Nous sommes très heureux de voir que vous aimez notre plateforme ! En même temps, vous avez atteint la limite d'utilisation... Inscrivez-vous maintenant pour continuer.

Koninklijk besluit betreffende het opzetten en de exploitatie van DCS-1800-mobilofonienetten. -

Date :
24-10-1997
Langue :
Français Néerlandais
Taille :
17 pages
Section :
Législation
Source :
Numac 1997014245

Texte original :

Ajoutez le document à un dossier () pour commencer à l'annoter.
Hoofdstuk 1. Lastenboek voor DCS1800operator

Sectie 1. Terminologie en definities

Artikel 1Voor de toepassing van dit besluit, wordt verstaan onder :
  1° Minister : de Minister of Staatseccretaris die de telecommunicatie onder zijn bevoegdheid heeft;
  2° Instituut : het Belgisch Instituut voor postdiensten en telecommunicatie, afgekort "BIPT", bedoeld in artikel 71 van de wet van 21 maart 1991 betreffende de hervorming van sommige economische overheidsbedrijven;
  3° mobilofonienet : door een operator opgezet geheel van schakelaars, controletoestellen ("controllers") en basisstations die nodig zijn om een mobilofonie-dienst aan te bieden;
  4° basisstation : radio-elektrisch station van een mobilofonienet bestemd om een gegeven geografische zone te bedekken;
  5° CEPT : "Conférence Européenne des Administrations des Postes et Télécommunications" (Europese Conferentie van Post en Telecommunicatie Administraties);
  6° ETSI : "European Telecommunications Standards Institute" (Europees Instituut voor telecommunicatienormen);
  7° GSM : "Global System for Mobile communications", paneuropees digitaal openbaar systeem voor radiocommunicatie in de 900 MHz-frequentieband, genormaliseerd door het ETSI, vaak GSM900 genoemd;
  8° DCS-1800 : "Digital Cellular System", variant van het GSM-systeem dat in de 1800 MHz-frequentieband werkt en genormaliseerd is door het ETSI;
  9° protocol bij de overeenkomst ("Memorandum of Understanding") : protocol bij de overeenkomst die op 7 september 1987 werd gesloten tussen operatoren van de lidstaten van de CEPT in verband met het opzetten van een paneuropees digitaal systeem voor openbare radiocommunicatie dat in de 900 MHz-band werkt, alsmede de latere toevoegingen aan de overeenkomst, inzonderheid deze betreffende het DCS-1800-systeem;
  10° ITU-T : sector voor de normalisatie van de telecommunicatie van de Internationale Telecommunicatie-Unie, voorheen de CCITT ("Comité Consultatif International Télégraphique et Téléphonique" - Internationaal Raadgevend Comité voor Telegrafie en Telefonie);
  11° ITU-R : sector van de radioverbindingen van de Internationale Telecommunicatie-Unie, voorheen de CCIR ("Comité Consultatif International des Radiocommunications" - Internationaal Raadgevend Comité voor Radioverbindingen);
  12° mobilofonieoperator : houder van een vergunning die bedoeld is om een mobilofonienet en een mobilofoniedienst in België op te zetten en te exploiteren;
  13° operator GSM1 : naamloze vennootschap [1 Proximus]1 MOBILE welke het eerste GSM-net op 900 MHz in België exploiteert onder de handelsnaam PROXIMUS;
  14° operator GSM2 : naamloze vennootschap MOBISTAR welke het tweede GSM-net op 900 MHz in België exploiteert;
  15° DCS-1800-operator : operator gemachtigd uit hoofde van dit besluit een mobilofonienet volgens de DCS-1800-norm op te zetten en uit te baten;
  16° service provider : maatschappij die met een mobilofonie-operator een contract heeft gesloten voor de verkoop van diensten die gebruik maken van het net van deze operator;
  17° dienstabonnees : klanten die een abonnement hebben genomen op de dienst van een mobilofonie-operator of van een service provider waarmee deze operator een contract heeft gesloten;
  18° reizende gebruikers : klanten, andere dan de dienstabonnees, die geabonneerd zijn op mobilofonienetten die door andere operatoren, in België of in het buitenland, worden geëxploiteerd en die zich hebben aangesloten bij het protocol bij de overeenkomst, die voorzien zijn van compatibele eindtoestellen en die het netwerk van deze operator wensen te gebruiken;
  19° "roaming" : gebruiksmogelijkheid welke aan de abonnees van een mobilofonieoperator wordt geboden om het net van een andere operator te gebruiken;
  20° lastenboek : geheel van voorwaarden met betrekking tot het opzetten en de exploitatie van een mobilofonienet volgens de DCS-1800-norm dat het voorwerp uitmaakt van hoofdstuk I van dit koninklijk besluit;
  21° vergunning : vergunning om in België een mobilofonienet en een mobilofoniedienst op te zetten en te exploiteren overeenkomstig de voorwaarden van dit besluit en eventueel aangevuld met bijkomende voorwaarden;
  22° PSTN ("Public Switched Telephone network") : openbaar geschakeld telefoonnet;
  23° ISDN ("Integrated Services Digital Network") : digitaal netwerk met integratie van diensten;
  24° BEMILCOM : nationaal vast netwerk met straalverbindingen, opgezet door het Ministerie van Landsverdediging welk ook telecommunicatiediensten levert aan het Ministerie van Binnenlandse Zaken;
  25° piekuur : klokuur waarin het volume van het verkeer dat via het netwerk van de operator moet worden getransporteerd het grootst is;
  26° blokkeringskans van de oproepen ("call blocking") : waarschijnlijkheid dat een oproep tijdens het piekuur niet terechtkomt;
  27° verbrekingskans van de oproepen ("call drop") : waarschijnlijkheid dat een verbinding voortijdig wordt afgebroken; onder afbreking moet worden verstaan elke verslechtering van de verbinding waardoor de verbinding onmogelijk wordt voor een periode van meer dan tien seconden, met uitsluiting van de onderbrekingen die het gevolg zijn van de verplaatsing van een mobiel station buiten de dienstzone van het netwerk van de operator;
  28° frequentieplan : lijst van alle basisstations van een mobilofonienet met de gebruikte frequenties, het maximale schijnbaar uitgestraalde vermogen, het stralingsdiagram van de antenne en de antennehoogte gemeten vanop de grond;
  29° interconnectie : geheel van fysische en logische verbindingen tussen twee telecommunicatienetten welk de gebruikers van het ene net in staat stelt te communiceren met de gebruikers van het andere net of gebruik te maken van diensten aangeboden op het andere net;
  30° NIS : Nationaal Instituut voor de Statistiek;
  31° DECT : "Digital Enhanced Cordless Telecommunications", paneuropees systeem voor draadloze communicatie;
  32°interconnectieoperator : elke behoorlijk gemachtigde operator van een telecommunicatienetwerk waarmee een operator van een mobilofonienet zijn net, rechtstreeks of onrechtstreeks, verbindt;
  33° huurlijnenoperator : elke behoorlijk gemachtigde operator die de huurlijnendienst aanbiedt.

Sectie 2. Doel van de dienst en reikwijdte van de vergunning

Artikel 2 § 1. De vergunning die op basis van dit besluit wordt verleend, dekt het opzetten en de exploitatie van een mobilofonienet en een mobilofoniedienst in België dat werkt op basis van de Europese norm voor digitale openbare radioverbinding DCS-1800, in de 1800 MHz-band.
  § 2. Het netwerk van de DCS-1800-operator moet het mogelijk maken, vanuit of naar mobiele eindstations, de volgende verbindingen tot stand te brengen :
  a) met elke abonnee van het PSTN- of het ISDN-net, in België of in het buitenland;
  b) met elke abonnee op een ander mobilofonienet, in België of in het buitenland;
  c) tussen abonnees van het netwerk van de DCS-1800-operator.
  Die verschillende mogelijkheden mogen geen afbreuk doen aan eventuele beperkingen van de toegang die op aanvraag van de gebruikers, in een van de betrokken netten van toepassing zijn.
  § 3. De DCS-1800-operator stelt alles in het werk om de verschillende bijkomende diensten aan te bieden die in de DCS-1800-norm van het ETSI zijn opgenomen.

Artikel 3§ 1. De vergunning is persoonlijk en onoverdraagbaar. Het Instituut wordt ten minste een maand van tevoren in kennis gesteld van elke wijziging in de structuur van of de controle op het kapitaal van de DCS-1800-operator. Het Instituut deelt de Minister de wijzigingen in kwestie mee.
  § 2. De vergunning die krachtens dit besluit wordt verleend, is geldig gedurende een periode van vijftien jaar, te rekenen vanaf de datum waarop die vergunning is uitgereikt.
  [2 Na het verstrijken van die eerste periode van vijftien jaar wordt de vergunning stilzwijgend verlengd voor een periode van vijf jaar.
   Na afloop van de periode van verlenging van vijf jaar, wordt de vergunning stilzwijgend verlengd tot 15 maart 2021.]2

Sectie 3. Kwaliteit en beschikbaarheid van de dienst

Artikel 4 § 1. De dienst die de DCS-1800-operator aanbiedt, moet op zijn minst beantwoorden aan de volgende voorwaarden :
  1° blokkeringskans van de oproepen : ten hoogste 5 %;
  2° verbrekingskans van de oproepen : ten hoogste 2 %;
  3° luisterkwaliteit ten minste conform de ETSI-norm;
  4° het automatische doorsturen van oproepen ("hand-over") tussen alle aangrenzende cellen in het netwerk.
  Het doel inzake kwaliteit voor de blokkeringskans van de oproepen moet zowel voor het binnenkomende als voor het uitgaande verkeer worden bereikt.
  De praktische methoden en de precieze procedures met betrekking tot de meting van die kwaliteitsparameters worden door het Instituut vastgelegd in overleg met de DCS-1800-operator.
  § 2. De DCS-1800-operator past op verzoek van het Instituut de transmissietechniek per halfdebietcodecs toe zoals gedefinieerd door het ETSI. Deze verplichting wordt op een redelijke en niet-discriminatoire wijze door het Instituut opgelegd.
  § 3. De dienst is alle dagen van het jaar, 24 uur op 24 beschikbaar, met inbegrip van de dienst voor inlichtingen en voor bijstand aan de abonnees. De DCS-1800-operator treft alle nodige maatregelen om storingen in zijn netwerk binnen een tijdsduur van niet meer dan zes uren op te heffen. Deze termijn wordt verlengd tot twaalf uur voor de nachtelijke periodes en voor de weekends.
  § 4. De dienstvoorwaarden zijn identiek voor gebruikers die zich in gelijkaardige omstandigheden bevinden, en dat voor wat betreft :
  1° de tarieven en eventuele kortingen;
  2° de nadere regels inzake aansluiting;
  3° het onderhoud;
  4° de kwaliteit, de beschikbaarheid en de betrouwbaarheid van de dienst.
  De DCS-1800-operator mag, overeenkomstig de van kracht zijnde wettelijke en reglementaire bepalingen, de toegang tot de dienst niet weigeren, noch schorsen, behalve in geval van fraude of wanneer blijkt of vermoed wordt dat de abonnee niet betaalt, of op grond van de volgende essentiële vereisten :
  1° de werkzekerheid van het netwerk;
  2° de handhaving van de integriteit van het netwerk;
  3° de interoperabiliteit van de diensten en van de netten in gerechtvaardigde gevallen;
  4° de bescherming van de overgebrachte gegevens in gerechtvaardigde gevallen.

Artikel 5 De DCS-1800-operator sluit zich aan bij het protocol bij de overeenkomst en stelt alles in het werk om de nodige overeenkomsten te sluiten met andere operatoren van mobilofonienetten in het buitenland om internationale roaming mogelijk te maken.

Sectie 4. Radioelektrische aspecten

Artikel 6 § 1. De mobilofoniedienst van de DCS-1800-operator moet commercieel worden geopend binnen een termijn van ten hoogste een jaar te rekenen vanaf de in artikel 34, § 3, vermelde dag van notificatie van de vergunning door de Minister.
  § 2. De ontplooiing door de DCS-1800-operator van zijn netwerk moet, te rekenen vanaf de datum van notificatie van de vergunning door de Minister, beantwoorden aan de dekkingsgraden die voor de verschillende tijdstippen werden vastgelegd in de tabel van deze paragraaf : de vermelde percentages komen overeen met de delen van het oppervlak van het grondgebied en van de bevolking die in België bediend moeten worden. Op elk van de in de tabel vastgelegde tijdstippen moet elk van beide doel-stellingen inzake dekking bereikt zijn.
  De dekking van de bevolking wordt door het Instituut bepaald op grond van de demografische spreiding van de bevolking, die wordt bepaald door de onderverdeling van België in statistische sectoren door het NIS, welke rekening houdt met de residentiële bevolking.

  
Termijn Grondgebied Bevolking
1 jaar 40 % 80 %
2 jaar 50 % 85 %
3 jaar 55 % 88 %
4 jaar 60 % 90 %


  § 3. Deze dekkingsdoelstellingen zijn bepaald voor het gebruik door een voetganger die zich buiten een gebouw bevindt, van een draagbaar toestel met een vermogen van 1 W zoals door het ETSI wordt gespecifieerd.
  Tijdens de dekkingscontroles zal een gegeven gebied door het Instituut als gedekt worden beschouwd als ten minste 95 % van de uitgevoerde metingen een ontvangen vermogen groter dan -92 dBm (decibel in verhouding tot een milliWatt) en een voldoende transmissiekwaliteit aantonen.
  § 4. Alle autowegen, dit wil zeggen de verkeersaders met de letters E, A en R, moeten volledig gedekt zijn voor draagbare posten met een vermogen van 1 W verbonden met een uitwendige antenne gemonteerd op het dak van een wagen in de toerismeklasse, binnen een termijn van twee jaar die begint te lopen vanaf de datum waarop de vergunning wordt uitgereikt.
  § 5. Afwijkingen kunnen, op voorstel van het Instituut, door de Minister worden toegestaan in geval van overmacht.
  § 6. Wat de bediening van wegtunnels betreft, stelt de DCS-1800-operator alles in het werk om een overeenkomst af te sluiten met de operatoren GSM1 en/of GSM2 in de gevallen dat deze reeds de vereiste infrastructuur geïnstalleerd heeft/hebben om de mobilofoondienst in de wegtunnels door te zenden.
  Elk geschil rond dat type van overeenkomst wordt aan het Instituut voorgelegd overeenkomstig de bepalingen van artikel 75, § 8, van de wet van 21 maart 1991 betreffende de hervorming van sommige economische overheidsbedrijven.

Artikel 7 Het systeem dat door de DCS-1800-operator wordt toegepast, moet conform de relevante normen van het ETSI zijn.
  (Lid 2 en 3 opgeheven) <KB 2000-10-27/44, Art. 20, 002; En vigueur : 28-11-2000>

Artikel 8§ 1. Het radio-elektrisch net moet worden geïnstalleerd in de frequentiebanden van 1710 - 1785 MHz en 1805 - 1880 MHz, gescheiden met een duplexafstand van 95 MHz.
  De hoge band is voorbehouden voor het uitzenden door basisstations en de lage band voor het uitzenden door mobiele posten.
  De radio-elektrische kanalen liggen telkens 200 kHz uiteen.
  § 2. [3 Het Instituut kan aan de DCS-1800-operator tot 124 radio-elektrische kanalen toewijzen in de banden 1710-1785 en 1805-1880 MHz.]3
  [3 ...]3
  [4 § 2bis. [5 Tussen 27 november 2015 en 15 maart 2021 is de hoeveelheid spectrum die wordt toegewezen aan de DCS-1800-operator in de 1710-1785 MHz- en de 1805-1880 MHz-banden, in afwijking van het bepaalde in paragraaf 2, gelijk aan het dubbele van de hoeveelheid spectrum toegewezen in de 880-915 MHz- en 925-960 MHz-banden, afgerond tot het hogere veelvoud van 5 MHz.]5]4
  § 3. Alle aan de DCS-1800-operator toegewezen kanalen zijn over het gehele nationale grondgebied beschikbaar onder voorbehoud van verplichtingen als gevolg van grensoverschrijdende coördinatie in het kader van internationale, door het Instituut afgesloten akkoorden.
  Deze verplichtingen kunnen op eenvoudige schriftelijke vraag bij het Instituut worden verkregen. Elk voornemen van de DCS-1800-operator een frequentie te gebruiken waarbij de betrokken internationale overeenkomsten die België heeft afgesloten, niet worden nageleefd, wordt verplicht, voor de ingebruikname van de betrokken frequenties, aan het Instituut voorgelegd met het oog op een eventuele coördinatie met de Administraties van de buurlanden.
  De toewijzing van een frequentie aan de DCS-1800-operator vervalt automatisch wanneer ze niet in gebruik werd genomen binnen een termijn van drie jaar te rekenen vanaf het akkoord van het Instituut.
  De DCS-1800-operator deelt aan het Instituut, op diens aanvraag, het volledige frequentieplan van zijn netwerk mee.
  § 4. Elk geschil in verband met eventuele compatibiliteitsproblemen tussen de gebruikte frequenties van de verschillende DCS-1800-netten wordt aan het Instituut voorgelegd overeenkomstig de bepalingen van artikel 75, § 8, van de wet van 21 maart 1991 betreffende de hervorming van sommige overheidsbedrijven.
  § 5. Op verzoek van het Instituut neemt het Ministerie van Landsverdediging alle nodige maatregelen om de frequenties nodig voor het inwerkingstellen van DCS-1800-mobilofonienetten, vrij te maken. Het vrijmaken van de frequenties gebeurt binnen een termijn die niet langer is dan een jaar te rekenen vanaf het verzoek van het Instituut.
  Voor de frequentiebanden aangehaald in de eerste alinea van § 2 van dit artikel gaat de termijn van een jaar automatisch in op de datum waarop dit besluit in werking treedt.
  De DCS-1800-operator stelt het Ministerie van Landsverdediging schadeloos voor de opgelopen kosten door een bijzonder bestanddeel te vereffenen in het eerste recht voor de beschikbaarstelling van de frequenties overeenkomstig de bepalingen van artikel 16, § 2.
  Voor de berekening van dit bijzonder bestanddeel deelt de Minister van Landsverdediging aan de Minister de kosten mee die veroorzaakt zijn door de reorganisatie van zijn radiocommunicatie-uitrustingen van het BEMILCOM-net dat in de betrokken frequentieband werkt. Te dien einde stelt de Minister van Landsverdediging een gedetailleerd verslag op dat het gevorderde bedrag met redenen omkleedt : het Instituut onderzoekt dit verslag en bepaalt de gegrondheid van het gevorderde bedrag waarbij de Minister van Landsverdediging elke bijkomende inlichting verstrekt nuttig voor een volledige en objectieve beoordeling ervan.
  De Minister van Landsverdediging kan in zijn terugbetalingsaanvraag bestemd voor de eerste DCS-1800-operator de kosten voor de reeds vroeger aanvaarde reorganisatie van het BEMILCOM-net voor het vrijmaken van de frequenties noodzakelijk voor het DECT-systeem insluiten. Deze kosten worden dan naar rato van de toegewezen bandbreedte aan de betrokken operator in rekening gebracht.
  § 6. Zodra de uitbreidingsbanden, d.i. 880 - 890 MHz & 925 935 MHz, van het GSM-systeem op 900 MHz beschikbaar zijn en gebruikt kunnen worden, kan de DCS-1800-operator vergund worden (vijftig) radio-elektrische kanalen in die banden te gebruiken. <KB 2005-02-02/40, Art. 2, 005; En vigueur : 20-03-2005>
  (De banden 885-887 MHz & 930-932 MHz kunnen pas vergund worden wanneer uit een technische studie uitgevoerd door het Instituut blijkt dat deze kanalen beschikbaar zijn.) <KB 2005-02-02/40, Art. 2, 005; En vigueur : 20-03-2005>
  Deze vergunning is onderworpen aan de voorwaarden van het eerste hoofdstuk van het koninklijk besluit van 7 maart 1995 betreffende het opzetten en de exploitatie van GSM-mobilofonienetwerken, (zoals gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 24 oktober 1997, 10 december 1997, 27 oktober 2000, de wet van 2 januari 2001 en het koninklijk besluit van 10 oktober 2002), met uitzondering van de artikelen 5, 7, §§ 1 en 4, 13, § 2, en 14. <KB 2005-02-02/40, Art. 2, 005; En vigueur : 20-03-2005>
  (§ 7. De DCS-1800-operator kan vergund worden vier kanalen te gebruiken in de banden 914-915 MHz & 959-960 MHz.
  Deze vergunning is onderworpen aan de voorwaarden van het eerste hoofdstuk van het koninklijk besluit van 7 maart 1995 betreffende het opzetten en de exploitatie van GSM-mobilofoonnetwerken, zoals gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 24 oktober 1997, 10 december 1997, 27 oktober 2000, de wet van 2 januari 2001 en het koninklijk besluit van 10 oktober 2002, met uitzondering van [4 de artikelen 5, 7, § 1, het derde en het vierde lid, 4 en 5]4 13, § 2, en 14.) <KB 2005-02-02/40, Art. 2, 005; En vigueur : 20-03-2005>
  [4 § 8.[6 Onverminderd artikel 7, § 1, vierde lid, 3°, van het koninklijk besluit van 7 maart 1995 betreffende het opzetten en de exploitatie van GSM-mobilofonienetten, tussen 27 november 2015 en 15 maart 2021 :
   1° wordt het aantal kanalen van de DCS-1800-operator in de frequentiebanden 880-915 MHz en 925-960 MHz beperkt tot 50, in afwijking van de paragrafen 6 en 7;
   2° het Instituut voert desgevallend een herschikking van de frequenties door.]6
   § 9. Het Instituut kan, na de betrokken partijen te hebben gehoord, de verdeling van de toegewezen kanalen wijzigen, zonder de hoeveelheid spectrum toegewezen aan elke operator te wijzigen, in objectief gerechtvaardigde gevallen, binnen redelijke termijnen en op proportionele wijze.]4

Artikel 9 (Opgeheven) <W 2001-01-02/30, Art. 11, 003; En vigueur : 03-01-2001>

Artikel 10 De DCS-1800-operator is als enige verantwoordelijk voor de goede werking van zijn net. Hij is verantwoordelijk voor eventuele radio-elektrische storingen tegenover andere gebruikers van het radio-elektrisch spectrum, die worden veroorzaakt door basisstations van zijn netwerk.
  In geval van storingen bedoeld in de voorgaande alinea, verleent het Instituut, op verzoek van de DCS-1800-operator, technische bijstand om het probleem op te lossen, voor zover de prestaties die aan het Instituut worden gevraagd, redelijk blijven.

Sectie 5. Aspecten in verband met de interconnectie

Artikel 11 § 1. Het Instituut kent aan de DCS-1800-operator op basis van zijn gerechtvaardigde, commerciële behoeften een gepaste capaciteit in het nationale nummeringsplan toe.
  De DCS-1800-operator krijgt aanvankelijk een toegangscode tot de dienst toegewezen die overeenkomt met een capaciteit van een miljoen nummers : deze toegangscode wordt aan de DCS-1800-operator medegedeeld na het afgeven van de vergunning.
  De DCS-1800-operator kwijt zich van het jaarlijks recht tegenover het Instituut dat overeenstemt met de nummeringscapaciteit die hem ter beschikking wordt gesteld, zelfs wanneer hij een beroep doet op service providers.
  De DCS-1800-operator beheert de hem toegekende nummeringscapaciteit op een efficiënte manier, in het bijzonder wanneer hij een beroep doet op service providers.
  § 2. (De procedure voor de toegang van de gebruikers tot de nooddiensten moet op dezelfde manier verlopen als vanuit het PSTN- of ISDN-net.) <KB 2007-02-02/32, Art. 6, 006; En vigueur : 23-02-2007>

Artikel 12§ 1. De DCS-1800-operator kan zijn DCS-1800-mobilofonienet, rechtstreeks of onrechtstreeks, op elk ander behoorlijk gemachtigd telecommunicatienet aansluiten, interconnectieoperator genoemd.
  Het geheel van de technische en commerciële interconnectievoorwaarden maakt het voorwerp uit van een interconnectieovereenkomst tussen de betrokken partijen. De DCS-1800-operator deelt aan het Instituut de interconnectieovereenkomsten mee die hij afsluit met elke andere telecommunicatieoperator. De onderhandelingen met betrekking tot het verwezenlijken van interconnectieakkoorden worden geregeld door het koninklijk besluit tot regeling van de termijnen en principes die van toepassing zijn op de commerciële onderhandelingen die worden gevoerd om interconnectieakkoorden te sluiten.
  § 2. De DCS-1800-operator kan de interconnectie verkrijgen tussen zijn DCS-1800-mobilofonienet en elk PSTN- of ISDN-net of elk vergund mobilofonienet in België, overeenkomstig de bepalingen van deze paragraaf.
  De DCS-1800-operator maakt elke behoefte inzake interconnectie ten minste zes maanden vóór de gewenste datum van indienstneming aan de interconnectieoperator bekend.
  De interconnectie met de schakelaars van de interconnectieoperatoren gebeurt overeenkomstig signalisatieprotocol nr. 7 van het CCITT, en aangevuld door het ETSI. (...). <KB 2000-10-27/44, Art. 20, 002; En vigueur : 28-11-2000>
  De interconnectieoperator licht zijn eigen abonnees volledig en duidelijk in over de commerciële toegangsvoorwaarden vanaf zijn eigen net tot het mobilofonienet van de DCS-1800-operator.
  § 3. De bepalingen van deze paragraaf zijn van toepassing op de operatoren bedoeld in het eerste lid van § 2 van dit artikel, die aangemerkt zijn als beschikkende over een aanmerkelijke macht op de markt.
  De DCS-1800-operator die om interconnectie verzoekt, kan vanwege de interconnectieoperator aan wie dit verzoek is gericht voldoening krijgen voor elke redelijke eis inzake de gevraagde capaciteit, de kwaliteit en de technische karakteristieken voor de interconnectie van zijn DCS-1800-mobilofonienet.
  De DCS-1800-operator kan naar gelang van zijn behoeften, de interconnectieoperator interconnectie vragen op de plaatsen welke vermeld zijn in de lijst opgesteld door het Instituut.
  Zodra het technisch mogelijk is, moeten de DCS-1800-operator en de interconnectieoperator wederzijds toegang verlenen tot hun dynamische gegevensbanken die automatisch het doorsturen van de oproepen behandelen, om het de andere partij mogelijk te maken zijn transmissieinfrastructuur en zijn interconnectiepunten te optimaliseren.
  De tarieven die door interconnectieoperatoren worden toegepast op hun eigen abonnees voor de toegang tot de verschillende mobilofonienetten vanaf hun eigen netten zijn niet discriminerend en gebaseerd op objectieve criteria.
  Wat de financiële vergoeding betreft voor de doorstroming van het verkeer tussen het mobilofonienet van de DCS-1800-operator naar het net van de interconnectieoperator, moeten de door deze laatste gevraagde interconnectielasten steunen op criteria die objectief en niet-discriminerend zijn en bepaald worden op basis van de kosten.
  § 4. Voor de interconnectie van het mobilofonienet van de DCS-1800-operator op zijn PSTN of zijn ISDN, past [1 Proximus]1 ten minste gelijke voorwaarden toe in gelijke omstandigheden, als die welke toegepast zijn voor de interconnectie van het GSM1-net uitgebaat door haar dochteronderneming [1 Proximus]1 MOBILE.
  De in het vorige lid bedoelde voorwaarden zijn de technische kwaliteit van de prestaties, de financiële voorwaarden en de termijnen waarbinnen deze prestaties ter beschikking worden gesteld, in die mate dat de noden van de DCS-1800-operator behoorlijk aan [1 Proximus]1 werden gemeld.
  [1 Proximus]1 levert de synchronisatie van het mobilofonienet van de DCS-1800-operator die om interconnectie verzocht.
  § 5. De interconnectielasten door de DCS-1800-operator aangerekend zullen op objectieve, doorzichtige en niet-discriminerende criteria moeten steunen en bepaald worden op grond van de kosten wanneer het Instituut verklaart dat de operator een aanmerkelijke macht op de markt heeft.
  § 6. Elk geschil betreffende de interconnectieovereenkomsten wordt aan het Instituut voorgelegd, overeenkomstig de bepalingen van artikel 75, § 8, van de wet van 21 maart 1991 betreffende de hervorming van sommige economische overheidsbedrijven.

Artikel 13 § 1. Elke huurlijnenoperator die aangemerkt wordt als beschikkende over een aanmerkelijke macht op de markt, is gehouden de operator de gevraagde transmissielijnen ter beschikking te stellen die de nodige technische karakteristieken bieden overeenkomstig de bepalingen van deze paragraaf.
  Binnen de drie maanden volgend op de toekenning van de vergunning stelt de DCS-1800-operator alles in het werk om de huurlijnenoperator de relevante planninggegevens over te zenden in verband met zijn transmissiebehoeften die hij verwacht te bestellen bij deze operator, volgens het formaat dat deze laatste voorstelt. De DCS-1800-operator en de huurlijnen-operator stellen in onderlinge samenspraak de planning en de voorwaarden op voor het ter beschikking stellen van de aan te sluiten sites van de DCS-1800-operator en het ter beschikking stellen van de bijhorende transmissielijnen. Die planning houdt rekening met de eisen inzake ontplooiing van de DCS-1800-operator en de omvang van de vraag welke de DCS-1800-operator aan de huurlijnenoperatoren richt.
  De huurlijnenoperator stelt de bestelde transmissielijnen ter beschikking van de DCS-1800-operator binnen een redelijke termijn van drie maanden, te rekenen vanaf de datum van bevestigde bestelling. Deze termijn moet worden nageleefd voor zover de sites van de DCS-1800-operator die moeten worden aangesloten op een redelijk in de tijd gespreide manier aan de huurlijnenoperator worden ter beschikking gesteld, volgens de nadere regels die in samenspraak tussen de DCS-1800-operator en de huurlijnenoperator zijn overeengekomen.
  § 2. De interfaces van de uitrusting die door de DCS-1800-operator wordt gebruikt en die aangesloten is op de transmissielijnen die door elke behoorlijk vergunde exploitant ter beschikking zijn gesteld, moeten door het Instituut zijn goedgekeurd en in perfecte staat van werking zijn.
  § 3. De terbeschikkingstelling van transmissielijnen aan de DCS-1800-operator door elke behoorlijk vergunde operator wordt tussen beide partijen geregeld in een overeenkomst, die aan het Instituut moet worden bezorgd.
  Alle geschillen betreffende de terbeschikkingstelling van transmissielijnen voor de aansluiting van de infrastructuur worden aan het Instituut voorgelegd, overeenkomstig de bepalingen van artikel 75, § 8, van de wet van 21 maart 1991 betreffende de hervorming van sommige economische overheidsbedrijven.
  § 4. De DCS-1800-operator die een deel van zijn transmissie-infrastructuur wenst te verwezenlijken door middel van eigen straalverbindingen, richt zijn vergunningsaanvragen aan het Instituut op basis van het koninklijk besluit van 15 oktober 1979 betreffende de private radioverbindingen.
  Binnen de beperkingen van het beschikbare radio-elektrische spectrum, wordt de DCS-1800-operator een specifieke frequentieband toegewezen met gepaste breedte, waarin hij ministeriële vergunningen kan krijgen voor het verwezenlijken van zijn straalverbindingen : de voorkeur gaat uit naar frequenties boven de 10 GHz.

Sectie 6. Commercialisering van de diensten

Artikel 14 § 1. De DCS-1800-operator mag contracten afsluiten met elke service provider, die bij het Instituut behoorlijk geregistreerd is. Alle geschillen omtrent die contracten worden aan het Instituut voorgelegd overeenkomstig de bepalingen van artikel 75, § 8, van de wet van 21 maart 1991 betreffende de hervorming van sommige economische overheidsbedrijven.
  Bij het afsluiten van de voormelde contracten, verbindt de DCS-1800-operator er zich toe dat zijn contractant de volgende voorwaarden naleeft :
  1° de gelijke toegang en behandeling van de gebruikers overeenkomstig artikel 4, § 4, van dit besluit;
  2° de globale eerbiediging van de tariefstructuur van de DCS-1800-operator;
  3° de verplichting het Instituut in te lichten over de tariefwijzigingen overeenkomstig § 2 van dit artikel;
  4° de naleving van de wettelijke bepalingen inzake de bescherming van de persoonlijke levenssfeer;
  5° de nodige samenwerking met de gerechtelijke overheden en de hulpdiensten overeenkomstig artikel 19, § 3, van dit besluit;
  6° de bepalingen met betrekking tot de contracten en de factuur van de abonnees overeenkomstig artikel 20, § 1, van dit besluit;
  7° het sluiten van een overeenkomst tussen die service providers en de ombudsdienst bedoeld in artikel 20, § 2, van dit besluit;
  8° de inlichtingen voor de gebruikers over bepaalde gevaren verbonden met het gebruik van een mobilofonie-eindtoestel overeenkomstig artikel 20, § 3, van dit besluit.
  De DCS-1800-operator zendt aan het Instituut de lijst van de service providers waarmee hij contracten heeft afgesloten : die contracten worden, op aanvraag, aan het Instituut meegedeeld.
  § 2. De DCS-1800-operator stelt de tarieven vast van de diensten die hij aan de dienstabonnees verstrekt.
  Voor de notificatie van de vergunning van artikel 34 van dit besluit, wordt tussen de operator en de Minister een overeenkomst gesloten betreffende de evolutie van de tarieven van de DCS-1800-operator. Die tariefovereenkomst is bestemd om de ontwikkeling in de loop van de tijd te meten van de tarieven die de DCS-1800-operator toepast en is gebaseerd op een indexformule die door het Instituut, in overleg met de DCS-1800-operator, wordt opgesteld en die de globale gemiddelde prijs weergeeft van de diensten die de DCS-1800-operator aanbiedt. De eventuele levering van eindapparaten aan abonnees valt buiten die prijsindexeringsformule van de operator.
  Elke aanpassing van de prijs van de diensten aangeboden door de DCS-1800-operator, wordt aan het Instituut meegedeeld binnen de maand volgend op het in voege treden van de betrokken aanpassing. Bij ontstentenis van bezwaren vanwege het Instituut, binnen een termijn van een maand te rekenen vanaf de mededeling van de betrokken tariefaanpassing, wordt deze als stilzwijgend aanvaard beschouwd.
  Het indexcijfer bedoeld in deze paragraaf, mag niet sneller stijgen dan het indexcijfer van de consumptieprijzen. De Minister kan op verzoek van de operator en op advies van het Instituut, eventuele afwijkingen van die regel toestaan.
  § 3. De tarieven worden door middel van een gratis blad ter kennis gebracht van het publiek. Bij elke bijwerking wordt een exemplaar van dat blad aan het Instituut overgezonden.
  § 4. De DCS-1800-operator kan in de universele telefoongidsen vermeldingen doen plaatsen van de abonnees van zijn dienst, die zich niet verzetten tegen die publicatie.

Sectie 7. Financiële lasten

Artikel 15§ 1. Het recht om een mobilofonienet tot stand te brengen en in België de mobilofoniedienst aan te bieden op basis van de DCS-1800-norm houdt de verplichting in, aan het Instituut een enig concessierecht te betalen waarvan het bedrag is vastgesteld op minstens acht miljard Belgische frank, en dat, binnen een maand, te rekenen vanaf de datum van notificatie van de vergunning overeenkomstig artikel 34, § 3, van dit besluit.
  § 2. [7 Voor de verlenging van de vergunningen zoals vermeld in artikel 3, § 2, tweede en derde lid, is de DCS1800-operator de enige heffing verschuldigd zoals bepaald in artikel 30 van de wet van 13 juni 2005 betreffende de elektronische communicatie voor het spectrum dat hen werd toegewezen in de banden 880-915 MHz et 925-960 MHz vermeld in artikel 8.]7

Artikel 16§ 1. Onverminderd de rechten die aan het Instituut dienen betaald voor het verwerven van nummeringscapaciteit in het nationaal nummeringsplan, is de DCS-1800-operator het Instituut jaarlijks de volgende retributies verschuldigd.
  Om de kosten te dekken van het beheer van de vergunning, met inbegrip van de daarbij horende kosten inzake controle, betaalt de DCS-1800-operator jaarlijks aan het Instituut een recht van 10 miljoen Belgische frank, genoemd "recht voor het beheer van de vergunning".
  De DCS-1800-operator kwijt zich van een jaarlijks recht van 1.000.000 Belgische frank per radio-elektrisch duplexkanaal [8 in dienst]8, ongeacht het aantal toewijzingen die dat kanaal exploiteren, om de kosten van de terbeschikkingstelling van de frequenties te dekken, de coördinatie ervan en de bijhorende controlekosten. Dit recht wordt "recht voor de terbeschikkingstelling van de frequenties" genoemd.
  Bij elke eerste beschikbaarstelling van een frequentieband, wordt dit recht voor de terbeschikkingstelling van de frequenties verhoogd met een bijzonder bestanddeel, dat uniek en ondeelbaar is en bestemd om het Ministerie van Landsverdediging schadeloos te stellen, overeenkomstig de bepalingen van artikel 8, § 5.
  § 2. Die rechten zijn vooraf betaalbaar op het rekeningnummer dat door het Instituut wordt meegedeeld.
  De eerste betaling van het recht voor het beheer van de vergunning wordt verricht binnen een termijn van dertig dagen te rekenen vanaf de notificatie van de vergunning. Het recht wordt berekend naar rato van het aantal maanden dat nog overblijft tot 31 december van het lopende jaar.
  Het recht voor de terbeschikkingstelling van elk bijkomend kanaal wordt betaald binnen dertig dagen volgend op de indienststelling van dat kanaal naar rato van het aantal maanden dat nog overblijft tot 31 december van het lopende jaar.
  Voor de toepassing van de bepalingen van de twee voorgaande leden moet elke onvolledige maand voor een volle maand worden aangerekend.
  [8 De rechten voor de terbeschikkingstelling van de frequenties voor de kanalen die buiten dienst worden gesteld, zijn verschuldigd prorata het aantal afgelopen dagen van het betreffende jaar.]8
  § 3. Onverminderd de bepalingen van de voorgaande paragrafen, worden het recht voor het beheer van de vergunning en het recht voor de terbeschikkingstelling van de frequenties uiterlijk op 31 januari van het jaar waarop de rechten in kwestie betrekking hebben, betaald.
  Rechten die niet zijn betaald op de vastgestelde vervaldatum geven, van rechtswege en zonder ingebrekestelling, aanleiding tot een intrest tegen het wettelijke tarief verhoogd met 2 %. Die intrest wordt berekend naar rato van het aantal kalenderdagen achterstand.
  Bovendien kan de Minister in geval van niet-betaling van de rechten binnen de toegestane termijn, overeenkomstig artikel 24 van dit besluit de DCS-1800-operator een boete opleggen.
  § 4. De in paragraaf 1 van dit artikel vermelde bedragen van de rechten worden elk jaar op 1 januari aangepast aan het indexcijfer van de consumptieprijzen.
  De aanpassing gebeurt met behulp van de coëfficiënt die bekomen wordt door het indexcijfer van de maand december die voorafgaat aan de maand januari in de loop waarvan de aanpassing zal plaatsvinden, te delen door het indexcijfer van de maand december 1994. Bij de berekening van die coëfficiënt wordt deze afgerond tot het hogere of lagere tienduizendste naargelang het cijfer van de eenheden al of niet vijf bereikt. Na de toepassing van de coëfficiënt worden de bekomen bedragen afgerond tot het hogere duizendtal franken.
  Uiterlijk 10 dagen voor de vervaldatum deelt het Instituut aan de DCS-1800-operator het geïndexeerde bedrag mee van de verschuldigde rechten. Bij uitblijven van een mededeling van het geïndexeerde bedrag, is de DCS-1800-operator verplicht het niet-geïndexeerde bedrag van de rechten te betalen. Het Instituut laat hem het verschil weten.
  De eventuele betwisting van de berekening van de indexering schorst geenszins de verplichting het bedrag te betalen dat door het Instituut is meegedeeld.

Artikel 17 De DCS-1800-operator wordt lid van alle door het Instituut aangewezen internationale organisaties, die belast zijn met vragen in verband met de normalisatie en de exploitatie van het DCS-1800-mobilofoniesysteem. Hij neemt op eigen kosten deel aan de werkzaamheden van de betrokken organisaties wat de DCS-1800 betreft.
  Binnen een termijn van drie maanden volgend op de toekenning van de vergunning stelt de DCS-1800-operator alles in het werk om zich aan te sluiten bij het protocol bij de overeenkomst. Het Instituut legt de verdeling vast van de stemmen en van de financiële bijdragen van de Belgische deelnemers aan het protocol bij de overeenkomst.

Artikel 18 De DCS-1800-operator is gehouden financieel bij te dragen in het fonds voor de universele dienstverlening inzake telecommunicatie overeenkomstig de van kracht zijnde wettelijke en reglementaire bepalingen.
  Op verzoek van het Instituut, verstrekt de DCS-1800-operator alle noodzakelijke informatie om zijn bijdrage in het fonds voor de universele dienstverlening inzake telecommunicatie te berekenen.

Sectie 8. Diverse bepalingen

Artikel 19 § 1. De DCS-1800-operator treft alle redelijke maatregelen teneinde de vertrouwelijkheid van de berichten die via zijn netwerk worden uitgewisseld en de bescherming van de inlichtingen over zijn abonnees te garanderen, met name wat hun lokalisatie betreft.
  De DCS-1800-operator neemt alle vereiste maatregelen om onwettig gebruik van zijn netwerk te voorkomen.
  (Na raadpleging van de betrokken partijen bepaalt de Minister de systemen die de operator toepast om diefstal van eindapparatuur en frauduleus of onwettig gebruik van zijn netwerk te bestrijden. De Minister stelt de praktische regels vast met betrekking tot de toepassing van die systemen door de operator, met name de termijn voor de indienststelling en de principes inzake voorlichting van de klanten.) <KB 2002-10-10/35, Art. 2, 004; En vigueur : 11-11-2002>
  § 2. De DCS-1800-operator is verplicht aan zijn personeelsleden in het kader van hun arbeidsovereenkomst, bepalingen op te leggen inzake de verplichting tot vertrouwelijkheid bij de behandeling van informatie over de gebruikers van zijn netwerk.
  § 3. De DCS-1800-operator is verplicht zijn medewerking te verlenen aan de gerechtelijke instanties en aan de hulpdiensten volgens de van kracht zijnde wettelijke en reglementaire bepalingen.
  De DCS-1800-operator werkt met de hulpdiensten in België mee om hen in staat te stellen met een zo groot mogelijke doeltreffendheid in te grijpen.

Artikel 20 § 1. De DCS-1800-operator bezorgt aan het Instituut de type-overeenkomst die hij met zijn abonnees afsluit.
  De DCS-1800-operator biedt zijn abonnees de mogelijkheid een gedetailleerde en duidelijke factuur te ontvangen voor de diensten die hij hen levert.
  § 2. De DCS-1800-operator stelt op eigen kosten een dienst in die belast is met het behandelen van klachten vanwege de klanten.
  Indien het geschil blijft bestaan, kunnen de gebruikers zich wenden tot de ombudsdienst, waarvan sprake in de wet van 21 maart 1991 betreffende de hervorming van sommige economische overheidsbedrijven. Daartoe wordt er een overeenkomst gesloten tussen de DCS-1800-operator en deze ombudsdienst : die overeenkomst bepaalt de nadere regels inzake de behandeling van de klachten, alsook de tegemoetkoming van de DCS-1800-operator in de werkingskosten van de ombudsdienst. Die overeenkomst wordt aan het Instituut overgezonden.
  § 3. De DCS-1800-operator licht zijn abonnees op correcte en volledige wijze in over de risico's die inherent zijn aan het gebruik van mobilofonie-eindapparatuur, in het bijzonder wat de gevaren betreft die kunnen ontstaan door het gebruik van die uitrusting bij het besturen van een voertuig enerzijds, en de storingen die deze uitrusting kan veroorzaken op medische apparatuur anderzijds.

Artikel 21 De dienst van de DCS-1800-operator kan geheel of gedeeltelijk worden onderbroken op bevel van de openbare overheid die de schorsing oplegt van de radio-elektrische uitzendingen.
  Het netwerk kan eventueel opgeëist worden door de openbare overheid.
  Voor de maatregelen bedoeld in voorgaande leden wordt geen enkele vergoeding toegekend.

Sectie 9. Toezicht en sancties

Artikel 22 § 1. Het Instituut controleert de naleving door de DCS-1800-operator van de voorwaarden van dit besluit en van zijn vergunning.
  § 2. De DCS-1800-operator is ertoe gehouden op verzoek van het Instituut alle informatie te verstrekken over de staat van de aanleg van zijn netwerk, de commercialisering van de diensten en zijn financiële toestand.
  De DCS-1800-operator verleent gratis zijn medewerking bij elk met redenen omkleed verzoek van het Instituut dat bedoeld is om na te gaan of de bepalingen van dit besluit en van zijn vergunning worden nageleefd.
  De DCS-1800-operator verleent toegang tot zijn kantoren en installaties aan de behoorlijk geaccrediteerde vertegenwoordigers van het Instituut om het hun mogelijk te maken de vereiste controles uit te voeren.
  § 3. De DCS-1800-operator stelt het Instituut gratis tien dienstaansluitingen op zijn DCS-1800-net ter beschikking om het de ambtenaren mogelijk te maken na te gaan of de bepalingen van dit besluit en de voorwaarden van de vergunning worden nageleefd. Die aansluitingen kunnen worden onderworpen aan sommige beperkingen inzake het verkeer, welke tussen de DCS-1800-operator en het Instituut zullen moeten worden overeengekomen.
  § 4. Alle inlichtingen die de ambtenaren van het Instituut vanwege de operator krijgen om de naleving van de bepalingen van dit besluit en van zijn vergunning na te gaan, zijn gedekt door de verplichting van het beroepsgeheim. Die bepaling belet echter niet dat het Instituut de voorwaarden van de toekenning van de licentie bekendmaakt die geen informatie van vertrouwelijke aard bevatten.

Artikel 23 § 1. Vanaf de uitreiking van de vergunning tot de commerciële opening van de dienst maakt de DCS-1800-operator op de eerste werkdag van elke maand aan het Instituut een rapport over dat de noodzakelijke inlichtingen bevat welke het Instituut in staat stellen de vooruitgang en de inwerkingstelling van het net van de DCS-1800-operator te beoordelen. Het formaat waaronder dit rapport door de DCS-1800-operator dient overgezonden wordt door het Instituut medegedeeld.
  § 2. De DCS-1800-operator publiceert halfjaarlijks een verslag over de volgende verschillende kwaliteitsindiciën van de aangeboden dienst :
  1° dekking van het grondgebied;
  2° "roaming"-akkoorden die met andere mobilofonieoperatoren zijn gesloten;
  3° blokkeringskans van de oproepen in beide verkeersrichtingen;
  4° verbrekingskans van de oproepen;
  5° luisterkwaliteit;
  6° aanbod van bijkomende diensten;
  7° termijn voor de aansluiting van de nieuwe abonnees;
  8° frequentie en duur van de storingen;
  9° antwoordtijd van zijn dienst voor bijstand aan de abonnees.
  De praktische regels inzake de presentatie van dat verslag worden door het Instituut vastgelegd in overleg met de DCS-1800-operator.
  § 3. De DCS-1800-operator moet uiterlijk voor 30 juni van elk jaar, aan het Instituut een rapport zenden over zijn activiteiten gedurende het voorgaande jaar : dit rapport vermeldt onder meer de evolutie, maand per maand, van het totale aantal abonnees van zijn diensten.

Artikel 24 § 1. De Ministerraad kan op ieder ogenblik, op voorstel van de Minister en na advies van het Instituut, de vergunning schorsen of intrekken indien de DCS-1800-operator zich niet houdt aan de bepalingen van dit besluit of aan de voorwaarden van zijn vergunning.
  § 2. De schorsing of intrekking wordt steeds voorafgegaan door een ingebrekestelling vanwege het Instituut welke de DCS-1800-operator de kans biedt zich in regel te stellen. De DCS-1800-operator beschikt over ten minste een maand tijd om zijn toestand te regulariseren. Die termijn kan worden verlengd naar gelang van de aard van de vastgestelde inbreuk.
  Op zijn verzoek wordt de DCS-1800-operator door het Instituut gehoord.
  Geen enkele schorsing of intrekking geeft aanleiding tot enige vergoeding, noch tot een terugbetaling van het geheel of van een deel van het concessierecht betaald overeenkomstig artikel 15, noch tot de terugbetaling van de rechten die eventueel overeenkomstig de artikelen 11, § 1, en 16 van dit besluit zijn betaald.
  § 3. De Minister kan, op voorstel van het Instituut, een boete opleggen aan de DCS-1800-operator, in geval van niet-naleving van de bepalingen van dit besluit of van de voorwaarden van zijn vergunning gedurende meer dan drie maanden te rekenen vanaf de datum van de ingebrekestelling. Deze boete mag niet meer bedragen dan twintig maal het bedrag van de jaarlijkse rechten van artikel 16 van dit besluit.
  De praktische regels met betrekking tot de toepassing van deze boetes worden door de Minister vastgelegd : de procedure bevat de mogelijkheid voor de DCS-1800-operator zich te rechtvaardigen voor de vastgestelde tekortkomingen.
  § 4. De DCS-1800-operator legt, voor de commerciële opening van zijn dienst, aan het Instituut een schriftelijke borgstelling bij een financiële instelling voor ten belope van het maximumbedrag van de boetes die hem eventueel overeenkomstig dit artikel kunnen worden opgelegd.
  De Minister kan een beroep doen op de borgstelling in geval van niet-betaling binnen de dertig dagen na het geldig gemotiveerde verzoek om betaling van de uit hoofde van dit artikel opgelegde boetes.
  De borgstelling vervalt van rechtswege uiterlijk een jaar na de commerciële opening van de dienst, zoals bepaald in de vergunning. Dit zal, van rechtswege, vroeger gebeuren zodra door een controle van het Instituut bepaald is dat de DCS-1800-operator aan de verplichtingen vastgelegd in zijn vergunning voor de commerciële opening van zijn dienst heeft voldaan.

Hoofdstuk 2. Procedure voor de toekenning van de vergunning om een eerste DCS1800net op te zetten en te exploiteren

Sectie 1. Doel van de procedure en vestiging van de kandidaturen

Artikel 25
  <Opgeheven bij KB 2010-12-22/37, Art. 10, 007; Inwerkingtreding : 04-02-2011>

Artikel 26
  <Opgeheven bij KB 2010-12-22/37, Art. 10, 007; Inwerkingtreding : 04-02-2011>

Sectie 2. Indienen van de kandidaturen

Artikel 27
  <Opgeheven bij KB 2010-12-22/37, Art. 10, 007; Inwerkingtreding : 04-02-2011>

Artikel 28
  <Opgeheven bij KB 2010-12-22/37, Art. 10, 007; Inwerkingtreding : 04-02-2011>

Artikel 29
  <Opgeheven bij KB 2010-12-22/37, Art. 10, 007; Inwerkingtreding : 04-02-2011>

Artikel 30
  <Opgeheven bij KB 2010-12-22/37, Art. 10, 007; Inwerkingtreding : 04-02-2011>

Artikel 31
  <Opgeheven bij KB 2010-12-22/37, Art. 10, 007; Inwerkingtreding : 04-02-2011>

  Adeling III. - Onderzoek van de kandidaturen.

Artikel 32
  <Opgeheven bij KB 2010-12-22/37, Art. 10, 007; Inwerkingtreding : 04-02-2011>

Artikel 33
  <Opgeheven bij KB 2010-12-22/37, Art. 10, 007; Inwerkingtreding : 04-02-2011>

Sectie 4. Toekenning van de vergunning

Artikel 34
  <Opgeheven bij KB 2010-12-22/37, Art. 10, 007; Inwerkingtreding : 04-02-2011>

Artikel 35
  <Opgeheven bij KB 2010-12-22/37, Art. 10, 007; Inwerkingtreding : 04-02-2011>

Hoofdstuk 3. Slotbepalingen

Artikel 36 Dit besluit treedt in werking de dag waarop het in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt.

Artikel 37 Onze Minister van Telecommunicatie is belast met de uitvoering van dit besluit.