Hof van Justitie van de EU: Arrest van 16 Juni 1981 (Europa). RG 2988

Date :
16-06-1981
Langue :
Français Néerlandais
Taille :
1 page
Section :
Jurisprudence
Source :
Justel N-19810616-5
Numéro de rôle :
2988

Résumé :

Het begrip "stuk dat het geding inleidt" in artikel 27, sub 2, van het Verdrag van 27 september 1968 betreffende de rechterlijke bevoegdheid en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken, heeft mede betrekking op een stuk, zoals het Duitse bevel tot betaling (Zahlungsbefehl), waarvan de betekening de verzoeker naar het recht van het gerecht van herkomst in staat stelt, bij niet verschijnen van de verweerder een beslissing te verkrijgen die volgens de bepalingen van het Executieverdrag kan worden erkend en tenuitvoergelegd. Een beslissing, zoals het Duitse bevel tot tenuitvoerlegging (Vollstreckungsbefehl), die na de betekening van het bevel tot betaling wordt gegeven en volgens het Excutieverdrag uitvoerbaar is, valt niet onder het begrip "stuk dat het geding inleidt". Artikel 27, sub 2, verlangt niet het bewijs dat de verweerder daadwerkelijk kennis heeft gekregen van het stuk dat het geding inleidt. In de regel kan de aangezochte rechter zijn onderzoek beperken tot de vraag of de termijn vanaf de dag waarop de betekening of mededeling regelmatig is geschied, de verweerder voldoende tijd heeft gelaten voor zijn verdediging. hij dient evenwel na te gaan of er, in het concrete geval, uitzonderlijke omstandigheden zijn die tot de conclusie kunnen leiden dat de betekening of mededeling, ofschoon regelmatig geschied, toch onvoldoende is geweest om die termijn te doen aanvangen.

Arrêt :

La version intégrale et consolidée de ce texte n'est pas disponible.