Hof van Cassatie: Arrest van 29 Oktober 2003 (België). RG P031401F
- Section :
- Jurisprudence
- Source :
- Justel N-20031029-8
- Numéro de rôle :
- P031401F
Résumé :
Elke rechter kan worden gewraakt als er gewettigde verdenking bestaat; dat is het geval wanneer de voorzitter van het hof van assisen bewoordingen heeft gebruikt die bij verzoeker, bij de partijen en bij derden gewettigde verdenking kunnen wekken aangaande de geschiktheid van die magistraat om op onpartijdige en onafhankelijke wijze uitspraak te doen (1). (1) Zie Cass., 23 juli 2002, AR P.02.1083.F, nr ...
Arrêt :
Ajoutez le document à un dossier
()
pour commencer à l'annoter.
Nr. P.03.1401.F.-
R T,
Mrs. Julien Pierre en Samuel D'Orazio, advocaten bij de balie te Luik.
inzake
PROCUREUR GENERAAL BIJ HET HOF VAN BEROEP TE LUIK
en
1. J. T.,
2. C. C.,
3. J. H.-H.,
4. C. A.,
burgerlijke partijen,
tegen
1. C. D., e.a.,
beschuldigden.
I. Vordering
Het verzoek tot wraking, waarvan een eensluidend verklaard afschrift aan dit arrest is gehecht, is neergelegd op de griffie van de Rechtbank van Eerste Aanleg te Luik op 28 oktober 2003.
De magistraat wiens wraking gevorderd wordt, heeft op 28 oktober 2003 de bij artikel 836, tweede lid, van het Gerechtelijk Wetboek, voorgeschreven verklaring gedaan, luidens welke hij weigert zich van de zaak te onthouden.
II. Rechtspleging voor het Hof
Afdelingsvoorzitter Marc Lahousse heeft verslag uitgebracht.
Advocaat generaal Raymond Loop heeft geconcludeerd.
Meesters Julien Pierre en Samuel D'Orazio hebben conclusies en een dossier met stukken neergelegd.
III. Beslissing van het Hof
Overwegende dat, krachtens artikel 828, 1°, van het Gerechtelijk Wetboek, van het Gerechtelijk Wetboek, iedere rechter kan worden gewraakt wegens gewettigde verdenking ;
Overwegende dat verzoeker enerzijds voorhoudt dat de voorzitter van het hof van assisen H.-P. G., op de terechtzitting van 27 oktober 2003, heeft laten verstaan dat verzoeker, net als andere beschuldigden, op zijn beurt kon zijn getroffen door een ziekte die het goede verloop van het proces in het gedrang kon brengen ;
Dat hij anderzijds erop wijst dat meester Jean-Philippe Mayence, raadsman van een andere beschuldigde, ten gevolge van die tussenkomst een serener verloop van het debat had gevraagd en dat de voorzitter van het hof van assisen hem heeft gelast te zwijgen in de volgende bewoordingen : "ga zitten... ga zitten...
ga zitten, buiten... buiten, meester Mayence... hou ermee op de aap uit te hangen" ;
Overwegende dat uit de door verzoeker neergelegde stukken blijkt dat voorzitter G. die woorden daadwerkelijk heeft geuit, wat laatstgenoemde niet ontkent, ook al verklaart hij dat deze zijn onpartijdigheid niet aantasten ;
Overwegende dat die feiten bij verzoeker, partijen en derden gewettigde verdenking kunnen wekken aangaande de geschiktheid van die magistraat om op onafhankelijke en onpartijdige wijze uitspraak te doen ;
Dat het verzoek gegrond is ;
OM DIE REDENEN,
HET HOF
Beveelt dat voorzitter van het hof van assisen H.-P. G. zich zal onthouden van kennisname van de zaak die het voorwerp uitmaakt van de op 17 oktober 2003 geopende zitting van het Hof van Assisen van de provincie Luik ;
Wijst, op verzoek van de griffier, gerechtsdeurwaarder Philippe Schepkens, Dautzenbergstraat 21, te Elsene aan, om het arrest binnen de achtenveertig uren aan de partijen en aan H.-P. G. te betekenen ;
Gelet op artikel 841, tweede lid, van het Gerechtelijk Wetboek, veroordeelt H.-P. G. in de kosten.
Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, tweede kamer, te Brussel, door afdelingsvoorzitter Marc Lahousse, de raadsheren Christian Storck, Jean de Codt, Paul Maffei en Daniel Plas, en in openbare terechtzitting van negenentwintig oktober tweeduizend en drie uitgesproken door afdelingsvoorzitter Marc Lahousse, in aanwezigheid van advocaat-generaal Raymond Loop, met bijstand van griffier Jacqueline Pigeolet.
Vertaling opgemaakt onder toezicht van eerste voorzitter Marc Lahousse en overgeschreven met assistentie van eerstaanwezend adjunct-griffier Paul Van den Abbeel.
De eerstaanwezend adjunct-griffier, De eerste voorzitter,
R T,
Mrs. Julien Pierre en Samuel D'Orazio, advocaten bij de balie te Luik.
inzake
PROCUREUR GENERAAL BIJ HET HOF VAN BEROEP TE LUIK
en
1. J. T.,
2. C. C.,
3. J. H.-H.,
4. C. A.,
burgerlijke partijen,
tegen
1. C. D., e.a.,
beschuldigden.
I. Vordering
Het verzoek tot wraking, waarvan een eensluidend verklaard afschrift aan dit arrest is gehecht, is neergelegd op de griffie van de Rechtbank van Eerste Aanleg te Luik op 28 oktober 2003.
De magistraat wiens wraking gevorderd wordt, heeft op 28 oktober 2003 de bij artikel 836, tweede lid, van het Gerechtelijk Wetboek, voorgeschreven verklaring gedaan, luidens welke hij weigert zich van de zaak te onthouden.
II. Rechtspleging voor het Hof
Afdelingsvoorzitter Marc Lahousse heeft verslag uitgebracht.
Advocaat generaal Raymond Loop heeft geconcludeerd.
Meesters Julien Pierre en Samuel D'Orazio hebben conclusies en een dossier met stukken neergelegd.
III. Beslissing van het Hof
Overwegende dat, krachtens artikel 828, 1°, van het Gerechtelijk Wetboek, van het Gerechtelijk Wetboek, iedere rechter kan worden gewraakt wegens gewettigde verdenking ;
Overwegende dat verzoeker enerzijds voorhoudt dat de voorzitter van het hof van assisen H.-P. G., op de terechtzitting van 27 oktober 2003, heeft laten verstaan dat verzoeker, net als andere beschuldigden, op zijn beurt kon zijn getroffen door een ziekte die het goede verloop van het proces in het gedrang kon brengen ;
Dat hij anderzijds erop wijst dat meester Jean-Philippe Mayence, raadsman van een andere beschuldigde, ten gevolge van die tussenkomst een serener verloop van het debat had gevraagd en dat de voorzitter van het hof van assisen hem heeft gelast te zwijgen in de volgende bewoordingen : "ga zitten... ga zitten...
ga zitten, buiten... buiten, meester Mayence... hou ermee op de aap uit te hangen" ;
Overwegende dat uit de door verzoeker neergelegde stukken blijkt dat voorzitter G. die woorden daadwerkelijk heeft geuit, wat laatstgenoemde niet ontkent, ook al verklaart hij dat deze zijn onpartijdigheid niet aantasten ;
Overwegende dat die feiten bij verzoeker, partijen en derden gewettigde verdenking kunnen wekken aangaande de geschiktheid van die magistraat om op onafhankelijke en onpartijdige wijze uitspraak te doen ;
Dat het verzoek gegrond is ;
OM DIE REDENEN,
HET HOF
Beveelt dat voorzitter van het hof van assisen H.-P. G. zich zal onthouden van kennisname van de zaak die het voorwerp uitmaakt van de op 17 oktober 2003 geopende zitting van het Hof van Assisen van de provincie Luik ;
Wijst, op verzoek van de griffier, gerechtsdeurwaarder Philippe Schepkens, Dautzenbergstraat 21, te Elsene aan, om het arrest binnen de achtenveertig uren aan de partijen en aan H.-P. G. te betekenen ;
Gelet op artikel 841, tweede lid, van het Gerechtelijk Wetboek, veroordeelt H.-P. G. in de kosten.
Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, tweede kamer, te Brussel, door afdelingsvoorzitter Marc Lahousse, de raadsheren Christian Storck, Jean de Codt, Paul Maffei en Daniel Plas, en in openbare terechtzitting van negenentwintig oktober tweeduizend en drie uitgesproken door afdelingsvoorzitter Marc Lahousse, in aanwezigheid van advocaat-generaal Raymond Loop, met bijstand van griffier Jacqueline Pigeolet.
Vertaling opgemaakt onder toezicht van eerste voorzitter Marc Lahousse en overgeschreven met assistentie van eerstaanwezend adjunct-griffier Paul Van den Abbeel.
De eerstaanwezend adjunct-griffier, De eerste voorzitter,