Koninklijk besluit tot uitvoering van hoofdstuk 5 " Regeling van bepaalde aspecten van de elektronische informatie-uitwisseling tussen de actoren van de strijd tegen de illegale arbeid en de sociale fraude " van titel 5 van het eerste boek van het Sociaal Strafwetboek
- Section :
- Législation
- Source :
- Numac 2013009345
Texte original :
Ajoutez le document à un dossier
()
pour commencer à l'annoter.
Artikel 1De sociaal inspecteurs van de volgende sociale inspectiediensten maken hun processen-verbaal tot vaststelling van inbreuken aan overeenkomstig artikel 100/2 van het Sociaal Strafwetboek :
1° de Algemene Directie Toezicht op de sociale wetten van de Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg;
2° de Sociale Inspectie van de Federale Overheidsdienst Sociale Zekerheid;
3° de inspectiedienst van de Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening;
4° de Algemene Directie van de inspectiediensten van de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid;
[1 5° de Algemene Directie Toezicht op het Welzijn op het Werk van de Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg.]1
[2 6° de Dienst voor administratieve controle van het Rijksinstituut voor Ziekte- en Invaliditeitsverzekering;
7° de Inspectie van het Rijksinstituut voor de sociale verzekeringen der zelfstandigen.]2
Artikel 2Tijdens de overgangsperiode die loopt tot [3 31 december 2017]3 wordt het e-PV op papieren drager gesteld en ondertekend met een handgeschreven handtekening.
[3 De Minister van Justitie kan bepalen dat de overgangsperiode loopt tot een datum vóór 31 december 2017, naargelang de ter beschikking stelling van de nodige technische middelen.]3
Artikel 3De kennisgeving bedoeld in artikel 65, eerste lid, van het Sociaal Strafwetboek gebeurt [4 elektronisch]4.
De kennisgeving bedoeld in artikel 65, tweede lid, van hetzelfde Wetboek gebeurt elektronisch.
De kennisgeving bedoeld in artikel 65, derde lid, van hetzelfde Wetboek gebeurt bij een ter post aangetekend schrijven.
Artikel 3/1 [5 De kennisgeving bedoeld bij artikel 65, eerste lid, van het Sociaal Strafwetboek gebeurt met gewone brief tijdens de overgangsperiode die loopt tot 31 december 2017.
De Minister van Justitie kan bepalen dat de overgangsperiode loopt tot een datum vóór 31 december 2017, naargelang de ter beschikking stelling van de nodige technische middelen.]5
Artikel 4 De sociaal inspecteurs, het administratief personeel en de leidend ambtenaren van de in artikel 1 bedoelde sociale inspectiediensten hebben toegang tot de databank e-PV overeenkomstig artikel 100/10, §§ 1 en 2, van het Sociaal Strafwetboek.
Artikel 5 De Eerste Minister, de minister bevoegd voor Sociale Zekerheid, de minister bevoegd voor Zelfstandigen, de minister bevoegd voor Justitie, de minister bevoegd voor Werk en de staatssecretaris voor de Bestrijding van de sociale en de fiscale fraude zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.
1° de Algemene Directie Toezicht op de sociale wetten van de Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg;
2° de Sociale Inspectie van de Federale Overheidsdienst Sociale Zekerheid;
3° de inspectiedienst van de Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening;
4° de Algemene Directie van de inspectiediensten van de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid;
[1 5° de Algemene Directie Toezicht op het Welzijn op het Werk van de Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg.]1
[2 6° de Dienst voor administratieve controle van het Rijksinstituut voor Ziekte- en Invaliditeitsverzekering;
7° de Inspectie van het Rijksinstituut voor de sociale verzekeringen der zelfstandigen.]2
Artikel 2Tijdens de overgangsperiode die loopt tot [3 31 december 2017]3 wordt het e-PV op papieren drager gesteld en ondertekend met een handgeschreven handtekening.
[3 De Minister van Justitie kan bepalen dat de overgangsperiode loopt tot een datum vóór 31 december 2017, naargelang de ter beschikking stelling van de nodige technische middelen.]3
Artikel 3De kennisgeving bedoeld in artikel 65, eerste lid, van het Sociaal Strafwetboek gebeurt [4 elektronisch]4.
De kennisgeving bedoeld in artikel 65, tweede lid, van hetzelfde Wetboek gebeurt elektronisch.
De kennisgeving bedoeld in artikel 65, derde lid, van hetzelfde Wetboek gebeurt bij een ter post aangetekend schrijven.
Artikel 3/1 [5 De kennisgeving bedoeld bij artikel 65, eerste lid, van het Sociaal Strafwetboek gebeurt met gewone brief tijdens de overgangsperiode die loopt tot 31 december 2017.
De Minister van Justitie kan bepalen dat de overgangsperiode loopt tot een datum vóór 31 december 2017, naargelang de ter beschikking stelling van de nodige technische middelen.]5
Artikel 4 De sociaal inspecteurs, het administratief personeel en de leidend ambtenaren van de in artikel 1 bedoelde sociale inspectiediensten hebben toegang tot de databank e-PV overeenkomstig artikel 100/10, §§ 1 en 2, van het Sociaal Strafwetboek.
Artikel 5 De Eerste Minister, de minister bevoegd voor Sociale Zekerheid, de minister bevoegd voor Zelfstandigen, de minister bevoegd voor Justitie, de minister bevoegd voor Werk en de staatssecretaris voor de Bestrijding van de sociale en de fiscale fraude zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.
- 1: KB 2013-12-26/18, Art. 1, 002; Inwerkingtreding : 01-01-2014>
- 2: KB 2016-12-25/15, Art. 1, 005; Inwerkingtreding : 31-12-2016>
- 3: Ingevoegd bij KB 2016-12-25/15, Art. 3, 005; Inwerkingtreding : 31-12-2016>
- 4: KB 2014-12-19/43, Art. 1, 003; Inwerkingtreding : 31-12-2014>
- 5: KB 2016-12-25/15, Art. 2, 005; Inwerkingtreding : 31-12-2016>