Arbeidshof: Arrest van 24 Oktober 1977 (Bergen (Bergen)). RG 74/181

Date :
24-10-1977
Langue :
Néerlandais
Taille :
1 page
Section :
Jurisprudence
Source :
Justel N-19771024-7
Numéro de rôle :
74/181

Résumé :

Artikel 36, alinéa 1, lid 1, van de wet van 10 april 1971 beschouwt 2 onderstellingen : die van een onvolledige verwijzingsperiode en die van een loon dat lager ligt dan normaal. Hieruit vloeit voort dat de gelijkstelling van de onvolledige verwijzingsperiode zonder voorwaarde is, terwijl, om te genieten van een aanvulling van hypotetisch loon bij een onvoldoende loon dit laatste moet te wijten zijn aan toevallige omstandigheden. In de eerste onderstelling moet en volstaat bijgevolg dat de werknemer zich tijdens de ontbrekende dagen ten einde de verwijzingsperiode volledig aan te vullen, in de zin van artikel 34, lid 2, van de wet, niet bevond in een periode van regelmatige rust, d.w.z. tijdens de perioden tijdens welke hij krachtens zijn overeenkomst vrijgesteld is van prestatie. Alle dagen tijdens welke de werknemer prestaties kan leveren in de onderneming omdat deze laatste open is, moeten aldus worden in acht genomen en geven desgevallend aanleiding tot berekening van een hypotetisch loon.

Arrêt :

La version intégrale et consolidée de ce texte n'est pas disponible.