Grondwettelijk Hof (Arbitragehof): Arrest van 24 Juli 2009 (België). RG 132/2009

Date :
24-07-2009
Langue :
Français Néerlandais
Taille :
1 page
Section :
Jurisprudence
Source :
Justel N-20090724-5
Numéro de rôle :
132/2009

Résumé :

Het Hof, beperkte kamer, met eenparigheid van stemmen uitspraak doende, stelt vast dat het beroep tot vernietiging niet tot de bevoegdheid van het Hof behoort.

Arrêt :

Ajoutez le document à un dossier () pour commencer à l'annoter.

Het Grondwettelijk Hof, beperkte kamer,

samengesteld uit voorzitter M. Bossuyt en de rechters-verslaggevers T. Merckx-Van Goey en P. Martens, bijgestaan door de griffier P.-Y. Dutilleux,

wijst na beraad het volgende arrest :

I. Onderwerp van het beroep en rechtspleging

Bij verzoekschrift dat aan het Hof is toegezonden bij op 7 mei 2009 ter post aangetekende brief en ter griffie is ingekomen op 8 mei 2009, is beroep tot vernietiging ingesteld van de motie van het Waals Parlement van 14 januari 2009 « betreffende een belangenconflict naar aanleiding van het onderzoek door het Vlaams Parlement van het voorstel van decreet houdende interpretatie van de artikelen 44, 44bis en 62, § 1, 7°, 9° en 10°, van het Decreet Basisonderwijs van 25 februari 1997 » door Kris Van Dijck, wonende te 2480 Dessel, Biezenstraat 28, Geert Bourgeois, wonende te 8870 Izegem, Baronielaan 12, Mark Demesmaeker, wonende te 1500 Halle, Slachthuisstraat 3, de vzw « Nieuw-Vlaamse Alliantie », met zetel te 1210 Brussel, Liefdadigheidsstraat 39, en Frank Vandendael, wonende te 1970 Wezembeek-Oppem, Mechelsesteenweg 58.

Op 19 mei 2009 hebben de rechters-verslaggevers T. Merckx-Van Goey en P. Martens, met toepassing van artikel 71, eerste lid, van de bijzondere wet van 6 januari 1989, de voorzitter ervan in kennis gesteld dat zij ertoe zouden kunnen worden gebracht aan het Hof, zitting houdende in beperkte kamer, voor te stellen een arrest te wijzen waarin wordt vastgesteld dat het beroep tot vernietiging klaarblijkelijk niet tot de bevoegdheid van het Hof behoort.

(...)

II. In rechte

(...)

B.1. De verzoekende partijen vorderen de vernietiging van de « beslissing van het Waals Parlement, d.d. 14 januari 2009, geheten : ' Motie betreffende een belangenconflict naar aanleiding van het onderzoek door het Vlaams Parlement van het voorstel van decreet houdende interpretatie van de artikelen 44, 44bis en 62, § 1, 7°, 9° en 10°, van het Decreet Basisonderwijs van 25 februari 1997 ' ».

Die motie werd aangenomen naar aanleiding van een op 23 maart 2007 in het Vlaams Parlement ingediend voorstel van decreet houdende interpretatie van de artikelen 44, 44bis en 62, § 1, 7°, 9° en 10°, van het Decreet Basisonderwijs van 25 februari 1997.

In de bestreden motie vraagt het Waals Parlement dat « zodra het [belangenconflict] in werking is getreden, de procedure in verband met het voormelde voorstel van decreet in het Vlaams Parlement wordt geschorst, met het oog op overleg » (Parl. St., Waals Parlement, 2008-2009, nr. 908/1, p. 2).

B.2. De verzoekende partijen voeren de schending aan van de bevoegdheidverdelende regels, van de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, van het evenredigheidsbeginsel en van het verbod van rechtsmisbruik.

B.3.1. Het Hof vermag zich enkel uit te spreken over de schending van de bevoegdheidverdelende regels of van de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, als die schending aan een wetgevende norm kan worden toegeschreven.

Noch artikel 1 van de bijzondere wet van 6 januari 1989, noch enige grondwets- of wetsbepaling verleent het Hof de bevoegdheid om uitspraak te doen over een beroep tot vernietiging gericht tegen een door een wetgevende vergadering aangenomen motie, die geen wetgevende norm is.

B.3.2. Voor het overige past de bestreden motie in het kader van een procedure tot regeling van belangenconflicten, waarvoor het Hof krachtens artikel 142 van de Grondwet onbevoegd is.

B.4. Het beroep tot vernietiging behoort klaarblijkelijk niet tot de bevoegdheid van het Hof.

Om die redenen,

het Hof, beperkte kamer,

met eenparigheid van stemmen uitspraak doende,

stelt vast dat het beroep tot vernietiging niet tot de bevoegdheid van het Hof behoort.

Aldus uitgesproken in het Nederlands, het Frans en het Duits, overeenkomstig artikel 65 van de bijzondere wet van 6 januari 1989, op de openbare terechtzitting van 24 juli 2009.

De griffier,

P.-Y. Dutilleux.

De voorzitter,

M. Bossuyt.