Arbeidshof: Arrest van 30 Juni 1987 (Antwerpen). RG SIJ.H052;SIJ.H052C1

Date :
30-06-1987
Langue :
Néerlandais
Taille :
1 page
Section :
Jurisprudence
Source :
Justel N-19870630-5
Numéro de rôle :
SIJ.H052;SIJ.H052C1

Résumé :

Luidens het artikel 68 van de herstelwet van 4 augustus 1978 werd het artikel 42 van de R.S.Z.-wet als volgt gewijzigd : "De schuldvordering van de RIJKSDIENST VOOR SOCIALE ZEKERHEID op de werkgevers die vallen onder deze wet en de personen bedoeld bij artikel 30bis, verjaren na drie jaren". De aanvulling "en de personen bedoeld bij artikel 30bis" was inderdaad overbodig met betrekking tot de relatie tussen de RIJKSDIENST VOOR SOCIALE ZEKERHEID en de hoofdelijke medeschuldenaar, zoals bedoeld in alinéa 1 van dit artikel. Immers voor de solidaire medeschuldenaar geldt dezelfde verjaringstermijn als jegens de hoofdschuldenaar. De solidaire medeaansprakelijkheid houdt op te bestaan op het ogenblik dat de vordering ten aanzien van de hoofdschuldenaar verjaard is, dit bij toepassing van het artikel 1208 van het Burgerlijk Wetboek. Met voormelde wetswijziging werd geenszins een persoonlijke exceptie aan de solidaire medeschuldenaar verstrekt. Deze wijziging is blijkbaar ingegeven door de bekommernis de verjaringstermijn te bepalen voor de bijdragen in hoofde van de opdrachtgever, die hij eventueel verschuldigd is wegens de niet-doorstorting van de bij de betaling van fakturen ingehouden bedragen, bedoeld bij het artikel 30bis alinéa 3.

Arrêt :

La version intégrale et consolidée de ce texte n'est pas disponible.