de historiek van de groep, blijkt duidelijk:

 

58.1.1dat een groot deel van de aandelen al geruime tijd worden aangehouden;

 

58.1.2dat minder recent aangehouden aandelen betrekking hebben op recente investeringen;

 

58.1.3dat de aandelen duidelijk niet werden verworven met het oog op hun wederverkoop;

 

58.1.4de afwezigheid van hoge risico's in hoofde van X.

 

51.2.    De afwezigheid op heden in hoofde van X van enige intentie tot het onttrekken van (verhoogde) liquiditeiten aan de structuur (cf. onder meer de opgenomen engagementen).

 

51.3.    X wenst in de eerste plaats zijn privé gehouden aandelen te centraliseren, met het oog op:

 

51.3.1.  het beleid en de controle over de groep te bundelen in België;

 

51.3.2.  de realisatie van toekomstige acquisities c.q. investeringen waarvan sommigen zich in een zeer gevorderd stadium van onderhandelingen bevinden;

 

51.3.3.  zijn successieplanning.

 

          Beleid en controle centraliseren in België

 

52.          Zoals hierboven uiteengezet, maken ook buitenlandse vennootschappen deel uit van  Groep X. Het is echter de wens van X om het beleid en de controle over deze vennootschappen te centraliseren, en dit in een in België gevestigde vennootschap.

 

          Realisatie van toekomstige acquisities c.q. investeringen waarvan sommigen in een zeer gevorderd stadium van onderhandelingen zijn

 

53.          Wat dit betreft wordt verwezen naar hetgeen hierboven werd inzake toekomstige mogelijke acquisities c.q. investeringen.

 

          Successieplanning

 

54.          X en Y zijn wettelijk samenwonend. Zij hebben één gemeenschappelijke zoon. X heeft daarenboven een dochter.

 

55.          X wenst op termijn een successierechtelijke overgang van het vermogen binnen de familie te bewerkstelligen, zonder dat hierbij te zware successierechten verschuldigd worden. Dat het daarenboven om een nieuw samengesteld gezin gaat, maakt dergelijke planning, van een niet onaanzienlijk vermogen, des te belangrijker (en complexer).

 

56.          Het is immers zijn uitdrukkelijke wens, om, zoals het een goede 'huisvader' betaamt, ervoor te zorgen dat de eventuele successierechten die dienen te worden betaald bij een toekomstig overlijden beperkt zijn. Anderzijds zou het een daad van slecht beheer zijn die niet past voor een bonus pater familias indien er vandaag geen maatregelen worden genomen om een eventueel (vroegtijdig) overlijden van X (met niet alleen nefaste fiscale en burgerrechtelijke gevolgen voor de familie, maar natuurlijk ook voor de groep zelf) te voorzien.

 

57.          BELCO vergroot het aantal mogelijkheden waarop de successieplanning kan worden georganiseerd (schenking blote eigendom van de aandelen, overdracht van de aandelen in een controlestructuur van X).

 

58.          Zo behoort het na de inbreng tot de mogelijkheden van X om, ter verzekering van het behoud van de controle, de aandelen BELCO ontstaan uit de geplande inbreng te certificeren bij een Nederlands Stichting-Administratiekantoor of over te dragen aan een Belgische burgerlijke maatschap.

 

59.          Omwille van de gewenste fiscale transparantie van de Nederlandse Stichting-Administratiekantoor, en de hieruit voortvloeiende wettelijke verplichting tot doorstorting aan de certificaathouders, dienen bijvoorbeeld bij een dividenduitkering, na uitvoering van de successieplanning (i.e. met eventuele schenkingen aan de kinderen van X) de opbrengsten aan deze kinderen te worden doorgestort, zonder enige vorm van controlemogelijkheid voor X. Door het inbouwen van een niveau tussen de participatie enerzijds en de Stichting-Administratiekantoor anderzijds wordt dit vermeden. De opbrengsten van dividenduitkeringen kunnen alsdan zonder doorstortingsverplichting in BELCO behouden blijven.

 

60.          Indien niet geopteerd wordt voor een Stichting-Administratiekantoor maar voor een Belgische burgerlijke maatschap, wordt een soortgelijk effect bereikt.

 

61.          In die zin worden schenkingen eenvoudiger omdat een rechtstreekse schenking van de (blote eigendom van de) aandelen van A, B, C, D, E, F en G aan de kinderen van X ertoe zou leiden dat zijn kinderen zich nu reeds rechtstreeks kunnen inmengen met de operationele en commerciële activiteiten van voormelde vennootschappen, hetgeen ongewenst is en zelfs onverantwoord is in het licht van het voortbestaan van de groep.

 

62.          Daarnaast zou een rechtstreekse schenking van de (blote eigendom van de) aandelen in de groepsvennootschappen ertoe leiden dat X de goedkeuring van de kinderen nodig zouden hebben, indien hij zijn op vandaag rechtstreeks aangehouden participaties in A, B, C, D, E, F en G zou wensen te bezwaren.

 

63.          De kinderen van X zijn op heden nog te jong om de aandelen in de verschillende groepsvennootschappen rechtstreeks bij wijze van schenking te ontvangen.

 

64.          Door het samenbrengen van de erfgenamen van X op het niveau van BELCO en niet op het niveau van A, B, C, D, E, F en G wordt het mogelijk gemaakt om op de algemene vergadering van deze vennootschappen naar buiten te treden met één stem, wat aansluit met de specifieke wensen van X.

 

65.          Door het gebruik van de vennootschap BELCO als holdingvennootschap, wordt het mogelijk gemaakt:

 

65.1.    een afscheiding te realiseren tussen het door X gespaarde en belegde vermogen enerzijds en het bedrijfsrisico anderzijds;

 

65.2.    nieuwe investeringen (bijvoorbeeld het opstarten van nieuwe bedrijfsactiviteiten) rechtstreeks vanuit BELCO te realiseren.

 

66.          BELCO zal mettertijd eventueel kunnen optreden als interne financierder voor de dochtervennootschap(pen).

 

67.          Dat de overdracht een normale verrichting van beheer privévermogen betreft, blijkt volgens de aanvrager eveneens uit het feit dat X zich, in geval van positieve beslissing door de DVB, engageert om de hoger beschreven engagementen na te leven gedurende een termijn van drie jaar vanaf de voorgenomen inbreng in BELCO van zijn momenteel privé gehouden participaties in A, B, C, D, E, F en G.

 

68.          Om deze redenen is de meerwaarde, die gerealiseerd zou worden bij de overdracht door de inbreng van de aandelen van A, B, C, D, E, F en G in BELCO door X niet belastbaar overeenkomstig artikel 90, 9°, 1e gedachtestreepje WIB.

 

III.B.   De meerwaarden die door X behaald worden bij de inbreng van de aandelen A, B, C, D,  E, F en G in BELCO kunnen niet belast worden als divers inkomen onder toepassing van artikel 90, 1° WIB. Indien de DVB van oordeel is dat artikel 90, 1° WIB toch van toepassing is, dan is de overdracht door X een normale verrichting van beheer van een privévermogen in de zin van artikel 90, 1° WIB.

 

69.          Indien de meerwaarden die door X behaald worden bij de inbreng van de aandelen A, B, C, D, E, F en G volgens de DVB toch zouden kunnen ressorteren onder het toepassingsgebied van artikel 90,1° WIB, dan zijn deze nog steeds niet belastbaar, omdat de overdracht aan BELCO een normale verrichting van beheer van een privévermogen bestaande uit portefeuillewaarden uitmaakt.  Hiertoe kan verwezen worden naar hetgeen hierboven uiteengezet werd.

 

IV.     Beslissing

 

70.          De geplande inbreng door de aanvrager van de participatie die hij aanhoudt in A, B, C, D, E, F en G in een nieuw op te richten holdingvennootschap, vormt een overdracht onder bezwarende titel als bedoeld in artikel 90, 9°, eerste gedachtestreepje, WIB 92.

 

71.          De aandelen van de betrokken vennootschappen behoren tot het privé-vermogen van de aanvrager.

 

72.          De geplande inbreng kan, gelet op de hierna vermelde overwegingen, worden aangemerkt als een normale verrichting van beheer van het privé-vermogen in de zin van artikel 90, 9°, eerste gedachtestreepje WIB 92, aangezien:

 

72.1.    de vennootschappen waarvan de aandelen zullen worden ingebracht, reeds geruime tijd bestaan en dat de aanvrager de participaties in deze vennootschappen aanhoudt sinds de oprichting van de vennootschappen of deze aangekocht heeft van derden en de recent verworven aandelen betrekking hebben op recente investeringen;

 

72.2.    voorliggende verrichting geen complexe verrichting, noch een spitsvondig feitencomplex betreft;

 

72.3.    de geplande verrichting enerzijds kadert in de centralisatie van het aandelenbezit van de aanvrager evenals van het beleid en de controle over de groep in België en anderzijds in de mogelijkheid tot het realiseren van toekomstige acquisities en de successieplanning van de aanvrager;

 

72.4.    de aanvrager de in randnummer 43, 44 en 45 vermelde engagementen aangaat;

 

72.5.    voor de waardering van de aandelen beroep zal gedaan worden op een onafhankelijk revisor; het waarderingsverslag zal onmiddellijk na de verrichting aan de lokale controle van de aanvrager worden bezorgd;

 

72.6.    de meerwaarde die bij de inbreng van de aandelen wordt gerealiseerd, gelet op de bezitsduur van de aandelen, de afwezigheid van financieringen en van hoge risico's, niet het gevolg is van speculatie als bedoeld in artikel 90, 1° WIB 92.

 

*

*         *

 

          Gelet op de overwegingen vermeld in randnummer 70 tot en met 72, beslist het College van de DVB dat:

 

73.          de geplande inbreng door de aanvrager van de participatie die hij aanhoudt in A, B, C, D, E, F en G in een nieuw op te richten holdingvennootschap, beschouwd kan worden als een normale verrichting van beheer van een privé-vermogen, zodat de meerwaarde niet zal belast worden op grond van artikel 90, 9°, eerste gedachtestreepje, WIB 92.

 

74.          De beslissing is slechts geldig voor zover het verslag van de bedrijfsrevisor, dat de waarde van de betrokken participaties op het ogenblik van de inbreng weergeeft, aan de locale controle van de aanvrager zal worden overgemaakt.

 

75.          De aandacht wordt er op gevestigd dat deze beslissing geen uitspraak inhoudt omtrent de mogelijke aan de geplande inbreng in BELCO voorafgaande certificering van de in te brengen aandelen, over de mogelijke certificering van de aandelen BELCO bij een Nederlands Stichting-Administratiekantoor of de overdracht aan een Belgische Burgerlijke Maatschap.

 

76.          De aandacht wordt er op gevestigd dat de beslissing slechts geldig blijft voor zover de verrichting plaats vindt binnen de periode van één jaar vanaf de datum van de voorafgaande beslissing.