Commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders: Beslissing van 17 Juni 2008 (België). RG M70971/5712
- Section :
- Jurisprudence
- Source :
- Justel N-20080617-17
- Numéro de rôle :
- M70971/5712
Résumé :
Samenvatting 1
Decision :
I. Feiten
"Op 28 maart 2007 omstreeks 13.45u werd door twee personen een gewapende overval gepleegd op een Delhaize filiaal te ....
...
Vermits het eigenaardige gedrag van beklaagden enkele winkelbedienden was opgevallen werden hun gangen in het oog gehouden en waren zij ook snel ter plaatse.
Eén van hen, het latere slachtoffer X. Salvatore is beklaagden gevolgd, ondanks hem dit door collega's was afgeraden en kon beklaagde ... overmeesteren.
Beklaagde Z. sprong hierop uit zijn voertuig en bedreigde het slachtoffer verschillende malen met zijn wapen om hem vervolgens van kort nabij zeer gericht in de heup te schieten." (vonnis d.d. 24 september 2007)
II. Vervolging
Bij vonnis van de Rechtbank van eerste aanleg te ... d.d. 24 september 2007 werd Gerry Z. veroordeeld tot een gevangenisstraf van vijf jaar wegens onder meer:
"Gepoogd te hebben, opzettelijk met het oogmerk om te doden, X. Salvatore te doden, het voornemen om deze misdaad te plegen zich geopenbaard hebbende door uitwendig daden die een begin van uitvoering van de misdaad uitmaken, en alleen tengevolge van omstandigheden, van de wil van de dader onafhankelijk, zijn gestaakt of hun uitwerking hebben gemist."
Op burgerlijk gebied werd hij veroordeeld om aan verzoeker een provisionele morele schadevergoeding van euro 4.000 en een provisionele materiële schadevergoeding van euro 1.000 te betalen. Tevens werd Dr. Werner Jacobs als gerechtsdeskundige aangesteld.
Dit vonnis verkreeg kracht van gewijsde.
III. Medische gevolgen
Verslag van Prof. Dr. Med. Werner Jacobs d.d. 17 augustus 2007:
"De genaamde Salvatore X., °../../1983, werd op 28/03/2007 slachtoffer van een schotverwonding na een gewapende overval op de AC Delhaize te .... Betrokkene werd geraakt door een projectiel met de ingangspoort ter hoogte van de linkerlies. Het projectiel doorboorde de blaas en bleef steken ter hoogte van het rechterheupgewricht.
Salvatore X. onderging een eigen heelkundige ingreep omwille van een blaasperforatie. Het projectiel thv de rechter heup werd niet verwijderd.
Betrokkene maakt heden nog melding van overvloedige klachten: abdominaal, urinair en orhopedisch.
Betrokkene is tot op heden nog volledig tijdelijk werkonbekwaam. Een zekere graad van blijvende arbeidsongeschiktheid lijkt onvermijdelijk. De grootheid hiervan kan echter op dit moment nog niet bepaald worden.
Voorbehoud voor een latere heelkundige ingreep (verwijderen kogel) moet bovendien gemaakt worden."
IV. Begroting van de schade door de verzoeker
Morele schadevergoeding (provisioneel) euro 4.000
Materiële schadevergoeding (provisioneel) euro 1.000
TOTAAL euro 5.000
V. Beoordeling door de Commissie
Het verzoekschrift aan de Commissie is regelmatig naar de vorm en het werd tijdig neergelegd. Aan de ontvankelijkheidsvoorwaarden werd voldaan.
De wetgeving betreffende de financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan de occasionele redders verleent aan de slachtoffers geen subjectief recht op "schadeloosstelling", maar wel op het eventueel bekomen van een "hulp", gesteund op het principe van de collectieve solidariteit. Uit de aard zelf van de hulp volgt dat de "volledige vergoeding" van het door de slachtoffers geleden nadeel niet wordt gewaarborgd. Bij het beoordelen van een hulp dienen de voorschriften van de artikelen 31, 31bis, 32, 33 en 33bis van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen nageleefd te worden.
Krachtens artikel 36, vierde alinea van de wet van 1 augustus 1985 wordt voor de medische kosten en de ziekenhuiskosten (de kosten bedoeld in artikel 32, §1, 2°) de dringendheid altijd verondersteld. Deze kosten worden door de verzoeker niet gevorderd.
Voor andere schadeposten dan medische kosten, zoals de morele schade en de materiële kosten, die voorkomen in de limitatieve lijst van artikel 32, § 1, van de wet van 1 augustus 1985, wordt de dringendheid niet verondersteld.
Voor de toekenning van een noodhulp is het nodig dat de verzoeker ten tengevolge van de hem overkomen feiten ernstig financieel nadeel dreigt te ondervinden, waardoor de eventuele toekenning van een (hoofd)hulp niet kan worden afgewacht (artikel 36, eerste lid, van de wet).
Uit de neergelegde stukken van het dossier blijkt niet dat aan deze laatste voorwaarde voldaan werd.
De Commissie wil de aandacht van de verzoeker vestigen op het feit dat deze schadeposten wel in aanmerking kunnen genomen worden in het kader van een eventuele aanvraag tot het bekomen van hoofdhulp. Dit uiteraard voor zover zij voorkomen in de limitatieve lijst van schadeposten, vermeld in artikel 32, § 1, van de wet.
OP DIE GRONDEN,
De Commissie,
Gelet op de artikelen 17 § 1, 39 tot 42 van de gecoördineerde wetten van 18 juli 1966 tot regeling van het taalgebruik in bestuurszaken, de artikelen 31 tot 37bis van de wet van 1 augustus 1985, zoals gewijzigd door de wetten van 26 maart 2003, 22 april 2003 en de programmawet van 27 december 2004 en de artikelen 28 tot 34 van het K.B. van 18 december 1986,
Verklaart het verzoek ontvankelijk, doch ongegrond.
Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare zitting en in de Nederlandse taal op 17 juni 2008.
De secretaris a.i., De voorzitter,
P. VERHOEVEN P. DE SMET