Het kontrakt dat de elektriciteitsmaatschappij verbindt met haar abonnementen is van synallagmatische aard. De verdelingsmaatschappij heeft t.a.v. een duidelijke nalatigheid van de klant ontegensprekelijk het recht de levering stop te zetten krachtens de regel van gemeenrecht van de niet-uitvoeringsexceptie. Bij de betaling via een overschijvingsopdracht bestaat er altijd een termijn van verscheidene dagen tijdens dewelke de schuldeiser onwetend is over het verloop van de operatie, zodat, ongeacht de dag gekozen voor de stroomontzegging, het steeds mogelijk is dat de betaalopdracht al werd gegeven zonder dat zulks in de rekeningen van de accipiens na te trekken is. Dergelijke gang van zaken wijst geenszins op wanordelijke organizatie bij de verdelingsmaatschappij. Het behoort de schuldenaar toe, wetende dat hij met een stroomontzegging bedreigd is, om gedurende het tijdsverloop binnen hetwelk de schuldeiser van de betaling niet is in kennis gesteld zoniet een bewijs dan toch overtuigende gegevens te verzamelen van aard om nat te kunnen zien dat hij wel degelijk de betaalopdracht gaf.
La version intégrale et consolidée de ce texte n'est pas disponible.
Déjà enregistré ? Connectez-vous maintenant