Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 17 juli 1974 waarbij bijslagen worden verleend aan sommige gerechtigden van de wetten betreffende de schadeloosstelling voor beroepsziekten, gecoördineerd op 3 juni 1970
- Section :
- Législation
- Source :
- Numac 2023201546
Texte original :
Ajoutez le document à un dossier
()
pour commencer à l'annoter.
Artikel 1 Artikel 1, § 2, van het koninklijk besluit van 17 juli 1974 waarbij bijslagen worden verleend aan sommige gerechtigden van de wetten betreffende de schadeloosstelling voor beroepsziekten, gecoördineerd op 3 juni 1970, laatst gewijzigd bij het koninklijk besluit van 21 juli 2021, wordt aangevuld met een lid, luidende:
"Vanaf het jaar 2023 is deze coëfficiënt vastgesteld op 1,2203.".
Artikel 2 In artikel 5 van hetzelfde besluit, laatst gewijzigd bij het koninklijk besluit van 21 juli 2021, wordt tussen het zestiende en het zeventiende lid het volgende lid ingevoegd, luidende : "Indien de begindatum van de arbeidsongeschiktheid ten gevolge de beroepsziekte is vastgesteld ten laatste op 31 december 2007, wordt deze coëfficiënt vanaf 1 juli 2023 vastgesteld op 1,0095.".
Artikel 3 In artikel 5bis van hetzelfde besluit, laatst gewijzigd bij het koninklijk besluit van 21 juli 2021, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° het tweede lid wordt vervangen als volgt:
"In afwijking van het voorgaande lid wordt het bedrag van de uitkering behorend bij een arbeidsongeschiktheid, bedoeld in artikel 5, verhoogd met een coëfficiënt van 1,02 op 1 januari 2016, als de begindatum van de arbeidsongeschiktheid te wijten aan de beroepsziekte is vastgesteld tussen 1 januari 2010 en 31 december 2010 inbegrepen, en verhoogd met een coëfficiënt van 1,02 op 1 januari 2018, als de begindatum van de arbeidsongeschiktheid te wijten aan de beroepsziekte is vastgesteld tussen 1 januari 2012 en 31 december 2012 inbegrepen, en verhoogd met een coëfficiënt van 1,02 op 1 januari 2020, als de begindatum van de arbeidsongeschiktheid te wijten aan de beroepsziekte is vastgesteld tussen 1 januari 2015 en 31 december 2015 inbegrepen, en verhoogd met een coëfficiënt van 1,02 op 1 juli 2021, als de begindatum van de arbeidsongeschiktheid te wijten aan de beroepsziekte is vastgesteld tussen 1 januari 2016 en 31 december 2016 inbegrepen, en verhoogd met een coëfficiënt van 1,02 op 1 januari 2022, als de begindatum van de arbeidsongeschiktheid te wijten aan de beroepsziekte is vastgesteld tussen 1 januari 2017 en 31 december 2017 inbegrepen, en verhoogd met een coëfficiënt van 1,02 op 1 juli 2023, als de begindatum van de arbeidsongeschiktheid te wijten aan de beroepsziekte is vastgesteld tussen 1 januari 2018 en 31 december 2018 inbegrepen, en verhoogd met een coëfficiënt van 1,02 op 1 januari 2024, als de begindatum van de arbeidsongeschiktheid te wijten aan de beroepsziekte is vastgesteld tussen 1 januari 2019 en 31 december 2019 inbegrepen.".
2° het derde lid wordt vervangen als volgt:
"Met ingang van 1 september 2009, op 1 september 2010, op 1 september 2011, op 1 september 2012, op 1 september 2013, op 1 september 2014, op 1 september 2015, op 1 januari 2016, op 1 september 2017, 1 januari 2018, op 1 september 2019, op 1 januari 2020, op 1 juli 2021, op 1 januari 2022, op 1 juli 2023 en op 1 januari 2024, is de verhoging van de coëfficiënt bedoeld in voorgaande 2 leden, voor de uitkering behorend bij een arbeidsongeschiktheid, bedoeld in artikel 1, niet van toepassing.".
Artikel 4 Artikel 5ter van hetzelfde besluit, laatst gewijzigd bij het koninklijk besluit van 21 juli 2021 is niet van toepassing in 2023 en in 2024.
Artikel 5 Dit besluit treedt in werking op 1 juli 2023.
Artikel 6 De minister bevoegd voor Sociale Zaken is belast met de uitvoering van dit besluit.
"Vanaf het jaar 2023 is deze coëfficiënt vastgesteld op 1,2203.".
Artikel 2 In artikel 5 van hetzelfde besluit, laatst gewijzigd bij het koninklijk besluit van 21 juli 2021, wordt tussen het zestiende en het zeventiende lid het volgende lid ingevoegd, luidende : "Indien de begindatum van de arbeidsongeschiktheid ten gevolge de beroepsziekte is vastgesteld ten laatste op 31 december 2007, wordt deze coëfficiënt vanaf 1 juli 2023 vastgesteld op 1,0095.".
Artikel 3 In artikel 5bis van hetzelfde besluit, laatst gewijzigd bij het koninklijk besluit van 21 juli 2021, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° het tweede lid wordt vervangen als volgt:
"In afwijking van het voorgaande lid wordt het bedrag van de uitkering behorend bij een arbeidsongeschiktheid, bedoeld in artikel 5, verhoogd met een coëfficiënt van 1,02 op 1 januari 2016, als de begindatum van de arbeidsongeschiktheid te wijten aan de beroepsziekte is vastgesteld tussen 1 januari 2010 en 31 december 2010 inbegrepen, en verhoogd met een coëfficiënt van 1,02 op 1 januari 2018, als de begindatum van de arbeidsongeschiktheid te wijten aan de beroepsziekte is vastgesteld tussen 1 januari 2012 en 31 december 2012 inbegrepen, en verhoogd met een coëfficiënt van 1,02 op 1 januari 2020, als de begindatum van de arbeidsongeschiktheid te wijten aan de beroepsziekte is vastgesteld tussen 1 januari 2015 en 31 december 2015 inbegrepen, en verhoogd met een coëfficiënt van 1,02 op 1 juli 2021, als de begindatum van de arbeidsongeschiktheid te wijten aan de beroepsziekte is vastgesteld tussen 1 januari 2016 en 31 december 2016 inbegrepen, en verhoogd met een coëfficiënt van 1,02 op 1 januari 2022, als de begindatum van de arbeidsongeschiktheid te wijten aan de beroepsziekte is vastgesteld tussen 1 januari 2017 en 31 december 2017 inbegrepen, en verhoogd met een coëfficiënt van 1,02 op 1 juli 2023, als de begindatum van de arbeidsongeschiktheid te wijten aan de beroepsziekte is vastgesteld tussen 1 januari 2018 en 31 december 2018 inbegrepen, en verhoogd met een coëfficiënt van 1,02 op 1 januari 2024, als de begindatum van de arbeidsongeschiktheid te wijten aan de beroepsziekte is vastgesteld tussen 1 januari 2019 en 31 december 2019 inbegrepen.".
2° het derde lid wordt vervangen als volgt:
"Met ingang van 1 september 2009, op 1 september 2010, op 1 september 2011, op 1 september 2012, op 1 september 2013, op 1 september 2014, op 1 september 2015, op 1 januari 2016, op 1 september 2017, 1 januari 2018, op 1 september 2019, op 1 januari 2020, op 1 juli 2021, op 1 januari 2022, op 1 juli 2023 en op 1 januari 2024, is de verhoging van de coëfficiënt bedoeld in voorgaande 2 leden, voor de uitkering behorend bij een arbeidsongeschiktheid, bedoeld in artikel 1, niet van toepassing.".
Artikel 4 Artikel 5ter van hetzelfde besluit, laatst gewijzigd bij het koninklijk besluit van 21 juli 2021 is niet van toepassing in 2023 en in 2024.
Artikel 5 Dit besluit treedt in werking op 1 juli 2023.
Artikel 6 De minister bevoegd voor Sociale Zaken is belast met de uitvoering van dit besluit.