De aannemer voerde verbouwingswerken uit in een café. Tijdens de uitvoering stelden de partijen een overeenkomst op betreffende de tot nu toe uitgevoerde en nog uit te voeren meerwerken op voor een totaal bedrag van 426.884 Bfr waarvan op dat ogenblik volgens deze overeenkomst nog 259.364 Bfr te betalen was. Nu de aannemer daar bovenop nog twee facturen voor meerwerken indiende namelijk van 64.500 en 102.933 Bfr welke geprotesteerd werden oordeelde de rechtbank dat het hier ging om een overeenkomst tegen vaste prijs waarin partijen niet alleen de reeds uitgevoerde werken, maar zelfs de nog uit te voeren meerwerken hebben begrepen met als gevolg dat art. 1793 B.W. hierop van toepassing is . De rechtbank verwerpt de stelling dat een overeenkomst tegen vaste prijs niet tussen handelaars zou kunnen afgesloten worden of dat zij enkel zou kunnen in aanmerking komen voor nieuwbouw. Er wordt dan ook gesteld dat enkel afwijkingen van deze vaste prijs kunnen toegestaan worden voor zover zij op een schriftelijke bestelling berusten of erkend worden.
La version intégrale et consolidée de ce texte n'est pas disponible.
Déjà enregistré ? Connectez-vous maintenant