Nous sommes très heureux de voir que vous aimez notre plateforme ! En même temps, vous avez atteint la limite d'utilisation... Inscrivez-vous maintenant pour continuer.
Vraag nr. M010 van de volksvertegenwoordiger Burgeon dd. 10.06.1998
- Section :
- Régulation
- Type :
- Parliamentary questions
- Sous-domaine :
- Fiscal Discipline
Résumé :
Fraude,Verplichtingen,Fiscale strook,BTW-strookje,Restaurant,Raad van State,Horeca,Controlemaatregel,Spijzen en dranken,Medeaansprakelijkheid van restauranthouder en klant,Rekening en ontvangstbewijs
Texte original :
Ajoutez le document à un dossier
()
pour commencer à l'annoter.
Fisconet
plus Version 5.9.23
Service Public Federal Finances |
|||||||
|
Home >
Advanced search >
Search results > Vraag nr. M010 van de volksvertegenwoordiger Burgeon dd. 10.06.1998
Vraag nr. M010 van de volksvertegenwoordiger Burgeon dd. 10.06.1998
Document
Search in text:
Properties
Document type : Parliamentary questions Title : Vraag nr. M010 van de volksvertegenwoordiger Burgeon dd. 10.06.1998 Tax year : 2005 Document date : 10/06/1998 Keywords : Fraude / Verplichtingen / Fiscale strook / BTW-strookje / Restaurant / Raad van State / Horeca / Controlemaatregel / Spijzen en dranken / Medeaansprakelijkheid van restauranthouder en klant / Rekening en ontvangstbewijs Document language : NL Name : 98/M010 Version : 1 Question asked by : woordiger Burgeon
VRAAG 98/M010 Vraag nr. M010 van de volksvertegenwoordiger Burgeon dd. 10.06.1998 B.V.-COM,C592,Kamer,G.Z. 1997-1998, 10.06.1998, blz.2 Fraude - Verplichtingen - Fiscale strook - BTW-strookje - Restaurant - Raad van State - Horeca - Controlemaatregel - Spijzen en dranken - Medeaansprakelijkheid van restauranthouder en klant - Rekening en ontvangstbewijs VRAAG Mevrouw Colette Burgeon : In het globaal plan werd de vinger gelegd op de noodzaak van fraudebestrijding in de horeca. Te dien einde werd bij het koninklijk besluit van 1 april 1994 de klant mede aansprakelijk gesteld tegenover de fiscus wanneer de restauranthouder geen fiscale strook afgeeft. Deze maatregel zette de restauranthouder ertoe aan zoals het hoort BTW-briefjes op te maken. ANTWOORD Ondanks de niet geringe opbrengst werd de maatregel evenwel door de Raad van State vernietigd wegens vormgebreken. Op 25 januari 1996 antwoordde u op een vraag van Patrick Moriau dat ofwel dezelfde maatregel opnieuw zou worden ingesteld, waarbij de vereiste formaliteiten in acht zouden worden genomen, ofwel dat de controles op de horeca zouden worden verscherpt, ofwel dat in een mechanisme zou worden voorzien dat de klant ertoe aanzet zijn BTW-briefje te vragen. Heeft u die drie mogelijkheden door uw administratie laten onderzoeken ? Wat zijn de conclusies ? Vullen die drie oplossingen elkaar aan, of zijn het alternatieven ? Welke stappen heeft u persoonlijk binnen de regering gedaan om de vernietiging van de maatregel zoals bepaald in het koninklijk besluit van 1 april 1994 te ondervangen ? De heer Philippe Maystadt, Vice-eerste-Minister en Minister van Financiën en Buitenlandse Handel : Ik heb mijn administratie gevraagd het voorstel van de heer Moriau, die ervoor pleitte restaurantkosten van de personenbelasting aftrekbaar te maken en aldus een fiscale stimulans te creëren, te onderzoeken. De administratie meent evenwel dat zijn voorstel in wezen twee minpunten heeft : ten eerste is het niet aantrekkelijk genoeg voor de consument, en ten tweede zou het vooral de kosten voor controles enorm in de hoogte jagen, zonder evenredig veel op te brengen. De belastingbetaler zal een pak BTW-strookjes aan zijn aangifte hechten van restauranthouders die uiteraard niet allemaal onder de controlecentra van hetzelfde ressort vallen. Die BTW-briefjes zouden dus moeten worden doorgestuurd naar alle betrokken controlecentra, wat de administratie contraproductief vindt. Wij hebben uiteindelijk beslist de oorspronkelijke maatregelen opnieuw in te stellen, dus de uitbreiding van het begrip restauranthouder en de verplichte vermelding op het strookje van het aantal gebruikte maaltijden, maar waarbij de medeaansprakelijkheid van de klant vervalt. Het is onmiskenbaar de bedoeling de restauranthouders te controleren. De administratie heeft een ontwerp van koninklijk besluit voorbereid, dat nu aan de Raad van State ter advies zal worden voorgelegd. Mevrouw Colette Burgeon : Ik ben blij te horen dat er een oplossing is. Afwachten maar hoe de Raad van State zal adviseren. |
|||||||