Paritair Subcomité voor de zagerijen en aanverwante nijverheden. - Collectieve arbeidsovereenkomst van 31 augustus 1995. - Arbeidsduur .

Date :
31-08-1995
Langue :
Français Néerlandais
Taille :
1 page
Section :
Législation
Source :
Numac 1995083153

Texte original :

Ajoutez le document à un dossier () pour commencer à l'annoter.
Hoofdstuk 1. Toepassingsgebied

Artikel 1 Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op de werkgevers en de werklieden die ressorteren onder het Paritair Subcomité voor de zagerijen en aanverwante nijverheden.
  Onder "werklieden", wordt verstaan de werklieden en werksters.

Hoofdstuk 2. Juridisch kader

Artikel 2 Deze overeenkomst is in uitvoering van het protocol akkoord 1995 - 1996 gesloten en heeft tot doel de toestand inzake arbeidsduur in de ondernemingen van de sector te verduidelijken.

Hoofdstuk 3. Arbeidsduur

Artikel 3 De wekelijkse arbeidsduur is op 38 uur per week vastgesteld.
  De toepassingsmodaliteiten van de wekelijkse arbeidsduur worden op ondernemingen vastgesteld.

Artikel 4 Bij afwijking op de bepalingen van artikel 3, mogen de ondernemingen die op 31 december 1994 40 uur per week nog toepasten en die de door dit artikel vastgestelde voorwaarden vervullen deze wekelijkse arbeidsduur blijven toepassen.
  De ondernemingen die dit artikel inroepen moeten :
  1° bewijzen dat zij tijdens het vierde kwartaal van de jaren 1982 en 1994 minder dan 10 werknemers tewerkstelden;
  2° aan de voorzitter van het Paritair Subcomité voor de zagerijen en aanverwante nijverheden voor 31 december 1995 de in artikel 5 vastgestelde inlichtingen doorsturen.

Hoofdstuk 4. Te verstrekken inlichtingen

Artikel 5 De ondernemingen die de bepalingen van artikel 4 inroepen moeten aan de voorzitter van het Paritair Subcomité voor de zagerijen en aanverwante nijverheden de volgende inlichtingen doorsturen :
  1° het bewijs dat zij nog 40 uur per week op 31 december 1994 toepasten;
  2° het bewijs dat zij minder dan 10 werknemers tewerkstelden tijdens het vierde kwartaal van de jaren 1982 en 1994.
  Het bewijs van het aantal tewerkgestelde werknemers wordt door een afschrift van de Rijksdienst voor sociale zekerheid aangiften geleverd waaruit het aantal tewerkgestelde werknemers wordt vastgesteld.
  De onderneming die in het bezit van een afschrift van zijn Rijksdienst voor sociale zekerheid aangifte betreffende het vierde kwartaal 1982 niet meer is levert het bewijs van het aantal tewerkgestelde werknemers volgens de wijze die zij het meest opportuun acht. Haar dossier wordt door de voorzitter aan het in de schoot van het paritair subcomité opgericht Beperkt Comité voorgelegd.

Hoofdstuk 5. Doorzending van de inlichtingen

Artikel 6 Ten laatste op 15 januari 1996, verstuurt de Voorzitter van het paritair subcomité aan de erin zetelende organisaties de lijst van de ondernemingen die artikel 4 inroepen.
  Zodra het Beperkt Comité het dossier heeft onderzocht van de ondernemingen die niet meer in het bezit zijn van een afschrift van hun Rijksdienst voor sociale zekerheid aangifte betreffende het vierde kwartaal 1982, betekent de voorzitter hen de beslissing van dit Comité.

Artikel 7 De voorzitter van het paritair subcomité maakt aan de Inspectie van Sociale Wetten de lijst over van de ondernemingen waar de wekelijkse arbeidsduur blijft vastgesteld op 40 uren.

Hoofdstuk 6. Slotbepalingen

Artikel 8 Deze collectieve arbeidsovereenkomst treedt op 1 januari 1995 in werking en is voor onbepaalde duur gesloten.
  Ze kan door iedere partij opgezegd worden mits betekening per aangetekende brief, aan de voorzitter van het Paritair Subcomité voor de zagerijen en aanverwante nijverheden van een opzegging van 3 maanden.
  Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 30 mei 1997.
  (Voor het KB, zie %%1997-05-30/44%%).
  De Minister van Tewerkstelling en Arbeid,
  Mevr. M. SMET