Commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders: Beslissing van 1 Maart 2000 (België). RG 98322/841

Date :
01-03-2000
Langue :
Néerlandais
Taille :
1 page
Section :
Jurisprudence
Source :
Justel N-20000301-7
Numéro de rôle :
98322/841

Résumé :

Samenvatting 1 x

Decision :

Ajoutez le document à un dossier () pour commencer à l'annoter.
(...)
Uit de stukken blijkt dat verzoeker tijdens de nacht van 24 op 25 september 1994, door de genaamde T. Saïd, van Marokkaanse afkomst, overvallen werd met het opzet zijn fototoestel te stelen. Verzoeker werd hierbij aan zijn oog en in het aangezicht met een mes bewerkt, met tijdelijke arbeidsongeschiktheid en blijvende esthetische schade tot gevolg.
Bij vonnis van 4 mei 1995 van de correctionele rechtbank te ... werd T. veroordeeld tot een gevangenisstraf van 28 maanden, omwille van het toebrengen van opzettelijke slagen en verwondingen aan verzoeker. Op burgerlijk gebied werd hij veroordeeld tot betaling van een som van 52.347 frank aan verzoeker. Tevens werd een deskundige aangesteld.
Voormeld vonnis is in kracht van gewijsde getreden.
Het verzoekschrift aan de Commissie tot het bekomen van een hulp is regelmatig naar de vorm en werd tijdig neergelegd. Aan de ontvankelijkheidsvoorwaarden werd voldaan.
Uit het verzoekschrift blijkt dat de dader in de gevangenis verblijft en tevoren was tewerkgesteld in een beschutte werkplaats te ... . Als gehandicapte ontving hij een tegemoetkoming van de staat. Ondertussen deelde de advocate van verzoeker mee dat zij van T. een bedrag ontving van 4000 frank in afwachting van de openstaande vordering en dat verder een maandelijkse afkorting van 500 frank werd beloofd;
Verzoeker begroot zijn schade ten aanzien van de Commissie op een totaal van 100.797 frank houdende 26.947 frank voor materiële kosten, 25.000 frank voor morele schade ziekenhuisopname, 18.850 frank voor procedurekosten, en 30.000 frank provisie voor tijdelijke invaliditeit en blijvende esthetische schade;
Een medisch verslag met de blijvende medische gevolgen van de feiten werd niet bijgebracht. Volgens Dokter V., oogspecialist, heeft het netvlies van het oog zich volledig hersteld.
De wetgeving betreffende de hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden verleent aan de slachtoffers geen subjectief recht op "schadeloosstelling", maar wel op het eventueel bekomen van een "hulp", gesteund op het principe van de collectieve solidariteit. Uit de aard zelf van de hulp volgt dat de "volledige vergoeding" van het door de slachtoffers geleden nadeel niet wordt gewaarborgd. Bij het beoordelen van een hulp dienen de voorschriften van de artikelen 31, 32 en 33 van de wet van 1 augustus 1985 nageleefd te worden.
Overwegende dat uit de debatten blijkt dat de dader thans regelmatig met kleine bedragen het bedrag afbetaalt waartoe hij door de rechtbank veroordeeld werd ten overstaan van huidige verzoeker;
Overwegende dat de Commissie derhalve niet kan tussenkomen ten aanzien van voormeld schadevergoedingsbedrag;
Overwegende dat verzoeker eveneens een vergoeding van 30.000 frank vraagt voor de schade voortvloeiend uit de tijdelijke werkonbekwaamheid en voor de esthetische schade;
Dat verzoeker ter zitting beide schadeposten definitief begroot heeft;
Dat de gevraagde vergoeding overeenstemt met de geleden schade.
OP DIE GRONDEN,
De Commissie,
Gelet op de artikelen 17 § 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken, de artikelen 31 tot 37 van de wet van 1 augustus 1985, zoals gewijzigd door de wetten van 17 en 18 februari 1997 en de artikelen 28 tot 34 van het K.B. van 18 december 1986,
Verklaart het verzoek ontvankelijk,
Kent de verzoeker een hulp toe van 30.000 frank.